Gastronello en de witlofproducent Thomas Cools hebben een Food Waste Award 2020 gewonnen, een initiatief van de vzw FoodWIN die strijdt tegen voedselverspilling. Volgens witlofproducent Thomas Cools gaat een derde van de oogst verloren: "Vanwege de abnormale vorm of grootte van de stronkjes of omdat de buitenste blaren vuil zijn. Door het grootste deel daarvan te verwerken tot witlofkroketten wordt het verlies beperkt tot 5 procent."

Jus met perskoek

Thomas Cools werkt voor de verwerking van het witlofafval samen met Traicar bv, dat in de horeca het merk Gastronello voert. Zaakvoerder Carl Meskens legt uit dat het afval gewassen en daarna geperst wordt. Dat persen levert een jus op met de specifieke smaak van grondwitlof. Die jus, een bindingsmiddel en de perskoek vormen samen de ingrediënten voor een witlofkroket. "We zijn meer dan een jaar bezig geweest om de samenstelling van het product goed te krijgen. Witlof bevat heel veel vocht en dat is niet best voor kroketten. Daar hebben we aan moeten sleutelen", legt Carl Meskens uit. Volgens hem kunnen witlofkroketten worden gegeten als garnituur bij een hoofdgerecht, als voorgerecht of als apertiefhapje.

Een derde van de witlofoogst gaat verloren vanwege de abnormale vorm of grootte van de stronkjes, of omdat de buitenste blaren vuil zijn' Thomas Cools, witlofproducent

Afgeremd door corona

Corona heeft de lancering van de witlofkroket parten gespeeld. Gastronello levert voornamelijk aan horecagrossiers, maar nu de horeca noodgedwongen stilligt om het coronavirus te beteugelen, is dat afzetkanaal zo goed als afgesloten. Vakbeurzen voor de horeca, waar het product geproefd kan worden, kunnen evenmin doorgaan. De retail is een alternatief, al is ook daar degustatie niet mogelijk. Traicar werkt nu samen met partners in andere marktsegmenten om het ambachtelijke, handgerolde grondwitlofkroketje aan de man te brengen.

Seizoensproduct

Grondwitlof is een seizoensproduct. De oogstperiode loopt van oktober tot maart. Dat betekent voor Gastronello dat het in die periode voor een heel jaar moet produceren. Witlof wordt in twee stappen geteeld. Eerst worden de witlofwortels ingezaaid. Ze worden geoogst, in de grond naast elkaar gezet en afgedekt met aarde. Daar groeit het witlof uit zoals de consument het kent. Gastronello werkt met grondwitlof, omdat dat volgens Carl Meskens de meeste smaak heeft. Hij stipt ook aan dat zijn bedrijf in het hogere marktsegment opereert.

Hydrocultuur

Naast grondwitlof is er ook witlof dat op basis van hydrocultuur wordt geteeld. De wortels komen dan in metalen containers van 30 centimeter hoog. "Die worden in een trekcel met een constante temperatuur geplaatst", zegt Luc Vanoirbeek, de algemeen secretaris van VBT/Boerenbond, het Verbond van Belgische Tuinbouwcoöperaties. "De producent laat daar water met een voedingsoplossing door lopen om het witlof te doen groeien." De wortels hoeven niet allemaal in één keer verwerkt te worden. Ze kunnen gekoeld worden bewaard. Op die manier zijn de telers erin geslaagd het seizoen vroeger te starten en het later af te sluiten. Tegenwoordig wordt enkel in de zomermaanden geen witlof verbouwd.

Nationale trots

Witlof wordt onze nationale trots genoemd. Het wordt vooral in ons land geteeld, en daarnaast ook in Nederland en Frankrijk, en hier en daar in Duitsland en Zwitserland. Luc Vanoirbeek schat dat 70 à 80 procent van de Belgische productie ook hier verkocht wordt. "De Belgische retail koopt Belgisch. De appetijt voor Frans witlof is kleiner. Dat is een andere variëteit met grotere stronken." Witlof valt niet zo in de smaak bij jongeren. Vanoirbeek: "Er is al van alles geprobeerd, zoals het witlof in de hapjescultuur te introduceren, maar de bittere smaak schrikt jongeren af."

40 miljoen

witlof wordt elk jaar bij de Belgische veilingen aangeleverd.

2,8 kilo

witlof per hoofd wordt per jaar in België gekocht, volgens het marktonderzoeks- bureau GfK. In 2008 werd nog 4,3 kilo per hoofd verkocht.

1474 hectare

landbouwgrond werd in 2019 gebruikt voor de teelt van witlof- wortelen.

Gastronello en de witlofproducent Thomas Cools hebben een Food Waste Award 2020 gewonnen, een initiatief van de vzw FoodWIN die strijdt tegen voedselverspilling. Volgens witlofproducent Thomas Cools gaat een derde van de oogst verloren: "Vanwege de abnormale vorm of grootte van de stronkjes of omdat de buitenste blaren vuil zijn. Door het grootste deel daarvan te verwerken tot witlofkroketten wordt het verlies beperkt tot 5 procent." Thomas Cools werkt voor de verwerking van het witlofafval samen met Traicar bv, dat in de horeca het merk Gastronello voert. Zaakvoerder Carl Meskens legt uit dat het afval gewassen en daarna geperst wordt. Dat persen levert een jus op met de specifieke smaak van grondwitlof. Die jus, een bindingsmiddel en de perskoek vormen samen de ingrediënten voor een witlofkroket. "We zijn meer dan een jaar bezig geweest om de samenstelling van het product goed te krijgen. Witlof bevat heel veel vocht en dat is niet best voor kroketten. Daar hebben we aan moeten sleutelen", legt Carl Meskens uit. Volgens hem kunnen witlofkroketten worden gegeten als garnituur bij een hoofdgerecht, als voorgerecht of als apertiefhapje. Corona heeft de lancering van de witlofkroket parten gespeeld. Gastronello levert voornamelijk aan horecagrossiers, maar nu de horeca noodgedwongen stilligt om het coronavirus te beteugelen, is dat afzetkanaal zo goed als afgesloten. Vakbeurzen voor de horeca, waar het product geproefd kan worden, kunnen evenmin doorgaan. De retail is een alternatief, al is ook daar degustatie niet mogelijk. Traicar werkt nu samen met partners in andere marktsegmenten om het ambachtelijke, handgerolde grondwitlofkroketje aan de man te brengen. Grondwitlof is een seizoensproduct. De oogstperiode loopt van oktober tot maart. Dat betekent voor Gastronello dat het in die periode voor een heel jaar moet produceren. Witlof wordt in twee stappen geteeld. Eerst worden de witlofwortels ingezaaid. Ze worden geoogst, in de grond naast elkaar gezet en afgedekt met aarde. Daar groeit het witlof uit zoals de consument het kent. Gastronello werkt met grondwitlof, omdat dat volgens Carl Meskens de meeste smaak heeft. Hij stipt ook aan dat zijn bedrijf in het hogere marktsegment opereert. Naast grondwitlof is er ook witlof dat op basis van hydrocultuur wordt geteeld. De wortels komen dan in metalen containers van 30 centimeter hoog. "Die worden in een trekcel met een constante temperatuur geplaatst", zegt Luc Vanoirbeek, de algemeen secretaris van VBT/Boerenbond, het Verbond van Belgische Tuinbouwcoöperaties. "De producent laat daar water met een voedingsoplossing door lopen om het witlof te doen groeien." De wortels hoeven niet allemaal in één keer verwerkt te worden. Ze kunnen gekoeld worden bewaard. Op die manier zijn de telers erin geslaagd het seizoen vroeger te starten en het later af te sluiten. Tegenwoordig wordt enkel in de zomermaanden geen witlof verbouwd. Witlof wordt onze nationale trots genoemd. Het wordt vooral in ons land geteeld, en daarnaast ook in Nederland en Frankrijk, en hier en daar in Duitsland en Zwitserland. Luc Vanoirbeek schat dat 70 à 80 procent van de Belgische productie ook hier verkocht wordt. "De Belgische retail koopt Belgisch. De appetijt voor Frans witlof is kleiner. Dat is een andere variëteit met grotere stronken." Witlof valt niet zo in de smaak bij jongeren. Vanoirbeek: "Er is al van alles geprobeerd, zoals het witlof in de hapjescultuur te introduceren, maar de bittere smaak schrikt jongeren af."