De EU-leiders willen onderhandelen met landen uit Noord-Afrika over de uitbouw van centra buiten de Europese Unie om daar economische migranten te scheiden van vluchtelingen, zo laat Europees president Donald Tusk weten. Die piste moest volgens staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) al lang worden bewandeld. Vier vragen aan Theo Francken.
...

De EU-leiders willen onderhandelen met landen uit Noord-Afrika over de uitbouw van centra buiten de Europese Unie om daar economische migranten te scheiden van vluchtelingen, zo laat Europees president Donald Tusk weten. Die piste moest volgens staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) al lang worden bewandeld. Vier vragen aan Theo Francken.THEO FRANCKEN. "Al maanden zit Europa in een impasse over het dossier van de Dublin-hervorming. Het water tussen de landen is heel diep. De lidstaten waar de migranten voor het eerst aankomen, zoals Italië en Griekenland, vragen meer solidariteit. De bestemmingslanden, zoals België en Duitsland, vragen meer verantwoordelijkheid van de anderen en de Oost-Europese lidstaten verzetten zich tegen elke vorm van verplichte spreiding. "Iedereen is het er wel over eens dat er meer aandacht moet komen voor de externe dimensie van het beleid: een correct en efficiënt terugkeerbeleid, een strategische samenwerking met derde landen, een versterkte grensbewaking, ... Ik pleit daar al vier jaar voor. Ik stel vast dat zo'n nieuw migratiebeleid nu algemeen aanvaard is en dat ook politici van cruciale landen zoals Italië, Duitsland of Oostenrijk zich daar nu sterk voor uitspreken."FRANCKEN. "We zijn gestegen van 20 naar 40 procent. Dat is nog altijd een buis, maar we werken eraan. Er is een masterplan voor gesloten centra dat leidt tot meer terugkeercapaciteit. Meer dan ooit worden akkoorden gesloten met landen van herkomst. Er is nooit meer terugkeer georganiseerd van illegale criminelen vanuit de gevangenis dan onder dit mandaat. Maar omdat de rechtspraak steeds verder gaat in de bescherming van de rechten van de vreemdeling, is het almaar moeilijker verwijderingen uit te voeren."Wat de cijfers betreft: er zijn ook meervoudige bevelen. Een persoon kan vier uitwijzingsbevelen hebben, maar kan maar een keer worden uitgewezen. De statistieken die het aantal uitwijzingen tegenover het aantal afgeleverde bevelen uitzet in een jaar kloppen dus niet. Bovendien kan een bevel in een ander jaar uitgevoerd worden dan het jaar waarin het werd uitgeschreven. Dus opletten dat men geen appelen met peren vergelijkt. In totaal verwijderen we jaarlijks zo'n 11.000 personen." FRANCKEN. "De wet is strenger geworden tijdens de vorige legislatuur, tijdens de regering van lopende zaken. Het was een Zweedse coalitie avant la lettre, en een van de eerste keren in lange tijd dat een migratiewet is aangepast zonder steun van de PS. Dat heeft zich laten zien, de voorwaarden zijn een stuk strenger gemaakt."Het is niet correct te stellen dat het gaat om niet-Europeanen die 'het land zijn binnengekomen'. Een kind dat bijvoorbeeld in een gezin niet-Europeanen dat in België verblijft, wordt geboren, krijgt een verblijfskaart onder de titel 'gezinshereniging'. Maar vanzelfsprekend gaat het niet over iemand nieuws die via migratie is 'binnengekomen'. In de eerste twee jaar van de legislatuur (2015-2016) zijn er van de 33.000 kaarten voor gezinshereniging niet minder dan 12.900 voor kinderen geboren in België. Dus het aantal nieuwe binnenkomsten is niet 33.000, maar ongeveer 20.000."Het is bovendien belangrijk op te merken dat die verstrenging van de gezinshereniging niet van toepassing is op vluchtelingen. Zij zijn in het eerste jaar na de erkenning vrijgesteld van de voorwaarden. Door de Europese asielcrisis van 2015 is de gezinshereniging door vluchtelingen ongeveer verdrievoudigd. Van de 20.000 nieuwe binnenkomsten van niet-Europeanen zijn ongeveer 6000 het gevolg van bovengemiddeld hoge cijfers door de asielcrisis. Die factor was nieuw deze legislatuur. "Als we met die twee factoren rekening houden (kinderen geboren in België en extra impact door asielcrisis) en die zouden aftrekken van het totaal, zijn in de eerste twee jaren van deze legislatuur 14.000 nieuwe binnenkomsten van niet-Europeanen via gezinshereniging. Dat is veel, maar minder dan onder de laatste twee jaren van de vorige legislatuur: 15.400." FRANCKEN. "In 2015 hadden we de grootste migratiecrisis sinds de Tweede Wereldoorlog. Daardoor werden we geconfronteerd met een hoge instroom van passieve migratie. Dat kwam omdat het aantal asielaanvragen zo hoog lag door de asielcrisis in 2015. Daarnaast zijn wij blijven inzetten op actieve migratie. Dat doen we aan de hand van circulaire migratie. Een voorbeeld is een project waarin Tunesische jongeren met een diploma de kans krijgen stage te lopen in Belgische bedrijven die ook een exploitatiezetel of activiteiten in Tunesië hebben. Die stage duurt zo'n drie maanden en wordt voortgezet bij het Belgische bedrijf in Tunesië. De bedoeling is jonge studenten te laten kennismaken met het bedrijfsleven en ervaring op te doen zodat zij makkelijker kunnen doorstromen naar een beroep zodra ze afstuderen."