Nog nooit hadden bedrijven zo massaal en zo snel last van hun geweten. Het rijtje westerse multinationals dat zich spontaan terugtrekt uit de Russische markt wordt elke dag langer (in blauw kader onderaan). Het heeft ooit veel meer moeite gekost om bedrijven een geweten te schoppen, zoals ten tijde van het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime.
...

Nog nooit hadden bedrijven zo massaal en zo snel last van hun geweten. Het rijtje westerse multinationals dat zich spontaan terugtrekt uit de Russische markt wordt elke dag langer (in blauw kader onderaan). Het heeft ooit veel meer moeite gekost om bedrijven een geweten te schoppen, zoals ten tijde van het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime. In 1977 ontstonden in de VS de zogeheten Sullivan Principles, een gedragscode voor Amerikaanse bedrijven actief in Zuid-Afrika. De code bevatte regels over gelijk loon voor gelijk werk, non-segregatie op de werkplek en opleidingen voor zwarte werknemers. Tegen 1985 had amper 128 van de 284 Amerikaanse bedrijven in Zuid-Afrika de Sullivan Principles ondertekend. Na een reeks stakingen in de jaren 80 hield de autoproducent Ford het voor even bekeken in het land, maar van een 'vertrekgolf' was weinig te merken. "Amerikaanse bedrijven blijven actief in Zuid-Afrika omdat het winstgevend is. Apartheid maakt het winstgevend", schreef een professor bedrijfsfinanciering in het campusblad van de Amerikaanse universiteit MIT in 1985. "Deze bedrijven betalen miljoenen dollars aan belastingen waarmee politie, gevangenissen en bewapening betaald worden voor de instandhouding van het apartheidsregime."In die tijd moesten activisten en verlichte professoren de bedrijven tot betere gedachten brengen. Nu lijkt het vanzelf te gaan. Ook Erik Buyst, hoogleraar economische geschiedenis aan de KU Leuven, staat er met enige verbazing naar te kijken. "Dit moet uniek zijn", zegt Buyst. "We hebben al eerder gezien hoe bedrijven een land ontvluchtten, maar dat was vaak uit vrees voor nationaliseringen. Denk maar aan de Cubaanse revolutie van de jaren 50. In 1959 confisqueerde het Cubaanse regime bijvoorbeeld de lokale bezittingen van United Fruit Company, de Amerikaanse fruithandel die veel plantages had in Latijns-Amerika."Ook de communistische revolutie van 1917 in Rusland liep uit op nationaliseringen, onder meer van Belgische bedrijfsactiva. "De Belgische ondernemers hadden hun activa niet op tijd kunnen weghalen", zegt Buyst. "Pechvogels waren onder meer de holding Société Générale de Belgique, maar ook de Belgische zakentycoon Edouard Empain, die aan het einde van de 19de eeuw in Rusland tramlijnen met elektrische tractie had aangelegd. De Belgen hebben toen veel verloren, ook in Oekraïne, dat tot 1917 deel had uitgemaakt van Rusland. Daar hadden de Belgen een soort duplicaat uitgebouwd van de zware industrie in Wallonië. Vrees voor nationaliseringen door het Russische regime is er in de huidige crisis niet meteen bij."Wat drijft bedrijven dan wel? Vrees voor imagoschade bij blijvende aanwezigheid in Rusland? "Dat zal meespelen, zeker voor de grote bedrijven", zegt Buyst. "Maar ik geloof dat bedrijven in de eerste plaats gedreven worden door het hachelijke winstpotentieel. Het is moeilijk zakendoen in Rusland, allereerst door de rechtsonzekerheid. Er is een permanent gevaar dat je de Poetin-clan op een of andere manier tegen de kar rijdt. Grote bedrijven krijgen dan rechtszaken aan hun been, wegens belastingontduiking of andere voorwendsels. Bovendien wordt een ondernemer in Rusland vaak met corruptie geconfronteerd. Westerse rechtbanken zijn daar tegenwoordig streng voor, ook voor corruptie gepleegd in het buitenland. Ongetwijfeld zijn veel bedrijven aan het wikken en wegen. Bedrijven die het al moeilijk hadden in Rusland, zien nu een kans om hun biezen te pakken."Uiteraard vertrekken bedrijven ook omdat de internationale sancties tegen Rusland een normale werking in het land onmogelijk maken. Anderzijds speelt bij veel bedrijven een soort politiek bewustzijn. "Dat is de primeur", zegt Buyst. "Het ligt in de lijn van de activistische aandeelhouders die we tegenwoordig zien. Ze zetten bijvoorbeeld oliebedrijven onder druk om zich terug te trekken uit de winning van fossiele brandstoffen. Ook andere bedrijven hebben schrik van activistische aandeelhouders. Zij zouden zich kunnen roeren tegen bedrijven met vestigingen in Rusland."Maar in de huidige crisis overstijgen de bedrijven hun vrees voor activistische aandeelhouders. "De enorme brutaliteit van deze oorlog heeft ondernemers aan het denken gezet. Wie had gedacht dat in de 21ste eeuw nog een echte oorlog zou uitbreken in de Europese achtertuin, compleet met grondtroepen en bombardementen van burgerdoelwitten? Eerlijk gezegd had ik niet verwacht om dat nog mee te maken in mijn leven. Dat ondenkbare bepaalt ongetwijfeld de houding veel ondernemers."Uiteraard is Rusland een kleine markt, wat een terugtrekking minder kostelijk maakt. Mocht China Taiwan binnenvallen, dan zouden de westerse multinationals allicht heel wat meer moeite hebben om zich terug te trekken uit de enorme Chinese markt. "Anderzijds is Rusland een potentieel interessante markt, die de vertrekkers nu zullen mislopen. Rusland is een schatkamer aan grondstoffen en mineralen. Een degelijk bewind zou een echte economische boom tot stand kunnen brengen in Rusland. Der enorme mogelijkheden komen niet aan de oppervlakte door het slechte beleid. Dat is het drama van Rusland. Vroeger hield het communistische regime het potentieel onder de knoet. Onder president Vladimir Poetin is het niet veel beter."De toekomst ziet er niet bijster goed uit. Ook al eindigt de oorlog relatief snel, dan nog ziet Buyst de bedrijven snel terugkeren. "Zolang Poetin blijft zitten, is het Koude Oorlog 2.0. Zakendoen met het land van Poetin, dat is een afgesloten hoofdstuk. We moeten nu goed letten op onze houding tegenover Rusland. Laten we die houding verzwakken, dan rest ons enkel de vraag welke de volgende prooi van Poetin zal zijn. Het zal erop aankomen ons been stijf te houden. De nieuwe Koude Oorlog kan nog heel lang duren."