Vakbonden en werkgevers raakten het in januari van dit jaar niet eens over een nieuw loonakkoord voor de periode 2019-2020. Voor de vakbonden is een loonsverhoging van 0,8 procent bovenop de index de komende twee jaar onvoldoende, terwijl de werkgevers naar de wet wijzen. Volgens de huidige wet kunnen de lonen de komende twee jaar maximaal met 0,8 procent stijgen.

Na afloop van een meeting met de premier, minister van Werk Kris Peeters en minister van Sociale Zaken Maggie De Block benadrukten de werkgevers vragende partij te zijn voor een snelle hervatting van het overleg. 'Wij willen een akkoord maken. Maar daarvoor moet je met twee zijn. Onze deur staat open. Als we willen tot een akkoord komen is het mogelijk', aldus Pieter Timmermans, gedelegeerd bestuurder van het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO).

De vakbonden - die eerder op de dag gesprekken voerden met de premier - willen dat de regering de loonwet aanpast, zodat meer mogelijk is dan 0,8 procent bovenop de index. Maar die eis is volgens Timmermans in de huidige politieke context niet realistisch. 'Er is meer te bereiken aan de onderhandelingstafel', zegt Timmermans. 'Onze deur staat open. We kunnen onderhandelen, bijvoorbeeld over een tussenkomst voor openbaar vervoer, over maaltijdcheques, over bonussen', verduidelijkt hij.

Er liggen volgens de VBO-topman voldoende ingrediënten op tafel om 'een lekker gerecht' te maken. Ook de gedelegeeerd bestuurder van ondernemersorganisatie Unizo, Danny Van Assche, toonde zich na afloop van de ontmoeting vragende partij om tot een interprofessioneel akkoord te komen. 'Wij zijn bereid rond de tafel te gaan zitten. We willen graag een interprofessioneel akkoord. Dat moet lukken.' Hij benadrukte het belang van zo'n loonaakkoord voor de Belgische economie. 'Ons land kan stabiliteit gebruiken', voegt hij eraan toe.