Even hebben we gedacht dat het coronajaar 2020 het eerste grote scharnierjaar van de 21ste eeuw zou worden. Bij nader inzien maakt 2022 een veel grotere kans om straks als een disruptief en historisch jaar geboekstaafd te staan. Lees er de vooruitzichten in de speciale Trends van deze week, die wij maken in samenwerking met The Economist, maar eens op na. Veel is in beweging. Veel staat op kantelen.

U kent de feiten. Oorlog in Europa, met een energie-, industriële - en economische crisis als gevolg. De globalisering - decennialang de motor van onze welvaart - is op de terugweg. Tussen het Westen en China stijgt de spanning, en de opkomende landen onderschrijven niet zomaar ons democratische marktmodel. Zelf willen we strategisch belangrijke sectoren en grondstoffen dichterbij huis houden, in plaats van er alleen maar de beste prijs voor te betalen. De opeenvolgende aanbodschokken en de oververhitte arbeidsmarkt leiden dan weer tot inflatiecijfers die van ver voor de globalisering lijken te dateren. Net als de dure energie is ook de krappe arbeidsmarkt een blijver. De bevolkingen in Europa, China, Japan en in mindere mate de VS worden steeds ouder. En op de achtergrond is de klimaatcrisis jaar na jaar meer voelbaar. Veel van deze bewegingen zijn niet nieuw, maar in 2022 zijn ze op scherp gezet.

Straks zullen we zeggen: 'Alles begon in 2022'

Het Westen heeft lang de weg van de minste weerstand bewandeld. Poetin hadden we beter meteen geïsoleerd na zijn agressie op de Krim in 2014. De Chinezen hadden we veel eerder aan eerlijke concurrentieregels moeten houden, in plaats van ons te laven aan hun spotgoedkope massaproductie en onze eigen maakindustrie de wacht aan te zeggen. De inflatie was nooit zo hoog opgelopen als we minder afhankelijk waren geweest van Russische energie en als we het monetaire beleid sneller hadden verstrakt. Goedkope energie, goedkope import, goedkoop geld,... Dat feestje is voorbij.

Het goede nieuws is dat we in 2022 een stuk naïviteit zijn kwijtgeraakt. Het besef groeit dat het zonder daadkracht dit decennium niet meer zal lukken. De energiecrisis zal ons sterker maken als we massaal investeren in een duurzame en brede energiemix. Fossiel moet eruit. Hoe sneller, hoe beter. Alvast tegen de Russen hebben we geleerd onze waarden te verdedigen. Laat ons ook ernstig rekening houden met een oorlog om Taiwan, de chipfabriek van de wereld. Hoe minder afhankelijk we zijn van China, hoe groter de kans dat die oorlog er niet komt. De Europese maakindustrie gevoelig versterken, zou een topprioriteit moeten zijn. Dat vergt een ernstig energie- en grondstoffenbeleid en strengere regels voor onze handelspartners. Maar er zullen ook handjes nodig zijn. Daarom zijn behapbaar werk voor iedereen, een nieuw sociaal contract met al wie kan maar misschien niet (meer) wil werken, en gecontroleerde migratie belangrijk. Ten slotte baren ook de naweeën van het monetaire feestje zorgen. We weten hoe snel de situatie op de financiële markten kan keren. Niet alleen Italië is kwetsbaar. België zou er goed aan doen niet langer de slechtste begroting van de eurozone na te streven.

De decennia van het makkelijke succes liggen achter ons. Een 'zesje' is niet meer goed genoeg. Dat geldt voor zowat alles wat we doen: ons onderwijs, onze begroting, onze tewerkstellingsgraad, de lengte van onze loopbanen, de normen die de landbouw en de industrie moeten respecteren, onze energieproductie en ons energieverbruik, onze mobiliteit, ons samenlevingsmodel, ons veiligheidsbeleid,... Nergens zal de weg van de minste weerstand nog tot resultaten leiden. Een ramp hoeft dat niet te zijn. Het kan straks goed leven zijn in een Europa dat draait op hernieuwbare energie, dat een gezonde financiële basis heeft en hoogwaardige, circulaire producten 'made in Europe' op de markt brengt. In dat geval zullen we zeggen: "Alles begon in 2022".

Even hebben we gedacht dat het coronajaar 2020 het eerste grote scharnierjaar van de 21ste eeuw zou worden. Bij nader inzien maakt 2022 een veel grotere kans om straks als een disruptief en historisch jaar geboekstaafd te staan. Lees er de vooruitzichten in de speciale Trends van deze week, die wij maken in samenwerking met The Economist, maar eens op na. Veel is in beweging. Veel staat op kantelen. U kent de feiten. Oorlog in Europa, met een energie-, industriële - en economische crisis als gevolg. De globalisering - decennialang de motor van onze welvaart - is op de terugweg. Tussen het Westen en China stijgt de spanning, en de opkomende landen onderschrijven niet zomaar ons democratische marktmodel. Zelf willen we strategisch belangrijke sectoren en grondstoffen dichterbij huis houden, in plaats van er alleen maar de beste prijs voor te betalen. De opeenvolgende aanbodschokken en de oververhitte arbeidsmarkt leiden dan weer tot inflatiecijfers die van ver voor de globalisering lijken te dateren. Net als de dure energie is ook de krappe arbeidsmarkt een blijver. De bevolkingen in Europa, China, Japan en in mindere mate de VS worden steeds ouder. En op de achtergrond is de klimaatcrisis jaar na jaar meer voelbaar. Veel van deze bewegingen zijn niet nieuw, maar in 2022 zijn ze op scherp gezet. Het Westen heeft lang de weg van de minste weerstand bewandeld. Poetin hadden we beter meteen geïsoleerd na zijn agressie op de Krim in 2014. De Chinezen hadden we veel eerder aan eerlijke concurrentieregels moeten houden, in plaats van ons te laven aan hun spotgoedkope massaproductie en onze eigen maakindustrie de wacht aan te zeggen. De inflatie was nooit zo hoog opgelopen als we minder afhankelijk waren geweest van Russische energie en als we het monetaire beleid sneller hadden verstrakt. Goedkope energie, goedkope import, goedkoop geld,... Dat feestje is voorbij. Het goede nieuws is dat we in 2022 een stuk naïviteit zijn kwijtgeraakt. Het besef groeit dat het zonder daadkracht dit decennium niet meer zal lukken. De energiecrisis zal ons sterker maken als we massaal investeren in een duurzame en brede energiemix. Fossiel moet eruit. Hoe sneller, hoe beter. Alvast tegen de Russen hebben we geleerd onze waarden te verdedigen. Laat ons ook ernstig rekening houden met een oorlog om Taiwan, de chipfabriek van de wereld. Hoe minder afhankelijk we zijn van China, hoe groter de kans dat die oorlog er niet komt. De Europese maakindustrie gevoelig versterken, zou een topprioriteit moeten zijn. Dat vergt een ernstig energie- en grondstoffenbeleid en strengere regels voor onze handelspartners. Maar er zullen ook handjes nodig zijn. Daarom zijn behapbaar werk voor iedereen, een nieuw sociaal contract met al wie kan maar misschien niet (meer) wil werken, en gecontroleerde migratie belangrijk. Ten slotte baren ook de naweeën van het monetaire feestje zorgen. We weten hoe snel de situatie op de financiële markten kan keren. Niet alleen Italië is kwetsbaar. België zou er goed aan doen niet langer de slechtste begroting van de eurozone na te streven. De decennia van het makkelijke succes liggen achter ons. Een 'zesje' is niet meer goed genoeg. Dat geldt voor zowat alles wat we doen: ons onderwijs, onze begroting, onze tewerkstellingsgraad, de lengte van onze loopbanen, de normen die de landbouw en de industrie moeten respecteren, onze energieproductie en ons energieverbruik, onze mobiliteit, ons samenlevingsmodel, ons veiligheidsbeleid,... Nergens zal de weg van de minste weerstand nog tot resultaten leiden. Een ramp hoeft dat niet te zijn. Het kan straks goed leven zijn in een Europa dat draait op hernieuwbare energie, dat een gezonde financiële basis heeft en hoogwaardige, circulaire producten 'made in Europe' op de markt brengt. In dat geval zullen we zeggen: "Alles begon in 2022".