Het antwoord in de Verenigde Staten op de democratische Green New Deal van The Wall Street Journal, de intellectuele spreekbuis van de Republikeinen, liet niet lang op zich wachten. Ik citeer een artikel van Holman W. Jenkins, een van hun topjournalisten: "Voor een minuscule fractie van de kosten van de Green New Deal kunnen we het grootste deel van het klimaatprobleem oplossen door partikels in de lucht te injecteren."

Als die stelling grotendeels waar is, dan is het debat voor mij beslecht. Ik ben het stilaan beu dat tegenover het zorgvuldige werk van tienduizenden klimaatwetenschappers een slogan of dwaze anekdote wordt geplaatst. Tegenover ernstige wetenschappelijke modellen plaats je betere modellen, je plaatst er geen oneliners tegenover.

Je hoeft niet lang te zoeken naar wat Jenkins bedoelt. De onderzoeksploeg rond David Keith van Harvard maakt flinke vorderingen bij haar studie van de grootschalige klimaatafkoeling via de injectie van aerosolen, zowel in de samenstelling van het zwavelmengsel ('de partikels'), de aard van de vliegtuigen die nodig zullen zijn, als in het minimaliseren van de uitvoerig beschreven grote risico's. Wel zit alles nog in het stadium van het labo (lees: computersimulaties). Er moet dringend worden overgegaan tot grootschalige experimenten.

Er is helaas ook slecht nieuws. Vorig jaar hebben vijf topgeleerden in het gezaghebbende tijdschrift Nature hun fundamentele bezwaren geformuleerd. Volgens verschillende onderzoekers kunnen de neveneffecten catastrofaal zijn, de remedie erger dan de kwaal. David Keith werkt daaraan en boekt naar eigen zeggen grote vooruitgang. Maar je kunt het proces ook niet zomaar stoppen, en wat als een grote natie (ra ra welke?) zegt: alle neveneffecten komen op ons neer, we stoppen ermee, ons visbestand is op enkele maanden gehalveerd. Het meest geciteerde bezwaar tegen die aanpak is wat ideologisch: de groene hoek vreest dat de mensen te gerust zullen zijn, en alle inspanningen stoppen om CO2-uitstoot te reduceren, want ook met een (nog niet-bestaand) hitteschild blijft nog ongeveer de helft van de almaar stijgende hoeveelheid nieuwe CO2 over.

Kan geo-engineering het klimaat redden?'

Voor wereldwijde ingrepen moet je een wereldwijd beheer ontwikkelen. In Nairobi stootte de groep eco-ondernemende landen in maart op een veto van een bekend olievriendelijk clubje: de Verenigde Staten, Saudi-Arabië en Brazilië. Zij blokkeerden gewoonweg de aanzet tot verdere studie. The Economist wees op de ironie dat we alleen geo-engineering nodig hebben omdat de landen het maar niet eens raken om op bindende wijze de CO2-uitstoot wereldwijd aan te pakken. In Nairobi botste men op identiek hetzelfde probleem als bij de preventie-aanpak. De eigen economie gaat nog altijd boven alles. We zullen ons later wel met ons geld uit de penarie betalen.

En wat zegt professor Keith? "Iedereen moet er zich wel scherp van bewust zijn dat mijn oplossing het probleem helemaal niet doet verdwijnen. Naast geo-engineering moeten we drastisch en snel de CO2-uitstoot verminderen." Ik vrees dat bepaalde groepen de effectiviteit van geo-engineering zullen opblazen. The Wall Street Journal in zijn hemd zetten, zou ik dat noemen.

Voor intellectuele oneerlijkheid zoals in The Wall Street Journal, en al te vaak in het klimaatdebat, is het einde van mijn geduld in zicht. De feiten, de cijfers, de studies, de modellen zijn er. Ik volg de uitspraak van de Nobelprijs-winnaar François Englert: "Misprijzen voor kennis jaagt me angst aan." The Wall Street Journal heeft te veel bij de hond met vlooien, de leugenmachine Donald Trump, gelegen. Het klimaatprobleem is ernstig en sinds enkele jaren weten we ook dat het dringend is geworden. Economisch en technologisch kunnen we het nog altijd aan. Het is nog niet te laat. Scholieren en bedrijfsleiders, academici en kunstenaars tonen hun sense of urgency. Nu nog de politici.