Alain Mouton

De balans: te veel negatieve framing over beperkte werkloosheidsuitkeringen

Alain Mouton Journalist

Deze maand verliezen 22.000 mensen hun werkloosheidsuitkering. De voorbije weken werden we overspoeld met verhalen over de persoonlijke drama’s die dat veroorzaakt. Over het motiverende effect van de beperking van de uitkeringen in de tijd bleef het stil. Net als over de positieve omgevingsfactoren: de Belgische arbeidsmarkt is krap.

Sinds 1 januari worden werkloosheidsuitkeringen in België niet langer onbeperkt in de tijd uitbetaald.  Die hervorming raakt bijna 200.000 Belgen. In Wallonië en Brussel is de impact het grootst: 132.000 mensen zullen er tussen nu en 2028 hun uitkering verliezen. In verhouding tot de totale bevolking zijn de gevolgen kleiner voor Vlaanderen: hier komen 63.000 werklozen in het vizier.

Volgens RVA-cijfers zouden deze maand 22.000 mensen hun uitkering verliezen. Een tweede golf volgt in maart en een derde in april. Dat leidt tot persoonlijke drama’s. Door de onbeperkte uitkeringsduur hebben langdurig werklozen een vrijwel onmogelijk te overbruggen afstand ten opzichte van de arbeidsmarkt opgebouwd.

De voorbije dagen waren de getuigenissen in de media over mensen die hun uitkering verliezen nauwelijks bij te houden. Velen zullen de stap zetten naar het OCMW en een leefloon aanvragen. De OCMW’s stellen zich vragen over de manier waarop ze die gestegen vraag naar leeflonen moeten opvangen. Allemaal terechte bedenkingen, maar de slinger is in de berichtgeving en de analyses door tal van arbeidsmarktexperts te veel in één richting doorgeslagen. Uiteraard is de beperking van de uitkeringen in de tijd naar Belgische normen een ingrijpende maatregel. Maar de negatieve framing errond mag nu wel stoppen.

VDAB en Forem zien positieve signalen

Waar zijn om te beginnen de verhalen van de mensen die met het oog op het verlies van een uitkering wel actief naar een baan hebben gezocht en die gevonden hebben? Pas vandaag komt Het Laatste Nieuws met VDAB-cijfers dat 13 procent van de Vlamingen die eind januari hun uitkering verliezen ondertussen een baan hebben gevonden.

Een paar maanden geleden kwam de Waalse arbeidsbemiddelingsdienst Forem met het nieuws dat een stijgend aantal Waalse werklozen dat zijn uitkering dreigde te verliezen toch een baan vindt. Dat aandeel steeg tussen augustus en september 2025 steeg met 20 procent. Er is dus wel degelijk een positieve impact en die cijfers kunnen motiverend werken.

Lees ook: ‘Langdurig werklozen komen in een perfecte storm terecht’

Helaas werd die evolutie, onder meer door de vakbonden, al snel weggerelativeerd. Die werklozen zouden grotendeels contracten van beperkte duur aangeboden krijgen en dus in een precaire situatie blijven. Dat klopt niet. In verschillende sectoren is te horen dat het vierde motief voor uitzendarbeid aan belang wint, naast de traditionele motieven (vervanging, tijdelijke vermeerdering van werk en uitzonderlijk werk). Dat vierde motief is de instroom van uitzendkrachten met het oog op een vaste aanwerving. Het geeft bedrijven de kans om via uitzendwerk een kandidaat te testen voor een vaste aanwerving.

Drama’s vermijden

Onafhankelijk Vlaams Parlementslid Maurits Vande Reyde sloeg op LinkedIn de nagel op de kop met de volgende analyse: “We zijn in ons land zo fel doorgeschoten in de gedachte dat de overheid voor alles moet zorgen, dat de eerste reflex bij de stopzetting van de eeuwige werkloosheidsuitkering is: ‘Hoe gaan OCMW’s dat allemaal kunnen opvangen met een leefloon?’ In plaats van: ‘Welke van de vele openstaande vacatures gaan deze mensen kunnen invullen?’”

Waar men ook niet over spreekt, is dat de beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd net de bedoeling heeft om de sociale drama’s waar nu de focus op ligt in de toekomst te vermijden. Het nieuwe systeem, gekoppeld met een betere activering, moet vermijden dat het legioen van langdurig werklozen te groot wordt. Het is ook een signaal aan de bevolking dat de werkloosheidsuitkering een vergoeding is voor wie een tijdlang geen baan heeft, maar geen volwaardig inkomenssysteem is. Daar bestaan andere uitkeringen voor, zoals inderdaad het leefloon.

Academici keken weg van de realiteit

De voorbije dagen waarschuwden enkele analisten dat de lage economische groei een slecht moment is om de werkloosheidsuitkeringen in de tijd te beperken. Dat is niet zo.  Akkoord, in het derde kwartaal van 2025 waren er 159.613 vacatures bij Belgische ondernemingen, tegenover 163.562 in het tweede kwartaal van 2025.

De vacaturegraad – het aantal vacatures ten opzichte van het totale aantal arbeidsplaatsen in de onderneming – is gedaald van 3,91 naar 3,84 procent. Maar dat is nog altijd het op één na hoogste cijfer van de Europese Unie. De Belgische arbeidsmarkt blijft zeer krap.

De academici-arbeidsmarktexperts die zich nu in het debat over de beperkte werkloosheidsuitkeringen mengen, zouden beter daaraan wat meer aandacht  besteden. Overigens: hun rol in deze discussie was in de voorbije jaren op zijn minst dubbelzinnig, om niet te zeggen nefast. Terwijl werkloosheidsuitkeringen overal in Europa in de tijd zijn beperkt mét een positieve impact op de werkzaamheidsgraad, bleef men aan onze universiteiten het Belgische systeem te lang verdedigen, en dat niet alleen bij het aan Beweging.net/ACW-gelieerde HIVA aan de KU Leuven. Pas zeer laat durfden die kringen de sociaaleconomische realiteit onder ogen te zien.

BEKIJK – Dit is waarom we werkloosheidsuitkeringen al na 3 maanden moeten laten uitdoven

Partner Expertise