Het is een verhandelbaar schuldbewijs, uitgegeven door een (semi-)overheid of een bedrijf.
Verwacht nettorendement
Voor alle obligaties wereldwijd verwachten we de komende vijf jaar een gemiddeld jaarlijks nettorendement van 2,5 à 3 procent.
Karakteristieken
Met een obligatie verstrekt u een lening aan een onderneming, een semi-overheid of een overheid. In ruil krijgt u rente of een coupon. Als alles goed gaat, krijgt u op de vervaldag uw volledige kapitaal terug. U kunt de obligatie ook voor de vervaldag verkopen aan andere beleggers. De jaarlijkse coupon kan vast of variabel zijn. Als het bedrijf betalingsproblemen krijgt, recupereren de obligatiehouders meestal een deel van hun inleg, omdat ze vooraan in de rij met schuldeisers staan.
Meestal zijn bedrijfsobligaties voorbehouden voor grote beleggers, die in schijven van 100.000 euro of zelfs meer kunnen betalen. Bedrijven geven slechts af en toe obligaties uit met een inleg van 1.000 euro euro. Overheden geven wel vaak wel kleine coupures uit, zoals dat heet.
2025
Als een Belgisch bedrijf een obligatie uitgeeft voor kleine beleggers, moet u er snel bij zijn. Kinepolis bracht in november een obligatie met een nettorendement van 3,5 procent op jaarbasis en een looptijd van vijf jaar uit. De inschrijvingsperiode werd na één dag afgesloten, omdat de vraag groter was dan het aanbod.
De Europese Centrale Bank (ECB) verlaagde de rente in 2025 vier keer met 25 basispunten. De Amerikaanse centrale bank (Fed) verlaagde de rente een derde keer bij de vergadering in december. De centrale banken beïnvloeden vooral de rente op obligaties met een korte looptijd. Voor lange looptijden spelen de inflatieverwachtingen een grote rol. Economen verwachten dat de Fed de rente in 2026 nog twee keer zal verlagen en de ECB nul of één keer.
Bescherming
Hoe veilig uw geld is, hangt ten eerste af van de uitgever van de obligatie. De scores die kredietbeoordelaars als S&P, Moody’s en Fitch aan landen en bedrijven geven, kunnen een hulpmiddel zijn om de kredietwaardigheid of de terugbetalingscapaciteit van de emittent te beoordelen. Ten tweede is er een hiërarchie in de obligatietypes. Met een achtergestelde of een eeuwigdurende obligatie neemt u meer risico, en u komt bij betalingsproblemen achter de gewone obligatiehouders. Ten derde zijn er wisselkoersrisico’s, als u investeert in obligaties in andere munten. Zakt die munt in waarde, dan krijgt u in euro minder dan uw inleg terug. De hogere rente die u in andere munten dan de euro kunt krijgen, compenseert voor een deel het wisselkoersrisico. De vuistregel is: hoe meer rendement, hoe meer risico.
Kosten
Als u inschrijft op nieuwe obligaties, zitten de kosten al in de uitgifteprijs verrekend. Reken op 1,5 à 2 procent kosten. U kunt ook bestaande obligaties kopen. De kosten daarvoor liggen doorgaans hoger dan voor aandelentransacties, omdat de obligatiehandel nog grotendeels tussen banken gebeurt en niet zo geautomatiseerd is als de aandelenhandel.
Fiscaliteit
Op de aan- en de verkoop van bestaande obligaties is 0,12 procent beursbelasting verschuldigd, met een maximum van 1.300 euro per transactie. Bij de uitgifte van obligaties komt geen beurstaks kijken. Van elke rentebetaling moet 30 procent roerende voorheffing afgetrokken worden. De meerwaarde die u realiseert bij de verkoop van een obligatie voor de vervaldag is niet langer belastingvrij. De details voor obligaties moeten nog worden uitgewerkt.
Duurzaam of niet?
Bedrijven kunnen groene, sociale of duurzame obligaties uitgeven, om projecten te financieren met een positieve impact op het klimaat, met een maatschappelijke impact of een mix van groene en sociale doelstellingen. Voor zulke obligaties moet er vooraf een framework zijn, waarin duidelijk staat waarvoor het opgehaalde geld kan dienen en er moet achteraf gerapporteerd worden over de geldbesteding.