Bestaat Triumph nog? Die vraag hoor je veel van buitenstaanders. Het was ooit een van de grote Britse merken. Zo reed Marlon Brando in The Wild One op een Triumph rond en niet op een Harley-Davidson. Maar net als de andere Britse merken ging Triumph in de jaren tachtig ten onder aan te weinig vernieuwing en te weinig oog voor de marktontwikkelingen.
...

Bestaat Triumph nog? Die vraag hoor je veel van buitenstaanders. Het was ooit een van de grote Britse merken. Zo reed Marlon Brando in The Wild One op een Triumph rond en niet op een Harley-Davidson. Maar net als de andere Britse merken ging Triumph in de jaren tachtig ten onder aan te weinig vernieuwing en te weinig oog voor de marktontwikkelingen. De ondernemer John Bloor kocht de merknaam op en startte met een schone lei. Hij liet een 900 cc driecilinder en een 1200 cc viercilinder ontwikkelen die de basis vormden voor een spiksplinternieuw en modern gamma. Dit jaar vierde het merk dat het al twintig jaar weer op de markt is. En het gaat Triumph redelijk voor de wind, al is het geen massamerk. Dat wil niet zeggen dat Triumph sommige segmenten links laat liggen. Met de Sprint GT zijn de Britten sinds deze zomer ook aanwezig op de markt van de touringmotoren die gemaakt zijn om lange ritten mee te maken. Het 900 cc-motorblok is al uitgegroeid tot een driepitter met een inhoud van 1050 cc. GT staat voor Grand Tourer. De GT is door ontwikkeling van de ST een sporttoermotor waarmee je ook redelijk sportief kunt rijden. Sportief wil dan zeggen: bochten pikken. Maar volgens Triumph biedt de Sprint GT meer praktische functies en nadrukkelijk meer focus op de toercapaciteiten van deze sportieve motorfiets. "Praktische inzetbaarheid is (...) de enige leidraad geweest bij de ontwikkeling van de GT." Daarbij wijst de producent op de zijkoffers met 31 liter capaciteit per stuk, het standaard ABS-remsysteem, de bagageruimte onder het zadel, het ingebouwde bagagerek met passagiershandgreep, de actieradius van 300 kilometer. Dit soort motoren wordt tegenwoordig ook veel ingezet voor woon-werkverkeer. Maar hoe valt hij mee in de dagelijkse praktijk? Hoe gedraagt hij zich in het fileverkeer? De krachtbron levert 130 pk, meer dan genoeg voor Belgische omstandigheden. De motor is krachtig, maar rond 5000 toeren wat rauw en dan zijn er ook trillingen voelbaar. De zitpositie is nog redelijk sportief. Op de snelweg is dat met vlot verkeer geen probleem. Maar bij lagere snelheden voel je druk op je handpalmen en polsen. De motor is gemakkelijk te besturen, maar de zijkoffers maken de motor in fileverkeer breed en minder handig. Het sportieve karakter blijkt ook uit de stroomlijn die dicht tegen de motor zit. Dat maakt dat je knieën er voor een deel uitsteken. De stroomlijnruit mag voor een GT gerust hoger: nu is er bij hogere snelheden veel winddruk op het hoofd en de schouders. Voor lange ritten is dat niet prettig. En als het regent, krijg je toch nog de volle laag. + Vermogen, toerkarakter - Stroomlijn te sportief, - stuur Motor: vloeistofgekoelde 1050 cc driecilinder in lijn, vier kleppen per cilinder, zes versnellingen, ketting-aandrijving Vermogen: 130 pk Zithoogte: 815 mm Gewicht (rijklaar): 268 kilo Tankinhoud: 20 liter Prijs: 13.940 euroad van poppel