Vorige week woensdag vergaderde het kernkabinet over besparingsmaatregelen in de ziekteverzekering voor 2005. Als het huidige uitgavenpatroon ongewijzigd blijft, zal het begrote budget van 17,4 miljard euro - voorzien voor 2005 - bijlange niet volstaan. Om dat begrotingsperspectief toch te halen, stelde minister van Sociale Zaken Rudy Demotte ( PS) een pakket maatregelen voor, die een besparing van 250 miljoen euro moeten opleveren.
...

Vorige week woensdag vergaderde het kernkabinet over besparingsmaatregelen in de ziekteverzekering voor 2005. Als het huidige uitgavenpatroon ongewijzigd blijft, zal het begrote budget van 17,4 miljard euro - voorzien voor 2005 - bijlange niet volstaan. Om dat begrotingsperspectief toch te halen, stelde minister van Sociale Zaken Rudy Demotte ( PS) een pakket maatregelen voor, die een besparing van 250 miljoen euro moeten opleveren. De reacties waren heftig. De Vlaamse ziekenhuizen eisten eerst de splitsing van de gezondheidszorg maar konden zich uiteindelijk toch vinden in de besparingsmaatregelen van de regering. De farmaceutische industrie - die 90 miljoen euro bijkomende besparingen moet slikken - aanvaardt het huidige beleid niet en eist overleg met de premier. En dit weekend kreeg Steve Stevaert ( SP.A) de steun van zowel VLD-voorzitter Bart Somers als van CD&V-patron Jo Vandeurzen toen hij zich uitsprak voor het Nieuw-Zeelandse model van openbare aanbesteding om de kostprijs van geneesmiddelen te drukken. Experts zijn het er allemaal over eens dat er iets moet gebeuren om de problematische financiering van de gezondheidszorg op te lossen. Over hoe dat moet gebeuren, bestaat veel minder eensgezindheid. De meest gehanteerde denkpistes zijn regionalisering, forfaitarisering en privatisering. Van de drie recepten zijn regionalisering en privatisering politiek onbespreekbaar. Via de forfaitarisering - vaste prijzen per pathologie - hoopt de regering nu zowel de overconsumptie in ziekenhuizen aan te pakken, alsook de communautaire splijtzwam van een gesplitste ziekteverzekering te bezweren. Politiek lijkt daarmee het blazoen opgepoetst, maar structureel blijft de gezondheidszorg in de ziekenboeg. Positief is alvast dat Demotte een begin maakt met het herzien van de spelregels. Toch fixeert Demotte zich slechts op een deel van de budgetoverschrijding. De forfaitterugbetalingen moeten een rem zijn op de overconsumptie in ziekenhuizen. Hoe goed die rem zal werken, blijft echter de vraag. Nergens is de discrepantie tussen de beleidsmaatregelen en de uitvoering in de praktijk zo groot als in de gezondheidszorg. Een andere oorzaak van de budgetontsporing ligt in de toenemende vraag van de patiënt. Een gedeeltelijke privatisering van de ziekteverzekering zou hier soelaas kunnen bieden, maar is voorlopig taboe. Toch stijgt geleidelijk het aandeel dat de patiënt betaalt in de gezondheidszorg. Ook het aanbod van de zogenaamde aanvullende verzekeringen groeit. Bovendien zijn de overheidsschuld en de stijgende factuur van de ziekteverzekering niet compatibel. De beleidsmakers kunnen beter toegeven dat het huidige systeem op termijn tekortschiet en vandaag al de spelregels voor een gedeeltelijke privatisering vastleggen. Zo vermijden ze paniekvoetbal wanneer de ethische discussie over wat nu precies in een 'basispakket' thuishoort, moet worden gevoerd. Roeland Byl