De regering-Michel raakt meer en meer in verkiezingsmodus. Veel diepgaande beleidsingrepen zullen er de komende maanden dus niet meer gebeuren. Toch houdt de socialistische vakbond ABVV de druk op de centrumrechtse ketel. ABVV-voorzitter Robert Vertenueil dacht aanvankelijk aan een nationale stakingsdag op 2 oktober, maar uiteindelijk wordt het een actie- en sensibiliseringsdag. "Wij verzetten ons tegen het jongste zomerakkoord. Dat bevat maatregelen die voor ons zeer moeilijk liggen, zoals de versnelde daling van de werkloosheidsuitkeringen", zegt algemeen secretaris Miranda Ulens. Zij is de nieuwe nummer twee en hoogste Vlaming in rang bij het ABVV.
...

De regering-Michel raakt meer en meer in verkiezingsmodus. Veel diepgaande beleidsingrepen zullen er de komende maanden dus niet meer gebeuren. Toch houdt de socialistische vakbond ABVV de druk op de centrumrechtse ketel. ABVV-voorzitter Robert Vertenueil dacht aanvankelijk aan een nationale stakingsdag op 2 oktober, maar uiteindelijk wordt het een actie- en sensibiliseringsdag. "Wij verzetten ons tegen het jongste zomerakkoord. Dat bevat maatregelen die voor ons zeer moeilijk liggen, zoals de versnelde daling van de werkloosheidsuitkeringen", zegt algemeen secretaris Miranda Ulens. Zij is de nieuwe nummer twee en hoogste Vlaming in rang bij het ABVV. MIRANDA ULENS. "Ik zie dat vier op de tien banen tijdelijk zijn. Dat zijn geen duurzame banen en dus hebben mensen niet de mogelijkheid plannen te maken op lange termijn. Dit is ons grootste verwijt: deze regering geeft jongeren onvoldoende kansen om voor zichzelf en hun gezin een toekomst uit te bouwen. Ik zie veel nieuwe deeltijdse banen, laagbetaalde banen, die vooral door vrouwen worden ingevuld. Dat leidt tot minder sociale bescherming. Het ABVV gaat voor vaste, voltijdse banen van onbepaalde duur. Als de regering-Michel zegt dat ze veel banen creëert, dan is de kwaliteit ervan niet haar bezorgdheid. Als het al haar verdienste is, want de banengroei is vooral het gevolg van de gunstige conjunctuur." ULENS. "Het probleem van de taxshift is dat hij via de lagere sociale bijdragen middelen weghaalt uit de sociale zekerheid, zonder dat de werkgevers de garantie moeten geven dat ze mensen aanwerven. De werknemers en de werkzoekenden hebben verplichtingen, de werkgevers hebben er geen. Ze krijgen miljarden euro's cadeau. Het blijft een vraagteken waarin die geïnvesteerd worden. Van 7 procentpunt sociale bijdragen die met de taxshift zijn betaald, zou 1 procentpunt kunnen worden gebruikt om de pensioenen op te trekken naar 1500 euro bruto." ULENS. "Tegelijk wordt het dagelijks leven duurder. De prijzen zijn gestegen en de btw op elektriciteit is opgetrokken. Aan het einde van de maand hebben veel Belgen het moeilijk om de eindjes aan elkaar te knopen. Dan zit er iets fout. Als welvaart wordt gecreëerd, dan moet die op een rechtvaardige manier worden herverdeeld." ULENS. "Dat is geen 100 procent." ULENS. "Het is nu ook 60 procent. De sociale partners hebben de middelen die wel ter beschikking stonden, gebruikt voor het optrekken van de laagste uitkeringen. Maar met het zomerakkoord houdt de regering-Michel nu al een deel van het budget - 80 miljoen - in voor de komende twee jaar. Geld uit de welvaartsenveloppe wordt gebruikt om de kosten van de OCMW's te dekken. Daar dient dat niet voor." ULENS. "15 procent van de Belgen dreigt in de armoede terecht te komen. Vergeet niet dat we door de indexsprong van 2014 een koopkrachtachterstand hebben opgelopen, die we nooit meer inhalen." ULENS. "We hebben uiteraard niets tegen het optrekken van de uitkeringen aan het begin van de werkloosheid, maar dat mag niet ten koste gaan van wie het moeilijk heeft. De focus moet liggen op het invullen van de knelpuntberoepen. Dat kan door levenslang leren te stimuleren en ervoor te zorgen dat iedereen deftig wordt betaald, zodat werk aantrekkelijk is. Die krapte op de arbeidsmarkt los je niet op door werklozen te bestraffen, en zeker niet zij die al lange tijd geen baan hebben. "Dat sociale gelaat van deze regering zie ik nergens. De sociale zekerheid wordt blijvend onder druk gezet. Men is blijkbaar vergeten dat België door zijn sterke sociale zekerheid in 2008-2009 minder gehavend uit de crisis is gekomen. Via sociaal overleg zijn akkoorden gesloten om bijvoorbeeld de tijdelijke werkloosheid uit te breiden en ontslagen te vermijden." ULENS. "Eenvoudig zal het niet zijn, want de regering legt het sociaal overleg aan banden. Als je economische groei ziet en er minder mensen in de werkloosheid zitten, maar je krijgt tegelijk vacatures niet ingevuld, dan scheelt er iets met de verloning van de werknemers. Maar de regering heeft de wet op het concurrentievermogen uit 1996 strenger gemaakt, waardoor de marge voor reële loonsverhogingen beperkt is." ULENS. "Mensen hebben aan het einde van de maand recht op een deftig loon. Ik vind dat er ruimte moet zijn voor vrije loononderhandelingen. Het is de vorige keer gelukt een akkoord voor 2017-2018 af te sluiten met 1,1 procent loonsverhoging boven op de indexering." ULENS. "De regering zou beter een stimulerend beleid voeren via investeringen in publieke diensten. Ook dat ondersteunt de welvaart. Er is behoefte aan investeringen in infrastructuur. Ik denk aan subsidies aan bedrijven om tewerkstelling te stimuleren. Je kan de uitkeringen optrekken tot boven de armoedegrens." ULENS. "Dat begrotingstekort is geen toeval. Ik heb de indruk dat daar een bewuste strategie achter zit. De regering heeft er geen probleem mee dat het land in moeilijke economische papieren wordt gebracht om daarna nog meer te besparen. Men is de sociale zekerheid aan het leeghalen. De focus ligt enkel op de uitgavenkant. Maar wat met de inkomsten? De sociale bijdragen zijn verlaagd en er is een wet op de andere financiering van de sociale zekerheid, zodat het evenwicht niet langer gegarandeerd is. Ik zie steeds meer nieuwe vormen van verloning, zoals flexi-jobs en onbelast bijverdienen, die maken dat de financiering van de sociale zekerheid wordt uitgehold. De slachtoffers zijn de werklozen, de zieken en de openbare diensten, die ondergefinancierd zijn." ULENS. "Er is overleg gepland in de Nationale Arbeidsraad. We werken aan de criteria en de vakbonden hebben wetenschappelijk onderbouwde voorwaarden vastgelegd. Dit dossier is er gekomen toen de regering in 2014 besliste de wettelijke pensioenleeftijd tegen 2030 op te trekken naar 67 jaar, zonder dat daarover iets in het verkiezingsprogramma stond. Sommige mensen zien het zitten zolang te werken, maar niet de werknemers die sinds hun 15-16 jaar aan de slag zijn. Veel mensen rekenen erop dat wie een zwaar beroep heeft, vroeger kan stoppen. Het probleem is dat discussie moeilijk verloopt omdat de werkgevers beweren dat de vakbonden van elke baan een zwaar beroep willen maken. Dat is niet zo. We kijken naar de concrete situaties. Wie zijn leven lang bagage afhandelt, krijgt bijvoorbeeld snel rugproblemen." ULENS. "( zucht) Hij zegt zoveel. Bacquelaine komt altijd met mooie verhalen, zoals onlangs nog met het deeltijds pensioen. Zonder overleg. Zonder onderbouwde cijfers. Die man heeft 0,0 visie in het pensioendossier. Het enige wat voor hem telt, is dat mensen langer werken voor minder pensioen. En de pensioenen zijn al zo laag. Dan heb ik het nog niet over de nadelen die de vrouwen ondervinden. De loonkloof met de mannen is 10 procent, maar de pensioenkloof is 25 procent." ULENS. "Onze oplossing voor deeltijds werk is arbeidsduurvermindering." ULENS. "Vroeger werkte men veertig uur, die arbeidstijd is verder gedaald. Zeker nu de economie aantrekt en er veel banen zijn. Veel jongeren zien dat trouwens zitten, omdat ze gesteld zijn op een evenwicht tussen werk en privé. Ik zie bepaalde bedrijven in de chemiesector of bij de VRT waar na sociale onderhandelingen de arbeid herverdeeld is. Het kan dus."