De crisis in de Vlaamse regering is eerst en vooral een gevolg van de harde opstelling van cd&v-voorzitter Sammy Mahdi, opgejaagd als die is door slechte peilingen. Politique politicienne, zoals ze dat in het Frans noemen. Maar het probleem van de Vlaamse regering zit dieper en heeft zijn wortels in haar aantreden in 2019.

Van in het begin was duidelijk dat er geen schwung zat in de ploeg. De regering-Jambon leek een doorslagje van de regering-Bourgeois. Een notarisregering die vooral op de winkel zou letten. Een daadkrachtig beleid voeren met de extra middelen en bevoegdheden door de zesde staatshervorming? Dat leek geen prioriteit. Vlaanderen heeft bijvoorbeeld meer fiscale bevoegdheden in de personenbelasting, maar de jobbonus blijft een mager beestje. Het onderwijs snel opnieuw op de sporen krijgen nu de kwaliteit onder druk staat: weinig van gezien. Het net gelanceerde subsidieregister kwam er dan weer rijkelijk laat. Daar kan iedereen zien welke subsidies de Vlaamse overheid toekent, zodat duidelijk wordt welke subsidies echt nodig zijn. Zo'n register moest er al eind 2019 zijn. Het blijft ook wachten op het échte kerntakendebat.

Met deze indolente regering-Jambon hebben we vijf jaren verloren.

Dat uitstelgedrag is pijnlijk en onaanvaardbaar. Men had de huidige crisis trouwens moeten zien aankomen. Midden mei, na het ontslag van cd&v-minister Wouter Beke, nam Hilde Crevits de bevoegdheid over Welzijn over. Ze zei toen al dat ze het herstel van de indexering van de kinderbijslag wou. Dit dossier lag dus al vier maanden op tafel.

Met deze indolente regering-Jambon hebben we vijf jaren verloren. Van haar laatste achttien maanden valt niets meer te verwachten. Ventilus, het stikstofakkoord, de knip in de groenestroomcertificaten,.... Aartsmoeilijke dossiers die een regering waar het vertrouwen zoek is onmogelijk nog tot een goed einde kan brengen. Het is wachten op de volgende Vlaams beleidsploeg, ergens in het najaar van 2024. Nog minstens twee jaar dus terwijl de crisissen (inflatie, energie,...) zich opstapelen. Het worden gouden tijden voor de radicale partijen.

De crisis in de Vlaamse regering is eerst en vooral een gevolg van de harde opstelling van cd&v-voorzitter Sammy Mahdi, opgejaagd als die is door slechte peilingen. Politique politicienne, zoals ze dat in het Frans noemen. Maar het probleem van de Vlaamse regering zit dieper en heeft zijn wortels in haar aantreden in 2019. Van in het begin was duidelijk dat er geen schwung zat in de ploeg. De regering-Jambon leek een doorslagje van de regering-Bourgeois. Een notarisregering die vooral op de winkel zou letten. Een daadkrachtig beleid voeren met de extra middelen en bevoegdheden door de zesde staatshervorming? Dat leek geen prioriteit. Vlaanderen heeft bijvoorbeeld meer fiscale bevoegdheden in de personenbelasting, maar de jobbonus blijft een mager beestje. Het onderwijs snel opnieuw op de sporen krijgen nu de kwaliteit onder druk staat: weinig van gezien. Het net gelanceerde subsidieregister kwam er dan weer rijkelijk laat. Daar kan iedereen zien welke subsidies de Vlaamse overheid toekent, zodat duidelijk wordt welke subsidies echt nodig zijn. Zo'n register moest er al eind 2019 zijn. Het blijft ook wachten op het échte kerntakendebat. Dat uitstelgedrag is pijnlijk en onaanvaardbaar. Men had de huidige crisis trouwens moeten zien aankomen. Midden mei, na het ontslag van cd&v-minister Wouter Beke, nam Hilde Crevits de bevoegdheid over Welzijn over. Ze zei toen al dat ze het herstel van de indexering van de kinderbijslag wou. Dit dossier lag dus al vier maanden op tafel.Met deze indolente regering-Jambon hebben we vijf jaren verloren. Van haar laatste achttien maanden valt niets meer te verwachten. Ventilus, het stikstofakkoord, de knip in de groenestroomcertificaten,.... Aartsmoeilijke dossiers die een regering waar het vertrouwen zoek is onmogelijk nog tot een goed einde kan brengen. Het is wachten op de volgende Vlaams beleidsploeg, ergens in het najaar van 2024. Nog minstens twee jaar dus terwijl de crisissen (inflatie, energie,...) zich opstapelen. Het worden gouden tijden voor de radicale partijen.