De geplande pensioenhervorming komt pas in december opnieuw op de regeringstafel. De vraag is of er tegen dan interessantere voorstellen te bespreken vallen dan het heel zwakke werkstuk van minister van Pensioenen Karine Lalieux (PS). De linkerflank van de federale regering heeft met het minimumpensioen van 1500 euro zijn trofee binnen, en premier Alexander De Croo (Open Vld) heeft blijkbaar geen haast om een echt beleid te voeren.

Het ziet ernaar uit dat dit dossier op de lange baan wordt geschoven. In België worden de pensioenen pas echt hervormd met het mes op de keel. Zoals eind 2011. De lange formatie en de eurocrisis hadden de Belgische rente de hoogte ingejaagd, en dus moest de PS als partij van de premier onpopulaire maatregelen aanvaarden, waaronder een verstrenging van het vervroegd pensioen en een hervorming van de ambtenarenpensioenen. De regering-Michel werkte deels voort op dat beleid, onder meer met een andere berekening van de ambtenarenpensioenen en de afbouw van de meetelling van de studiejaren als gewerkte jaren. Dat had effect: in vijf jaar was er een besparing van 400 miljoen euro.

In België worden de pensioenen pas echt hervormd met het mes op de keel.

Dat is niet gigantisch, maar het toont aan dat een hervorming van de pensioenen zich budgettair snel laat voelen. Reden te meer om niet te lanterfanten. Een ander argument is dat al wie voor 1960 geboren is, nu met pensioen gaat. Tegen 2025 zijn al die babyboomers met pensioen en heeft het geen zin meer de loopbanen langer te maken. De enige oplossing om de vergrijzing te financieren, is dan de fiscale druk te verhogen. Om dat te vermijden is een pensioenhervorming tijdens deze legislatuur nog nodig. En ze moet meer zijn dan gerommel in de marge.

De geplande pensioenhervorming komt pas in december opnieuw op de regeringstafel. De vraag is of er tegen dan interessantere voorstellen te bespreken vallen dan het heel zwakke werkstuk van minister van Pensioenen Karine Lalieux (PS). De linkerflank van de federale regering heeft met het minimumpensioen van 1500 euro zijn trofee binnen, en premier Alexander De Croo (Open Vld) heeft blijkbaar geen haast om een echt beleid te voeren.Het ziet ernaar uit dat dit dossier op de lange baan wordt geschoven. In België worden de pensioenen pas echt hervormd met het mes op de keel. Zoals eind 2011. De lange formatie en de eurocrisis hadden de Belgische rente de hoogte ingejaagd, en dus moest de PS als partij van de premier onpopulaire maatregelen aanvaarden, waaronder een verstrenging van het vervroegd pensioen en een hervorming van de ambtenarenpensioenen. De regering-Michel werkte deels voort op dat beleid, onder meer met een andere berekening van de ambtenarenpensioenen en de afbouw van de meetelling van de studiejaren als gewerkte jaren. Dat had effect: in vijf jaar was er een besparing van 400 miljoen euro. Dat is niet gigantisch, maar het toont aan dat een hervorming van de pensioenen zich budgettair snel laat voelen. Reden te meer om niet te lanterfanten. Een ander argument is dat al wie voor 1960 geboren is, nu met pensioen gaat. Tegen 2025 zijn al die babyboomers met pensioen en heeft het geen zin meer de loopbanen langer te maken. De enige oplossing om de vergrijzing te financieren, is dan de fiscale druk te verhogen. Om dat te vermijden is een pensioenhervorming tijdens deze legislatuur nog nodig. En ze moet meer zijn dan gerommel in de marge.