De hervorming van de vennootschapsbelasting heeft potentieel, luidde de eerste reactie. Maar er volgde meteen een waarschuwing: er is een risico dat het rommelen in de marge wordt. Wordt niet te veel aandacht besteed aan de details in plaats van te kiezen voor een totaalvisie?" Aan het woord is Isabel Verlinden, die het internationale departement Transfer Pricing van PwC leidt. Ze is net terug van New York, waar ze meteen toelichting mocht geven bij het zomerakkoord, dat een hervorming van de vennootschapsbelasting baarde. Het basistarief van de vennootschapsbelasting daalt in 2018 van 33,99 naar 29 procent. In 2020 volgt een daling richting 25 procent. Kmo's betalen vanaf volgend jaar 20 procent op de eerste 100.000 euro winst. De bedoeling is dat de operatie budgetneutraal is door te snijden in een reeks aftrekposten.
...

De hervorming van de vennootschapsbelasting heeft potentieel, luidde de eerste reactie. Maar er volgde meteen een waarschuwing: er is een risico dat het rommelen in de marge wordt. Wordt niet te veel aandacht besteed aan de details in plaats van te kiezen voor een totaalvisie?" Aan het woord is Isabel Verlinden, die het internationale departement Transfer Pricing van PwC leidt. Ze is net terug van New York, waar ze meteen toelichting mocht geven bij het zomerakkoord, dat een hervorming van de vennootschapsbelasting baarde. Het basistarief van de vennootschapsbelasting daalt in 2018 van 33,99 naar 29 procent. In 2020 volgt een daling richting 25 procent. Kmo's betalen vanaf volgend jaar 20 procent op de eerste 100.000 euro winst. De bedoeling is dat de operatie budgetneutraal is door te snijden in een reeks aftrekposten. Axel Smits, de voorzitter van PwC België, sluit zich aan bij de reacties die Isabel Verlinden in de VS opving: "Ik denk dat de balans voorlopig gematigd positief is. Met dit zomerakkoord gaat het nominale tarief eindelijk naar omlaag. Maar tegelijk zijn er nog veel vraagtekens, zoals de correcties op de belastbare basis. Wat dat precies betekent voor bedrijven blijft onduidelijk." Axel Smits:"We zullen zien waar de andere landen in 2020 staan. Ik verwacht dat Luxemburg en Nederland tegen dan allang onder 25 procent zijn gezakt. Ook Groot-Brittannië heeft die ambitie. En de Verenigde Staten willen het tarief verlagen naar 20 of 15 procent. Mijn aanvoelen is dat België veeleer een competitief nadeel vermindert dan dat het een voordeel creëert. Het is een verbetering, maar om België internationaal op de kaart te zetten, is meer nodig. De regering laat ook uitschijnen dat enkel een verlaging van de vennootschapsbelasting voldoende is om een gunstig investeringsklimaat te creëren. Dat klopt niet. Je moet een totaalvisie bouwen. Je moet durven te kiezen voor de omvorming naar een gedigitaliseerde economie en daartoe ook niet-fiscale randvoorwaarden invullen, die essentieel zijn voor het aantrekken van beslissingscentra. Kijk eens hoe een klein land als Estland zijn economie heeft getransformeerd. Onze regering neemt heel wat initiatieven - wat positief is - maar ze is voorlopig minder goed in het brengen van een wervend verhaal." Isabel Verlinden: "Ik begrijp dat politici terughoudend zijn om de terugverdieneffecten te berekenen, maar onderschat de impact van de aanwezigheid van beslissingscentra in België niet. Je kunt dat perfect kwantificeren door te simuleren wat het verdieneffect is van 20 procent vennootschapsbelasting. De experts rond de regering weten zeer goed dat je met 29 procent geen beslissingscentra van grote bedrijven aantrekt." Axel Smits: "Over terugverdieneffecten gesproken, Ierland heeft het tarief verlaagd van 40 naar 12,5 procent. Bij 40 procent bedroegen de fiscale inkomsten uit de vennootschapsbelasting zo'n 200 miljoen euro. Tegen 2008 was dat gestegen naar 6 miljard. Na de financiële crisis is dat nog altijd 4 miljard. Dat is een gedurfde aanpak. Had Ierland de vennootschapsbelasting verlaagd naar 25 procent, dan had dat nooit hetzelfde aanzuigeffect gehad." Axel Smits: "Ik herhaal: het tarief is niet alles. Zet bijvoorbeeld in op een op service gerichte fiscus, die bedrijven de boodschap geeft dat ze via samenwerking tot bedrijfsvriendelijke oplossingen wil komen. De ondertoon moet wel duidelijk zijn dat misbruiken hard worden aangepakt. Nu is er te veel een wij-zijbenadering, wat investeerders afschrikt." Isabel Verlinden: "Als we spreken over het tarief van 12,5 procent in Ierland of 9 procent in Hongarije, dan krijg je van politici het antwoord dat dat extremen zijn. Akkoord, maar Italië heeft het tarief dit jaar verlaagd van 27,5 naar 24 procent. Zweden en Denemarken zitten op 22 procent en Zweden zakt volgend jaar naar 20 procent. Dat zijn de landen waarmee we concurreren. Wat is 29 procent dan?" Axel Smits:"De vraag is hoe men erin zal slagen een bepaalde belastbare basis te capteren. In een gedigitaliseerde economie zijn de traditionele aanknopingspunten om belastingen te heffen aan het verdwijnen. Vandaar het belang van die beslissingscentra. Al de rest is vluchtig. Er wordt graag een onderscheid gemaakt tussen kmo's die hier ondersteund moeten worden, terwijl grote multinationals als de slechten worden afgeschilderd. Nu, die kmo's denken niet meer zo eng Belgisch." Axel Smits:"Dat zou kunnen, maar de maatregel geeft weer geen blijk van een visie over de broodnodige digitale transformatie in zowat alle bedrijven." Isabel Verlinden:"De vraag is of winst het juiste criterium is om een minimumbelasting op te berekenen. In Oostenrijk bedraagt die een paar duizend euro, bijna niets eigenlijk. Er zijn ook landen die de minimumbelasting op de waarde van de activa berekenen. Dit is de kern van het probleem: waar zit de waardecreatie van de economie en hoe ga je die belasten? De Belgische start-ups hebben de neiging hun intellectuele eigendom naar de VS versassen. De overheid kan daarop inspelen door duidelijke regels vast te leggen over de manier waarop ze die waardecreatie zal belasten. Als daar duidelijkheid over bestaat, kan die intellectuele eigendom in België blijven." Isabel Verlinden:"Dat zou kloppen als men dan bepaalde aftrekken niet weigert. Het probleem is dat men fiscale verliezen ook als iets slechts ziet. Deze hervorming beperkt de renteaftrek op leningen verder. Nochtans heeft die aftrek een reden: als ik jaren investeer en verlies lijd, heb ik het recht die verliezen af te zetten tegen mijn latere winsten. Kijk ook eens naar de toegevoegde waarde en de tewerkstelling die groeibedrijven creëren." Isabel Verlinden: "Toen ze in 2012 met BEPS begonnen, werd een probleem aangepakt dat er niet was. Van 1965 tot 2010 schommelden de corporate tax inkomsten altijd rond 3 procent van het bbp en 10 procent van de belastinginkomsten. Het ging dus om een politiekprobleem dat er fiscaaltechnisch geen was." Axel Smits: "Versneld ? Men spreekt over 2020, terwijl ATAD uiterlijk op 1 januari 2019 van kracht moet zijn. Ik heb mijn bedenkingen bij die cijfers, want verschillende van die regels hebben we nu al en de andere zullen niet noodzakelijk zo'n grote impact hebben." Axel Smits: "Ik denk het wel, al is het een inhaaloperatie. Alle ons omringende landen hebben het al. Er wordt al dertig jaar over gepraat. De vraag is of het effectief gebeurt. De regering moet het juridische kader ervoor nog creëren. De invoering zal wellicht gefaseerd gebeuren. Het maakt ons stelsel gemakkelijker uit te leggen in het buitenland. Het zal artificiële planning, zoals fusies om kosten en opbrengsten samen te brengen, doen verdwijnen in België. De geconsolideerde visie is niet meer dan logisch." Axel Smits: "De verliezers zijn die bedrijven die het meest last hebben van corrigerende maatregelen en daar is weinig duidelijkheid over. Niemand lijkt zichzelf bij de verliezers te rekenen. Ofwel klopt dat, en dan is de budgetneutraliteit een illusie. Ofwel klopt het niet. En als men dan hoopt dat de multinationals die factuur zullen betalen, dan heb ik toch wel vragen. In dat geval zullen ze niet komen investeren. In het andere geval zijn we terug aan het begin van het verhaal en klopt de budgetneutraliteit niet." Isabel Verlinden:"De grootste potentiële verliezers zijn bedrijven en ondernemers met onzekere bedrijfsmodellen. Dat zijn de modellen rond digitale transformatie. Groeibedrijven dreigen zich vast te rijden in de minimumbelasting, minder aftrekken van verliezen en al die ongein. Die gaan zich niet manifesteren. Zij zullen België gewoon links laten liggen."