Zotte en totaal onbetaalbare voorstellen vermijden. Dat is de enige verdienste van de financiële doorlichting van de verkiezingsprogramma's van de politieke partijen door het Planbureau. Met alle respect voor het lange rekenwerk van de bollebozen van die 'denktank van de overheid', maar de berekeningen zijn een gemiste kans: ze slaan niet op de volledige partijprogramma's, maar op een reeks voorstellen die de partijen zelf mochten kiezen. Zelfs in het aantal maatregelen dat zou worden doorgerekend, waren de partijen vrij. Groen liet 28 maatregelen becijferen, de sp.a 46, maar de PVDA slechts drie en de N-VA twaalf. Iedereen pikte er de eigen kersjes uit.

De berekeningen van het Planbureau zijn een gemiste kans.

Het was beter geweest als elke partij niet alleen de impact van bepaalde fiscale cadeautjes zou laten berekenen, maar ook zou zeggen waar ze het geld zou halen om de rekening te doen kloppen. Zo slaat een verlaging van de personenbelasting die Open Vld voorstelt een gat van 5 miljard euro. De compenserende terugverdieneffecten zijn ruim onvoldoende, ook al zou de maatregel extra 43.000 banen opleveren. Hoe de Vlaamse liberalen die maatregel willen financieren om een ontsporing van de begroting tegen te gaan - via extra andere belastingen of minder overheidsuitgaven - is onduidelijk.

De voorstellen die de sp.a liet berekenen, komen het dichtst in de buurt van de analyse van verkiezingsprogramma's zoals die in Nederland gebeurt. Extra sociale uitgaven, hogere pensioenen en minimumpensioenen bij een kortere loopbaan kosten 20 miljard euro. Die put moet worden gedempt met slechts 3 miljard euro besparingen. De rest komt van hogere belastingen en het weinig concrete 'sluiten van achterpoortjes voor multinationals'. Weinig realistisch. Dat maakt meteen duidelijk dat belangrijke onderdelen van verkiezingsprogramma's veel weg hebben van nattevingerwerk.