Uiteraard kan je van een Waalse socialist als Paul Magnette geen centrumrechts geïnspireerd herstelbeleid verwachten, maar de inhoud van de gelekte nota van de informateur deed menig waarnemer vol ongeloof met de ogen knipperen. De paars-groene plannen van Magnette blijven blind en doof voor de budgettaire en sociaaleconomische realiteit. De Antwerpse hoogleraar Ive Marx schoot met scherp: "Deze nota is adembenemend onverantwoordelijk. Wie gaat dit betalen?"

De nota van Magnette is geen basis voor een toekomstgericht regeerakkoord. Het werkstuk is een catalogus van PS-wensen, waarvoor de informateur een blanco cheque vraagt. Voor de Vlaamse partijen is de nota, zelfs in een afgezwakte vorm, "inbuvable". De vraag is nu hoeveel Vlaams water Magnette in de rode wijn wil doen om alsnog ernstige onderhandelingen te kunnen opstarten.

Te vroeg om erfenis van regering-Michel te kraken

De uitgangspunten en ambities van Magnette zijn nochtans lovenswaardig, maar de maatregelen om die doelstellingen te halen zijn met een vergrootglas te zoeken. En als ze er zijn, zijn ze weinig samenhangend en vaak contraproductief. Paul Magnette is de Vincent Kompany van de Wetstraat. Kompany wou Anderlecht laten voetballen zoals Manchester City, maar had daarvoor de spelers niet. Het resultaat was behoorlijk catastrofaal. Paul Magnette wil van België een modelnatie maken, maar neemt daarvoor de nodige maatregelen niet. Het resultaat dreigt navenant te worden. België dreigt straks te moeten spelen in play-off 2 met een begroting die snakt naar de inkomsten van de Champions League.

Zo wil Paul Magnette tegen het eind van de legislatuur in 2024 een werkgelegenheidsgraad van 75 procent, tegenover 70 procent nu. Met die ambitie is niets mis natuurlijk, maar ze mist alle geloofwaardigheid. Er is geen sprake van scherpe maar noodzakelijke maatregelen zoals de beperking van de werkloosheidsuitkeringen, de verdere afbouw van de mogelijkheden om vervroegd met pensioen te gaan, of een flexibilisering van de arbeidsmarkt die meer kansen geeft aan de lagergeschoolden. Even verontrustend is dat Magnette wil sleutelen aan de wet die de concurrentiekracht van de bedrijven moet bewaken. Sneller kan je de erfenis van de regering-Michel niet opsouperen. Die erfenis is er wel degelijk. De jobcreatie van de jongste jaren, gekoppeld aan de herneming van loonstijgingen die de productiviteit volgen, zal de koopkracht en de consumptie ondersteunen. De Belgische economie zal opnieuw het groeiritme van de buurlanden kunnen volgen. Het is echter veel te vroeg om op die lauweren te rusten.

Groen, de dresscode van de Europese Commissie

Laat een nieuwe federale regering nog even op zich wachten, dan kan de nieuwe Europese Commissie aan haar opdracht beginnen. Groen wordt de dresscode van de nieuwe Commissie. Europa wil de groenste leerling van de klas worden. Het Europees Parlement kondigde symbolisch de klimaatnoodtoestand af, maar ernstiger is dat de Europese Commissie onder leiding van de nieuwe voorzitter Ursula Von der Leyen een strakker klimaatbeleid zal voeren. De Commissie zou volgende week van de lidstaten vragen de uitstoot van broeikasgassen tegen 2030 met minstens 50 procent te verminderen in plaats van met 40 procent. Tegen 2050 zou Europa klimaatneutraal moeten zijn. De concrete plannen om die doelstellingen te realiseren worden tegen de herfst voorgesteld. Het wordt in elk geval een delicate evenwichtsoefening om milieu en economie met elkaar te verzoenen in een Green Deal.

Groener groot geld

De strijd tegen de opwarming van de aarde krijgt steeds meer steun uit onverwachte hoek. Het grote geld begint zich te moeien met de zaak. Christine Lagarde wil klimaatverandering hoog op de agenda van de Europese Centrale Bank. Kredietbeoordelaar Moody's verlaagde vorige week de kredietwaardigheid van ExxonMobil. Eerder deze maand draaide de Europese Investeringsbank de kredietkraan voor energiebedrijven dicht. En voor beleggers is winst maken al langer niet meer voldoende. Steeds meer investeerders screenen bedrijven of ze het klimaat niet om zeep helpen, of ze voldoende sociaal zijn, en of ze deugdelijk worden bestuurd. Objectieve data die het gedrag van bedrijven in kaart brengen, zijn nog te weinig voorradig, maar gezien de stijgende vraag vanuit de financiële wereld zal dat manco wellicht snel worden weggewerkt.

Bedrijven die straks geen bewijs van goed gedrag en zeden kunnen voorleggen aan hun financiers, nemen grote risico's. Hun financiering dreigt flink duurder te worden, waardoor hun kosten stijgen en hun concurrentiekracht afneemt. De producenten van fossiele brandstoffen zijn de eerste die in de vuurlijn liggen. Moody's verwijst expliciet naar de klimaatverandering als een toenemend risico om de kredietwaardigheid van ExxonMobil ter discussie te stellen. Uiteraard spelen ook andere factoren mee, zoals een relatief zwakke rendabiliteit en een negatieve cashflow, maar het klimaat plaatst een steeds groter vraagteken achter het businessmodel van een energiebedrijf als ExxonMobil. Dat risico waait intussen ook over naar andere sectoren die veel CO2 uitstoten, zoals staal, scheepvaart en autobouw. Fitch degradeerde onlangs de obligaties van Ford tot rommel omdat de autobouwer hoge emissieboetes riskeert in 2020 en 2021, onder meer omdat het nog te weinig elektrische modellen op de markt heeft.

Overheden zullen het klimaatrisico voor hardleerse bedrijven verder aanscherpen door steeds strengere normen op te leggen, of steeds hogere taksen op de uitstoot van broeikasgassen. Het is hun job om op die manier de markt te corrigeren, vertrekkende van het principe dat de vervuiler betaalt. Minder vanzelfsprekend is de interventie van Christine Lagarde. De Europese Centrale Bank kan haar steentje bijdragen door haar aankoopbeleid van obligaties groener te maken, of door obligaties van grote vervuilers niet langer als onderpand te aanvaarden. Maar als de ECB zich mengt in de klimaatstrijd, dan doet ze aan politiek, terwijl de niet-verkozen functionarissen van de ECB geen mandaat hebben om aan politiek te doen. De Amerikaanse en Britse Centrale Bank houden zich er ver van, precies omdat klimaatbeleid een zaak is voor verkozen politici.

China keert groene kar

Blijft natuurlijk de vaststelling dat de optelsom van de nationale klimaatplannen nog lang onvoldoende blijft om de opwarming te beperken tot 2 graden Celsius. Vooral de koerswijziging van China is onrustwekkend. Het land is de grootste emittent van broeikasgassen. Pas tegen 2030 wil China de uitstoot verminderen. Peking zag lang een sterker milieubeleid als een spilpunt van een economische transformatie die China moest wegleiden van energieverslindende zware industrie. Die visie is veranderd. "De hoogste politieke prioriteit voor China is de economie stabiel te krijgen", zegt Kevin Tu, een energie-econoom die vroeger aan het hoofd van het Chinese bureau bij het Internationaal Energieagentschap stond. "Alle andere bekommernissen moeten het veld ruimen. Ook de klimaatverandering."