Valstrik 1 : fiftyfifty

Het gebeurt vaak dat de twee oprichters van een bvba het kapitaal van de vennootschap netjes onder elkaar verdelen - elk de helft dus. Maar dat kan problemen veroorzaken wanneer de algemene aandeelhoudersvergadering beslissingen moet nemen. Daarvoor is minstens een meerderheid van de stemmen nodig. Hebben beide oprichters elk 50 procent van het kapitaal in handen, dan moeten ze het dus altijd met elkaar eens zijn. Misschien loopt dat heel vlot. Maar als ze van mening verschillen, kan geen enkele beslissing geldig worden genomen. Met een patstelling tot gevolg.
...

Het gebeurt vaak dat de twee oprichters van een bvba het kapitaal van de vennootschap netjes onder elkaar verdelen - elk de helft dus. Maar dat kan problemen veroorzaken wanneer de algemene aandeelhoudersvergadering beslissingen moet nemen. Daarvoor is minstens een meerderheid van de stemmen nodig. Hebben beide oprichters elk 50 procent van het kapitaal in handen, dan moeten ze het dus altijd met elkaar eens zijn. Misschien loopt dat heel vlot. Maar als ze van mening verschillen, kan geen enkele beslissing geldig worden genomen. Met een patstelling tot gevolg. Er zijn diverse oplossingen om zo'n situatie te vermijden. Een van beide vennoten kan bijvoorbeeld meer geld inbrengen dan de andere. Ter compensatie van dat onevenwicht kunnen de vennoten een aandeelhoudersovereenkomst sluiten waarin ze vastleggen dat sommige bijzondere beslissingen toch unaniem moeten worden genomen. Een andere oplossing: in aandelen met stemrecht en aandelen zonder stemrecht voorzien. Vaak is er niet alleen sprake van een absolute gelijkheid tussen de vennoten, maar zijn de stichters ook allebei zaakvoerder. Elk van hen is dan gemachtigd voor de vennootschap verbintenissen aan te gaan en de vennootschap te vertegenwoordigen ten aanzien van derden, contracten te sluiten, personeel in dienst te nemen, verrichtingen uit te voeren via de bankrekening van de vennootschap, enzovoort. En dat zonder overleg met de andere zaakvoerder, wat tot conflicten kan leiden. Om dat te vermijden, kunnen de vennoten beslissen maar één enkele zaakvoerder te benoemen. Willen ze toch min of meer op gelijke voet staan, dan kunnen ze in overleg opteren voor een niet-statutaire zaakvoerder die wordt benoemd voor een bepaalde termijn. Ze kunnen elkaar dan om het jaar of om de twee jaar aflossen. Als de oprichters van plan zijn snel geld op te halen, is het van cruciaal belang dat ze daarmee rekening houden bij de voorbereiding van het initiële financiële plan. Sommigen denken dat het gemakkelijk zal zijn geld op te halen, maar ze hebben niet berekend hoeveel ze echt nodig hebben en ze hebben niet onderzocht of ze er wel in zullen slagen het gewenste bedrag op te halen. Resultaat: de vennootschap is dan wel opgericht, maar al van bij de start ondergefinancierd. Het risico bestaat dan dat de belangen van de vennootschap helemaal afhangen van de kapitaalronde en zelfs gevaar lopen indien die niet slaagt. Gaat de vennootschap binnen de drie jaar na de oprichting failliet en was het maatschappelijke kapitaal bij de oprichting manifest ontoereikend voor de uitoefening van de activiteit gedurende de eerste twee jaar, dan kunnen de oprichters persoonlijk aansprakelijk worden gesteld. De oplossing bestaat erin bij de oprichting van de vennootschap voldoende aandacht te besteden aan de uitwerking van het initiële financiële plan. Overwegen de oprichters al van bij de start een kapitaalronde, dan moeten ze daar melding van maken in het financiële plan en de grote lijnen van de kapitaalronde uitzetten: het bedrag dat ze willen ophalen, de activiteiten waarvan de ontwikkeling zal afhangen van het welslagen van de kapitaalronde. Al te vaak vergeten de oprichters werk te maken van een aandeelhoudersovereenkomst wanneer ze hun start-up oprichten. Juridisch gezien is er geen verband tussen een aandeelhoudersovereenkomst en een kapitaalronde. In de praktijk gaan investeerders evenwel graag zo'n overeenkomst aan omdat ze daar belang bij hebben. Maar dat belet de oprichters niet onderling al zo'n overeenkomst aan te gaan bij de oprichting van de start-up, wanneer er nog geen sprake is van investeerders. Zo'n overeenkomst zorgt voor een zekere stabiliteit tussen de aandeelhouders, al is het maar omdat ze bij het opstellen ervan moeten praten over ieders bedoelingen, een aantal strategische keuzes moeten maken en clausules moeten inbouwen die regelen wat er moet gebeuren bij een conflict of wanneer een vennoot zich wenst terug te trekken. Bovendien is het verstandig zo'n overeenkomst te sluiten aan het begin van het partnership, dus nog vóór de eigenlijke oprichting van de vennootschap. Want zodra die is opgericht of de situatie al positief of negatief is geëvolueerd, zullen de onderhandelingen tussen de vennoten moeilijker verlopen. Bij de oprichting van een vennootschap heeft elke vennoot eigen redenen om met geld over de brug te komen en in het project te stappen. Het is van cruciaal belang dat elkeen precies weet wat de andere partners van plan zijn en verwachten. Een belangrijk onderwerp dat zeker ter sprake moet komen, is de kapitaalronde. Zitten alle oprichters op dezelfde golflengte? Welk beleid zullen ze voeren met betrekking tot de uitbetaling van dividenden? Hopen ze bij een kapitaalronde misschien met winst uit het project te kunnen stappen? Niet zelden slaat de houding van een vennoot om wanneer er een kapitaalronde op til is en komt dan aan het licht welke zijn of haar belangen zijn. En die kunnen verschillen van de belangen van de start-up. Op dat moment dreigt een conflict tussen de vennoten. Een conflict dat alle kansen op een succesvolle kapitaalronde kan verknoeien. De vennoten kunnen dat risico indijken door al die kwesties te regelen in de aandeelhoudersovereenkomst. Zo'n overeenkomst is ook een voordeel wanneer geld moet worden opgehaald: een akkoord dat in een overeenkomst is vastgelegd en een gemeenschappelijke strategische lijn resulteren in een solide team van oprichters. Dat komt het vertrouwen van de investeerders ten goede. Teken nooit een document als je niet zeker bent dat je alles begrijpt. Daarmee bedoelen we het contract zelf, maar vooral wat op het spel staat, wat de echte gevolgen zijn van bepaalde verbintenissen. Stel dat een bvba ten gevolge van de kapitaalronde zal worden omgevormd tot een nv. Zullen er dan investeerders in de raad van bestuur zitten? Welke impact zal dat hebben op de besluitvorming? Hoe zit het met de verwatering van de aandelen? Het zijn vaak de investeerders die een ontwerp van contract voorleggen aan de oprichters van de start-up. Dat ontwerp is voorbereid door het juridische team van die investeerders en zal er dus vooral op gericht zijn hun belangen te beschermen. De oprichters van de start-up doen er goed aan zich te laten bijstaan om aan het contract te schaven, de belangen van alle partijen beter in evenwicht te brengen, enzovoort. Het is nog beter om vóór de kapitaalronde vast te leggen in welke mate de oprichters toegevingen willen doen aan de investeerders en waarover volgens hen echt niet te onderhandelen valt.