De economische tol van de coronapandemie heeft het gemoed van de exporteurs geraakt, maar niet gekraakt. Gevraagd om hun vertrouwen in het economisch klimaat een score te geven van 1 tot 10, gaven ze gemiddeld 5,6 als antwoord. Dat is een daling van amper 0,2 procentpunt tegenover het coronavrije 2019. Dat verrassende resultaat staat in de jongste editie van de Exportbarometer van de kredietverzekeraar Credendo en het mediabedrijf Roularta.
...

De economische tol van de coronapandemie heeft het gemoed van de exporteurs geraakt, maar niet gekraakt. Gevraagd om hun vertrouwen in het economisch klimaat een score te geven van 1 tot 10, gaven ze gemiddeld 5,6 als antwoord. Dat is een daling van amper 0,2 procentpunt tegenover het coronavrije 2019. Dat verrassende resultaat staat in de jongste editie van de Exportbarometer van de kredietverzekeraar Credendo en het mediabedrijf Roularta. Dat het vertrouwen van de 1164 ondervraagde bedrijven niet onder 5 is gezakt, is opvallend, maar niet onlogisch. De enquête vond plaats in oktober, toen de economie opnieuw opveerde na de eerste lockdown, precies dankzij de export. De tweede lockdown was toen nog slechts een hypothese. Bovendien dekt de exportbarometer enkel de exporteurs, niet de rest van het bedrijfsleven. "De horeca en de winkels, die het meest worden getroffen door de lockdown, zijn niet op de export gericht", verklaart Olivier Willocx, de gedelegeerd bestuurder van de Brusselse werkgeversfederatie BECI. "Omgekeerd heeft de lockdown weinig invloed op de farma-industrie, onze eerste exportsector." Ondanks hun vertrouwen in de toekomst, ondervindt drie kwart van de respondenten negatieve effecten van de pandemie. Een vijfde ziet zijn export dit jaar met 10 tot 25 procent zakken. 14 procent van de ondernemers verwacht zelfs een halvering. En de nasleep van de crisis wordt lang. Ruim een vijfde van de bedrijven ziet tot in 2022 een negatieve impact op zijn export. Na 2022 verwacht 14 procent nog altijd problemen. Bijna 40 procent voorspelt een nulgroei van de export in de komende drie jaar. Tot nu toe betekent de coronacrisis evenwel geen groot gevaar voor de bedrijfsfinanciën. Een derde van de ondervraagden heeft geen extra financiering nodig, terwijl het aandeel met liquiditeitsproblemen beperkt blijft tot 27 procent. De steunmaatregelen van de overheid zijn daar niet vreemd aan. "We zien geen beduidende stijging van het aantal wanbetalingen", zegt Nabil Jijakli, adjunct-CEO van Credendo. "Maar het is de stilte voor de storm. Dit is geen liquiditeitscrisis, maar een crisis van de vraag." De exportbarometer lijkt dat te bevestigen. Slechts een tiende van exporteurs wordt geplaagd door productiestops, 32 procent ondervindt logistieke problemen. Daarentegen ziet bijna de helft van de bedrijven het aantal bestellingen verminderen, 38 procent krijgt te maken met annuleringen (zie grafiek De coronaplagen). "Grote projecten vergen maandenlange, soms jarenlange onderhandelingen met de klant", zegt Jijakli. "Die pijplijn bleef intact en hield de bedrijven op de been in 2020. Maar er komt geen verse aanvoer in de pijplijn terecht. Voor veel bedrijven wordt 2021 een stuk moeilijker, inclusief de bedrijven die gezond waren voor de crisis." Opvallend is hoe de exporteurs meer met de pandemie in hun maag zitten dan met de brexit (zie grafiek De zorgen van de exporteur). In de rangschikking van de grootste bezorgdheden komt de brexit maar op de derde plaats, na de pandemie en zelfs na 'protectionistische maatregelen in de wereld'. Begrijpelijk, vindt Vlaams minister-president Jan Jambon (N-VA). "De coronapandemie treft alle exporteurs, de brexit alleen de bedrijven die naar het Verenigd Koninkrijk exporteren. Bovendien zit het Verenigd Koninkrijk tot het jaareinde in een overgangsperiode, waardoor het lijkt alsof het land nog altijd lid van de Europese Unie is. Niets is minder waar. Hoe de onderhandelingen tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk ook aflopen, na de overgangsperiode krijgen onze exporteurs te maken met nieuwe handelsbarrières. Bereid je voor, en klop daarvoor aan bij FIT (Flanders Investment & Trade, het overheidsagentschap dat Vlaamse exporteurs adviseert en buitenlandse investeerders aantrekt, nvdr). Al 22.500 kmo's zijn geholpen door FIT. Toch hebben veel andere ondernemers nog altijd geen voorbereidingen getroffen." Er zijn altijd wel problemen en barrières, zoals corona of brexit. Maar er zijn ook altijd kansen, zoals producten die beter verkopen of landen waar de zaken beter gaan. Exporteurs kunnen de risico's afzwakken door diversificatie, zowel van hun aanbod als hun afzetgebied. Azië is bijvoorbeeld een groeiregio, maar slechts een derde van de respondenten in de Exportbarometer ziet daar goede mogelijkheden. Dat aandeel moet hoger, vindt Claire Tillekaerts, de CEO van FIT. Zij wijst ook op een andere exportbron: de diensten. "Zeker voor een kenniseconomie als de Vlaamse zit daar heel wat onontgonnen potentieel. Veel diensten kunnen digitaal worden geleverd - denk maar aan software of design. De export van digitale diensten is bovendien stabieler en crisisbestendiger." Ook de verkoop moet een digitale omslag maken. In deze coronatijden heeft meer dan een derde van de respondenten e-commerce ingeschakeld, ruim de helft brengt 'digitale bezoeken' aan de buitenlandse klanten. De klassieke methoden - prospectie ter plaatse, handelsmissies en buitenlandse beurzen - blijven bij veel respondenten in trek, maar zijn niet coronabestendig. "Wachten tot de reisrestricties opgeheven zijn, is geen optie", zegt Tillekaerts. "Daarom helpt FIT de fysieke kloof te dichten. Onze mensen in het buitenland houden bijvoorbeeld kleinschalige en coronaveilige presentaties van Vlaamse producten, waarna we geïnteresseerden helpen om digitaal in contact te komen met de Vlaamse leveranciers. We organiseren ook digitale een-op-een-sessies met buitenlandse aankopers. De boodschap is: diversifieer niet alleen je aanbod en je afzetgebied, maar ook je verkoop. Maak je niet afhankelijk van fysieke contacten, zoals beurzen. Wacht niet met digitalisering. Het moment is nu."