Het eerste wat je ziet wanneer je aankomt bij de chipfabriek - fab in het jargon - is een groot spandoek, met daarop de vacatures die openstaan bij BelGaN. Er lijkt opnieuw wat dynamiek te zitten in de laatste onafhankelijke chipfabriek van België. Geen te onderschatten detail nu een chiptekort de auto-industrie terroriseert, en een sputterende globalisatie de aanvoer van chips uit Azië in het gedrang brengt.
...

Het eerste wat je ziet wanneer je aankomt bij de chipfabriek - fab in het jargon - is een groot spandoek, met daarop de vacatures die openstaan bij BelGaN. Er lijkt opnieuw wat dynamiek te zitten in de laatste onafhankelijke chipfabriek van België. Geen te onderschatten detail nu een chiptekort de auto-industrie terroriseert, en een sputterende globalisatie de aanvoer van chips uit Azië in het gedrang brengt. België doet het weliswaar goed in onderzoek en innovatie, met de Leuvense sterspeler imec, maar we hebben slechts één fabriek die voor andere bedrijven chips produceert: de site in Oudenaarde. Tot februari was ze in handen van het Amerikaanse ON Semiconductor. Nu gaat ze haar eigen weg, onder de naam BelGaN. Achter de overname zitten twee investeerders, Rockley Management en Wuxi Group (zie kader Van Mietec naar BelGaN). Geen voor de hand liggende zet, want de kleine fabriek werkt in een wereld van miljardeninvesteringen en harde concurrentie. BelGaN neemt iets meer dan 400 werknemers over van de ongeveer 700 mensen die voor ON Semiconductor werkten in ons land. De Oudenaardse fabriek levert vooral aan de auto-industrie, die staat te springen om meer chips. De productielijnen staan dus allesbehalve stil. In 2020 realiseerde ON Semiconductor in Oudenaarde een omzet van 127 miljoen euro. Op het hoogtepunt in 2006 was dat 270 miljoen euro. Achter de overname zit een interessant plan: een transitie van silicium naar galliumnitride (GaN). "In silicium zullen we niet lang meer competitief zijn", zegt Rob Willems, general manager en VP operations bij BelGaN. "We moeten iets vinden waar meer toegevoegde waarde in zit, de GaN-business biedt ons dat." De meeste chips worden gemaakt uit silicium. Die chips worden almaar sneller, en worden gemaakt in steeds duurdere fabrieken. Onlangs kondigde Intel bijvoorbeeld aan dat zijn nieuwe fabriek in het Duitse Maagdenburg 17 miljard euro zal kosten. Andere materialen bieden meer kansen voor de kleine speler in Oudenaarde. "Galliumnitride kan grotere elektrische spanningen aan dan silicium", vertelt Marnix Tack, CTO en VP business development bij BelGaN. "Silicium is ideaal om data te verwerken, galliumnitride blinkt uit in het verwerken van energie. Dat blijkt enorm nuttig, zeker in de groene transitie." Galliumnitride heeft een aantal toepassingen. "De markt wordt gedreven door opladers van mobiele telefoons", stelt Tack. "Daar gaan we ook instappen. Opladers op basis van silicium zijn niet zo snel en niet erg efficiënt. De laders met galliumnitride zijn kleiner en beter. Dat is onze eerste markt, maar niet het einddoel. Naarmate we ervaring opbouwen, willen we naar industriële toepassingen en vooral de auto-industrie kijken. We kennen die markt al en we bevinden ons nabij heel wat belangrijke toeleveranciers. Elektrische wagens zullen de vraag naar galliumnitride ook doen toenemen. Het is onze ambitie om een marktleider in Europa te worden in GaN-technologieën, en we willen daarvoor een automotive-certificatie halen." Chipproducenten zoals het Duitse Infineon en het Nederlandse NXP werken ook met GaN. Maar als BelGaN snel kan handelen, dan zit het misschien in een mooie positie. Tegelijk is het een risicovolle zet. De wereld van de chipfabrieken is er een van grote, kapitaalkrachtige groepen die de miljoenen- tot miljardeninvesteringen aankunnen om fabrieken te bouwen en up-to-date te houden. Dat BelGaN er alleen voorstaat, maakt het kwetsbaar. Daarom werd voorspeld dat de Oudenaardse fab in handen zou komen van een bedrijf zoals X-Fab, een Duitse chipfabrikant, of Melexis, een Belgische chipontwerper. "GaN biedt een mooie kans", vertelt Robert Rickman, partner bij Rockley Management. "Een fabriek voor automotive van nul opbouwen, is erg moeilijk. Oudenaarde daarentegen heeft al ervaring met automotive. Het management en het team weten hoe ze voor die markt moeten produceren. Ze zitten ook dicht bij imec, dat GaN-technologie ontwikkelt." Over hun langetermijndoel, en of de fabriek als onafhankelijke speler kan overleven, blijven de investeerders vaag. "We willen een mooi bedrijf bouwen", stelt Rickman. "Het kan zijn dat het bedrijf op zijn eentje groeit, of opgenomen wordt in een grotere groep. Niemand weet wat de toekomst brengt, maar ons doel is een sterk bedrijf neer te zetten en het team te beschermen. Als je dat doet, dan krijg je mooie resultaten. Je kunt geen mooi bedrijf bouwen als je onmiddellijk aan een verkoop denkt." Rickman gelooft ook niet dat BelGaN te klein is om alleen te overleven. "Voor silicium is dit inderdaad een kleine fab", stelt hij. "Maar in de GaN-niche niet. Zeker als we erin slagen de eerste onafhankelijke fab in Europa te worden die voor automotive gecertificeerd is. We willen een GaN-valley bouwen in België. Een Belgisch bedrijf die met GaN wil experimenteren, moet nu al snel naar Taiwan gaan. We zitten daarentegen vlakbij. Een niet te onderschatten argument nu de globalisering stokt. De spelers in de autosector willen hun aanvoerketens verkorten, en wij zitten daar in een ideale positie voor." Wat de toekomst ook brengt, er lijkt meer dynamiek in de Oudenaardse fabriek te zitten. "De markt is er, de technologie staat klaar en onze mensen zijn gemotiveerd", zegt Willems. "We komen uit een tijd dat er minder werd geïnvesteerd, en nu is er een nieuwe kans. Dat werkt motiverend voor ons team. Het momentum is er, en alles begint samen te komen."