" We kunnen spreken van een sterke arbeidsintensieve groei." Gouverneur Jan Smets was duidelijk bij de voorstelling van het jaarverslag van de Nationale Bank. De economie trekt aan en dat is goed voor de werkgelegenheid. Vorig jaar kwamen er netto 59.000 banen bij. Dat zijn er 17.000 meer dan in 2015. In elk kwartaal van 2016 was de jobcreatie in België de hoogste sinds jaren. Zeven van de tien nieuwe jobs worden gecreëerd in de privésector, waar er nu al twaalf kwartalen op rij netto jobs bij komen.

Tegelijk stijgt het aantal niet-ingevulde vacatures al jaren: 83.000 in 2014, 90.000 in 2015 en meer dan 100.000 in 2016. De bouwsector zoekt duizenden mensen, volgens sommige berichten. Ook in de voertuigenindustrie neemt het aantal openstaande vacatures toe. "Vorig jaar hebben we 3300 mensen aan een baan geholpen. Tegelijk hebben we meer dan 1500 openstaande vacatures", zegt Robby Vanuxem, topman van Hays België, een hr-bedrijf gespecialiseerd in het plaatsen van bedienden en kaderleden. "De logistiek bijvoorbeeld groeit bijzonder sterk, het aantal vacatures is daar in een jaar met 35 procent toegenomen."

Nico Reeskens, topman van Adecco België, bevestigt die positieve trend: "Het aantal vacatures is het voorbije jaar met 15 procent gestegen, bij ons zelfs nog iets meer. Er zijn wel verschillen van sector tot sector. Vooral in de bouw neemt het aantal vacatures toe, net als in bedrijven die actief zijn in de digitale economie."

Meer banen en meer vacatures die moeilijk ingevuld raken: de Belgische arbeidsmarkt is niet één, maar twee versnellingen hoger geschakeld.

Met dank aan de regeringsmaatregelen

De werkgelegenheid groeit zelfs iets sterker dan de economie in haar geheel. Vorig jaar namen beide met ongeveer 1,2 procent toe (zie grafiek Economische groei creëert veel werkgelegenheid). Dat is zeer uitzonderlijk; de werkgelegenheidsgroei bedraagt normaal ongeveer de helft van de economische groei. Waarom is dat nu anders?

© INR, NBB

"De maatregelen die de regering heeft genomen om de concurrentiekracht te verbeteren, zitten daar voor iets tussen", zegt VBO-topman Pieter Timmermans. "De indexsprong en de lastenverlagingen werken op de loonkosten, waardoor bedrijven minder kiezen voor arbeidsvervangende automatisering. In sommige industriële sectoren waar de tewerkstelling afkalfde, neemt ze opnieuw een beetje toe." Jan Smets van de Nationale Bank bevestigt dat: "Naast het onderliggende herstel hebben de maatregelen van de regering de jobmarkt gestimuleerd."

Toch is hier en daar kritiek te horen. De Belgische jobgroei zou relatief laag zijn in vergelijking met de andere landen van de Europese Unie. En er zouden vooral tijdelijke banen bijkomen, minder vaste.

Over de relatief lage jobgroei wil Bart Buysse, directeur-generaal bij het VBO, een aantal zaken in perspectief plaatsen: "Eerst en vooral hebben de aanslagen van vorig jaar België 0,5 à 0,6 procent groei gekost, vooral in arbeidsintensieve sectoren als horeca en handel. Dat heeft de werkgelegenheid met minstens 0,2 tot 0,3 procent gedrukt, en bovendien zijn duizenden mensen op tijdelijke werkloosheid geplaatst. Als je daarmee rekening houdt, blijven we niet ver achter op het Europese gemiddelde. Trouwens, in andere Europese landen was de impact van de crisis groter. Dan is het niet verwonderlijk dat de jobgroei daar nu groter is, een soort van recuperatie."

Meer vaste banen dan tijdelijke arbeid

En wat met de kritiek dat er vooral meer tijdelijke contracten zijn? Het klopt dat de uitzendsector goed boert. "Het aantal gepresteerde uren uitzendarbeid is in 2016 met 7 procent gestegen", weet Paul Verschueren, directeur Economic Affairs van de sectorfederatie Federgon. "Dagelijks waren er circa 107.000 voltijdequivalenten aan de slag, tegenover 100.000 in 2015. In 2016 werden 560.272 uitzendvacatures gepost op de VDAB-site. Dat zijn er 17,9 procent meer dan in 2015 en 84 procent meer dan in 2014. "

Maar ook het aandeel van de voltijdse tewerkstelling neemt toe. In het derde kwartaal van 2016 nam de vaste tewerkstelling op jaarbasis zelfs sterker toe dan de tijdelijke (zie grafiek Evolutie van de tewerkstelling volgens arbeidsregime). "We moeten af van de negatieve stempel op elk type van werk dat afwijkt van 'voltijds' of 'onbepaalde duur'. De realiteit is nu eenmaal veranderd. De garantie van levenslang werk bij één werkgever bestaat niet meer", zegt Buysse. "De evolutie van tijdelijke contracten en uitzendarbeid is sterk conjunctuurgebonden. Zodra de economische activiteit aantrekt, worden voorzichtigheidshalve eerst tijdelijke en interimcontracten aangeboden. Als de groei aanhoudt, wordt vaak overgeschakeld op vaste contracten. Dat zien we ook heel duidelijk in de cijfers over de jobcreatie: eerst een sterke groei van de tijdelijke arbeid, vervolgens blijvende groei van de werkgelegenheid, en deels omzetting van tijdelijke contracten in contracten van onbepaalde tijd. Interimarbeid blijft de springplank naar vast werk." Paul Verschueren vult aan: "Ruim de helft van de uitzendkrachten krijgt binnen het jaar een vast contract."

© RSZ

Lagere vennootschapsbelasting kan helpen

De jobmarkt mag dan wel aantrekken, de vraag is of dat ook zo blijft. Het Planbureau voorspelt een economische groei van 1,4 procent, het VBO spreekt zelfs van 1,7 procent. Mooie vooruitzichten, die maken dat een beduidend sterkere jobgroei er zeker in zit. Zeker nu de impact van de terreuraanslagen stilaan wegebt en de exportsectoren beter staan door de herwonnen competitiviteit. Maar de onzekere omstandigheden - de brexit, een protectionistische VS - vormen een risico voor een kleine open economie als de Belgische.

België kan zelf extra stappen doen om de groei te blijven ondersteunen, laat het VBO weten. In 2018 en 2019 komen er nieuwe lastenverlagingen voor de bedrijven en de gezinnen. Dat moet positieve effecten hebben voor de jobcreatie. "We blijven aandacht vragen voor de impact van de automatismen in de loonvorming - zoals indexering en barema's - op de competitiviteit en de verhouding tussen loonkosten en de productiviteit", legt Pieter Timmermans uit. "Het verleden heeft geleerd dat een verslechtering van de concurrentiepositie door een ontsporend loonindexmechanisme cash betaald wordt, in de vorm van massale jobdestructie. Daarnaast is er behoefte aan een hervorming en een verlaging van de vennootschapsbelasting, zonder compenserende maatregelen die economische groei en ondernemerschap op enige wijze fnuiken. Twijfelt iemand nog aan het feit dat we met een vennootschapsbelasting van 34 procent ons stilaan maar zeker uit de markt prijzen? Wie het licht van de zon ontkent, doet aan struisvogelpolitiek." Alain Mouton