Een bedrijf dat zijn winst wegschenkt en zijn beurskoers toch ziet stijgen: het lijkt onwaarschijnlijk, maar in China gebeurde het, met dank aan de Chinese president Xi Jinping. Pinduoduo, een Chinese webwinkel gespecialiseerd in voeding, kondigde eind augustus aan dat het omgerekend 1,3 miljard euro van zijn toekomstige winst zou wegschenken aan het goede doel. Na de aankondiging ging de koers van het aandeel in New York ruim 20 procent hoger. De beleggers slaakten een zucht van verlichting. Dankzij zijn vrijgevigheid zou Pinduoduo allicht ontsnappen aan de toorn van Xi.
...

Een bedrijf dat zijn winst wegschenkt en zijn beurskoers toch ziet stijgen: het lijkt onwaarschijnlijk, maar in China gebeurde het, met dank aan de Chinese president Xi Jinping. Pinduoduo, een Chinese webwinkel gespecialiseerd in voeding, kondigde eind augustus aan dat het omgerekend 1,3 miljard euro van zijn toekomstige winst zou wegschenken aan het goede doel. Na de aankondiging ging de koers van het aandeel in New York ruim 20 procent hoger. De beleggers slaakten een zucht van verlichting. Dankzij zijn vrijgevigheid zou Pinduoduo allicht ontsnappen aan de toorn van Xi. Kort voordien had de president "de bedrijven en de groepen met hoge inkomens" aangemaand "meer bij te dragen aan de sociale welvaart". De Communistische Partij had individuele rijkdom lang door de vingers gezien, maar omdat de ongelijkheid de spuigaten uitliep, was de speeltijd voor de bedrijven en hun rijke bazen voorbij. Ook andere bedrijven repten zich om genereuze sommen vrij te maken voor het goed van de maatschappij. Volgens waarnemers zal het geld nauwelijks terechtkomen bij onafhankelijke ngo's, maar grotendeels bij door de overheid gesteunde initiatieven. Zo komen de bedrijven op een goed blaadje in Peking, terwijl de Communistische Partij en haar leider Xi hun controle versterken. "In China is het staatsbelang nooit ver weg", zegt Philippe Snel, een zakenadvocaat die al bijna twintig jaar in Sjanghai woont en werkt. "Peking is de baas. Dat is logica waarmee bedrijven hier moeten leven. Bedrijven kunnen misschien een tijdlang buiten de lijntjes kleuren, maar krijgen uiteindelijk het deksel op de neus. Dat is geen willekeur van de overheid, want zij stuurt altijd waarschuwingssignalen uit. Je moet die signalen alleen willen lezen. Dat heeft een aantal techreuzen de voorbije maanden niet gedaan." Snel geeft Didi Chuxing als voorbeeld, de populaire Chinese taxiapp die eind juni een succesvol beursdebuut maakte in New York. Twee dagen later kondigde de Chinese overheid een onderzoek aan tegen het bedrijf vanwege mogelijke schendingen van de regels inzake de bescherming van persoonsgegevens. Didi moest zijn app uit de Chinese appstores weghalen, waarop het bedrijf een vijfde van zijn beurswaarde verloor. Ook in die zaak speelt het staatsbelang. Met zijn 377 miljoen gebruikers heeft Didi een schat aan data over de handel en wandel van Chinese burgers. Maar het bedrijf nam het ondanks waarschuwingen niet nauw met de privacyregels. "Didi heeft de voortekenen niet willen zien", zegt Snel. "In China heeft de overheid het ultieme zeggenschap over informatie. Didi verzamelde te veel informatie en kreeg dus te veel macht. Misschien had het management niet de maturiteit om dat te beseffen, of had het zo'n grote machtsgreep van de overheid niet verwacht." Didi was niet de enige bedrijfsreus die de voorbije maanden van de karwats kreeg. In april ving de webwinkel Alibaba een recordboete van omgerekend 2,4 miljard euro voor misbruik van zijn dominante marktpositie. Oprichter Jack Ma moest in november ook al toezien hoe Peking de geplande beursgang van fintechreus Ant Group, een spin-off van Alibaba, op het laatste nippertje torpedeerde. Eind juli kregen de bedrijven voor privéonderwijs - die offline en online een ware boom kennen en de positie van het Chinese staatsonderwijs bedreigen - het verbod om winst te maken of buitenlands kapitaal op te halen. De lijst van geviseerde bedrijven - vaak consumentgerichte internetbedrijven - wordt almaar langer. Onlangs nog beval Peking de bedrijven achter de maaltijdbezorgingsapps hun medewerkers beter te behandelen. "De onderliggende motivatie is bij elke ingreep dezelfde: de legitimiteit van het staatsapparaat verzekeren via sociale rust en controle over economische sleutelsectoren", aldus een rapport van de Amerikaanse zakenbank Merrill. "Elke activiteit die de sociale welvaart of de nationale veiligheid bedreigt, komt in het vizier." Voor buitenlandse investeerders klinkt dat nogal onheilspellend. Hopelijk neemt China zijn techbedrijven niet al te zeer in de tang, gezien hun belang voor de werkgelegenheid en innovatie, aldus Merrill. Dat belang zal alleen maar toenemen in het licht van de structurele groeivertraging in China, veroorzaakt door de vergrijzing en de verzwakkende productiviteit. Technologie wordt ook cruciaal voor de realisatie van China's jongste vijfjarenplan, dat focust op innovatie, inclusieve groei en economische zelfredzaamheid. "Investeerders die buiten schot willen blijven, mikken maar beter op sectoren die de Chinese plannen dienen, zoals halfgeleiders, robotica, artificiële intelligentie en biotech. Dat is hoe wij het aanpakken", zegt Paul Van Eynde, co-manager van het Capricorn Fusion China Fund. Het Leuvense investeringsfonds blijft nog op een andere manier buiten schot. Een geldronde moet het kapitaal van het fonds optrekken tot 75 miljoen euro. Dat bedrag is te klein voor investeringen in de miljardenbedrijven die in het vizier van de Chinese overheid staan. Onder de radar blijven is de boodschap voor buitenlandse investeerders, én een goed netwerk in China. Het fonds investeert ook in Europese bedrijven met potentieel voor de Chinese markt en doet dat samen met Chinese investeerders. Een recent voorbeeld is Spectricity, een spin-off van het Leuvense onderzoeksinstituut imec voor hooggespecialiseerde sensoren. Co-investeerder was onder andere het Chinese Shanghai Semiconductor Equipment and Material Fund. "Die Chinese investeerders houden wij graag te vriend", zegt Steven Levecke, co-manager van het Capricorn Fusion China Fund. "Zo krijgen we niet alleen zicht op interessante investeringsdossiers in China, maar ook op de richting die het land uitgaat." Dat laatste is allicht geen luxe. Critici wijzen op de groeiende persoonlijkheidscultus rond Xi en zijn streven naar totale ideologische controle. Zelfs Chinese kinderen van tien jaar krijgen op school de cursus 'Het Gedachtegoed van Xi Jinping' voorgeschoteld. De herinnering aan Mao Zedong en zijn noodlottige Culturele Revolutie is niet ver weg. Kan het voor investeerders nog helemaal verkeerd uitdraaien in China? "Wij zijn niet naïef", zegt Levecke. "Maar als je kunt kiezen tussen België met zijn 11 miljoen inwoners en trage adoptie van nieuwe technologie, en China met zijn 1,4 miljard potentiële consumenten die nieuwe technologieën snel omarmen, dan zijn wij niet bang om die laatste keuze te maken. Ik zie in China nog altijd meer kansen dan problemen." Snel beaamt dat, maar is toch bezorgd. "Door corona zijn de Chinese grenzen al bijna twee jaar gesloten, terwijl de economie blijft draaien. Het brengt sommigen op ideeën die mij erg verontrusten. Wat als we onze grenzen voor altijd gesloten hielden? Dat is hier geen retorische vraag meer."