Ook in Wallonië en Brussel gaat geen dag voorbij zonder dat de pers een nieuwe start-up voorstelt of een kapitaalronde aankondigt, maar grote financieringsrondes zijn in Franstalig België nog altijd zeldzaam. In 2016 waren er kapitaalrondes bij Real Impact Analytics (12 miljoen euro), UnifiedPost (10 miljoen euro), EMAsphere (2 miljoen euro), Menu Next Door (1,75 miljoen euro) en Aproplan (1,5 miljoen euro). Maar dat is nog altijd mijlenver verwijderd van de 46 miljoen euro die de Gentse start-up Showpad ophaalde om zijn mobiele oplossingen voor verkopers verder te ontwikkelen. Of van de 24 miljoen euro die het Vlaamse bedrijfje Auro Technologies, dat audio-innovaties ontwikkelt voor de film- en muzieksector, wist op te halen in China. Kijken we naar de investeringen van enkele grote Belgische durfkapitaalfondsen, dan zitten daar maar weinig deals richting Wallonië bij.
...

Ook in Wallonië en Brussel gaat geen dag voorbij zonder dat de pers een nieuwe start-up voorstelt of een kapitaalronde aankondigt, maar grote financieringsrondes zijn in Franstalig België nog altijd zeldzaam. In 2016 waren er kapitaalrondes bij Real Impact Analytics (12 miljoen euro), UnifiedPost (10 miljoen euro), EMAsphere (2 miljoen euro), Menu Next Door (1,75 miljoen euro) en Aproplan (1,5 miljoen euro). Maar dat is nog altijd mijlenver verwijderd van de 46 miljoen euro die de Gentse start-up Showpad ophaalde om zijn mobiele oplossingen voor verkopers verder te ontwikkelen. Of van de 24 miljoen euro die het Vlaamse bedrijfje Auro Technologies, dat audio-innovaties ontwikkelt voor de film- en muzieksector, wist op te halen in China. Kijken we naar de investeringen van enkele grote Belgische durfkapitaalfondsen, dan zitten daar maar weinig deals richting Wallonië bij. Neem Volta Ventures. Dat durfkapitaalfonds heeft niet minder dan 55 miljoen euro te investeren, maar het heeft tot nu toe nog geen enkele Franstalige start-up uitgekozen. Sinds zijn oprichting is het fonds al in zes projecten gestapt, allemaal in Vlaanderen en Nederland. Nochtans houden de investeerders al sinds de start de Franstalige markt in de gaten. "Wij ontvangen veel minder dossiers uit het zuiden van het land", erkent Frank Maene, managing partner bij Volta Ventures. "Ik mag niet zeggen dat we agressief zoeken, maar het is overduidelijk dat vandaag in de internet- en softwaresector geen Waalse start-up te vinden is die in de buurt komt van pakweg Showpad." Dezelfde klok horen we bij een van de meest gerenommeerde businessangels langs Franstalige kant. "Het is volkomen windstil", zegt Jean-Guillaume Zurstrassen, een van de oprichters van Belcube. "Wij draaien al een hele tijd mee en toch hebben we moeite om goede projecten te vinden waarin we kunnen investeren. De toestroom is niet enorm en er zit vooral minder kwaliteit bij dan we zouden willen. Anderzijds ontsnappen maar heel weinig projecten aan onze aandacht. Ik bedoel, eigenlijk zouden we ons twintig keer moeten vergissen en start-ups laten schieten die uiteindelijk een hoge vlucht nemen, maar dat is niet zo. Dus investeren we veel in de Verenigde Staten en weinig in Wallonië." Minstens even veelzeggend is het gebrek aan participaties in Wallonië door de Franse fondsen Serena Capital en Partech. Nochtans stopte de SRIW (Société Régionale d'Investissement de Wallonie) in 2015 respectievelijk 7 en 5 miljoen euro in elk van die fondsen, in de hoop dat die ook oog zouden hebben voor Wallonië. Het onderwerp ligt gevoelig in Wallonië, waar beleidsmakers met tal van initiatieven komen om Waalse ondernemers te steunen. Zo maakte het gewest met het plan Digital Wallonia in vijf jaar tijd 50 miljoen euro vrij om te investeren in digitale start-ups die in de eerste ontwikkelingsfase zitten. Wat blijkt: 12 maanden en 263 dossiers later heeft W.IN.G (Wallonia Innovation and Growth) slechts 4,8 miljoen euro toegekend aan 43 dossiers, en daadwerkelijk 1,8 miljoen euro vrijgemaakt. Terwijl er in theorie dus elk jaar 10 miljoen euro voorhanden is. Bij gebrek aan geloofwaardige projecten? "Absoluut niet", reageert Pierre Rion, voorzitter van de Waalse Conseil du Numérique. "We investeren nu eenmaal kleine bedragen vanaf 50.000 euro om projecten te steunen die in de startfase zitten. We kunnen bogen op een heel fraai gemiddelde. We aanvaarden ruim 15 procent van de projecten." Olivier Vanderijst, voorzitter van het directiecomité van de SRIW en verantwoordelijk voor het beheer van het W.IN.G-fonds, benadrukt: "Wij blijven daadkrachtig investeren en we aanvaarden veel meer dossiers dan private investeerders gemiddeld doen, maar daarom verplichten we onszelf nog niet om elk jaar 10 miljoen euro vrij te maken. Het is niet onmogelijk dat we in de toekomst beslissen geld uit te geven om start-ups te begeleiden bij hun serie A- en serie B-kapitaalrondes." Volgens een ervaren waarnemer wringt net daar het schoentje: "Er zitten maar heel weinig start-ups bij in de groeifase. Aan Vlaamse kant zijn er enkele digitale goudhaantjes, aan Franstalige kant nog niet. Een aantal start-ups mag dan al het beste laten verhopen, het ontbreekt ons aan startende digitale bedrijven die elke maand een recurrente omzet van 30.000 à 50.000 euro draaien en die stilaan rijp zijn om internationaal te gaan." "Het klopt dat het ons in Wallonië momenteel aan grote sterren ontbreekt", erkent Pierre Rion. "En het klopt ook dat de Vlamingen een lengte voorsprong hebben." Dat komt omdat er in het noordelijke landsgedeelte sneller een ecosysteem tot stand is gekomen. Er zijn ook initiatieven bij de vleet. Denk maar aan iMinds, het strategische onderzoekscentrum voor technologie dat al in 2004 door de Vlaamse regering werd opgericht en dat sindsdien tal van start-ups heeft geholpen ter wereld te komen in Vlaanderen. Nóg eerder, in 2000, was er al het fonds Hummingbird Ventures. Dat aan Franstalige zijde weinig bekende fonds kan bogen op enkele fraaie exits: Clear2Pay (verkocht voor 375 miljoen), Amplidata, Engagor en Shutl. En op participaties in enkele Belgische - Awingu, Showpad - en internationale sterbedrijven als Deliveroo. Die voltreffers stralen af op het Nederlandstalige ecosysteem omdat de succesvolle investeerders hun geld opnieuw in andere projecten stoppen. En dan is er nog Netlog, de socialenetwerksite die voor de komst van Facebook razend populair was in Europa. In die Vlaamse start-up zijn entrepreneurs gevormd die, na de slechte afloop van het Netlog-avontuur, met een eigen start-up zijn begonnen. Daar ligt de kiem van onder meer Engagor, In The Pocket, Showpad, Xpenditure, Realo, enzovoort. Er zijn aan Franstalige kant wel degelijk enkele solide toppers zoals Odoo, CluePoints en eWON (verkocht in 2016), maar de start-upkoorts is pas begonnen na de lancering van initiatieven als BetaGroup (2008), het fonds Internet Attitude (2010), NEST'up (2012) en de oprichting van fondsen zoals Belcube (2012), The Faktory van Pierre L'Hoest (2013), LeanSquare (2014) en tot slot, in de loop van 2015, de komst van Co.Station in Brussel en het door Pierre Rion gecoördineerde plan Digital Wallonia met het W.IN.G-fonds dat starters vleugels moet geven. Gemiddeld moet je rekenen op 53 maanden voor een start-up toe is aan een serie A-kapitaalronde, zegt Thibaut Claes, innovatiemanager bij de netwerkorganisatie Startups.be. Diverse 'niet-Waalse' waarnemers bespeuren wel degelijk digitaal talent in het Franstalige landsgedeelte. "Sinds wij met de SRIW werken, hebben wij het Waalse ecosysteem goed leren kennen", klinkt het bij Marc Fournier, managing partner van het fonds Serena Capital. "Vandaag liggen er diverse mogelijke investeringen ter studie. Het start-upecosysteem in Wallonië is volop aan het veranderen. Het is nog jong, maar het bulkt van de talentvolle mensen met knappe ideeën. De basisvoorwaarden - een hogere opleiding, talent en investeerders - zijn allemaal aanwezig én op niveau. Nu moeten we dat ecosysteem laten rijpen, en je zult zien dat het nog menigeen zal verrassen." Ook Omar Mohout, de Vlaamse goeroe van de digitale sector en software-engineer bij Sirris, verdedigt de vorderingen van het Waalse start-upecosysteem. Hij brengt aan dat de Waalse technologische start-ups vorig jaar 54 miljoen euro hebben opgehaald, tegenover 32 miljoen in 2015. "Het gaat in alle gewesten de goede richting uit, ook in Wallonië", benadrukt de expert. Ook al staat de teller van de middelen die de Vlaamse technologische start-ups hebben opgehaald inmiddels al op meer dan 200 miljoen euro. "Toch zijn er in Wallonië zes scale-ups (start-ups in de groeifase, nvdr) die in 2016 meer dan 750.000 euro hebben opgehaald", zegt Omar Mohout. "Het Waalse Gewest heeft een aantal mature technologiebedrijven, maar heeft nu behoefte aan een nieuwe generatie en aan nieuw bloed."