Het was een legendarisch interview. Georges Marchais, de flamboyante voorzitter van de Franse communistische partij, wordt begin jaren tachtig door twee tv-journalisten op de rooster gelegd. Nadat ze de ene kritische vraag na de andere op hem hadden afgevuurd, zei Marchais: "Wellicht bent u onder de indruk van mijn voorstel om alle inkomens boven 4 miljoen Franse frank tegen 100 procent te belasten. Ik neem gewoon alles."
...

Het was een legendarisch interview. Georges Marchais, de flamboyante voorzitter van de Franse communistische partij, wordt begin jaren tachtig door twee tv-journalisten op de rooster gelegd. Nadat ze de ene kritische vraag na de andere op hem hadden afgevuurd, zei Marchais: "Wellicht bent u onder de indruk van mijn voorstel om alle inkomens boven 4 miljoen Franse frank tegen 100 procent te belasten. Ik neem gewoon alles." Vandaag zou zo'n voorstel absurd klinken. Een generatie geleden was dat zeker niet het geval. In veel westerse landen waren marginale belastingtarieven van 80, 85 of zelfs 90 procent niet uitgesloten. Begin jaren zestig werd de hoogste aanslagvoet in de Verenigde Staten verminderd tot 70 procent. Toen Margaret Thatcher in Groot-Brittannië aan de macht kwam, waren er nog topaanslagvoeten van 85 procent. In 2014 lijkt het absurd opnieuw zulke zware loonbelastingen in te voeren. Toch komt vanuit de Verenigde Staten en de Angelsaksische wereld in het algemeen het idee overgewaaid dat we misschien het beste weer een maximumloon invoeren. Maar dan niet door het opleggen van een nominaal bedrag als maximumloon, wel door de belastingen op de hoogste lonen zo hoog op te trekken dat een buitensporig salaris niet meer interessant is. En als dat niet kan via een belasting, kan de overheid opleggen hoe groot de loonkloof tussen een topmanager en een gewone werknemer mag zijn. De aanhangers van de een of andere vorm van maximumloon geven de loonkloof als reden. Onderzoek van het Britse High Pay Center, dat vorig jaar werd gepubliceerd, leert dat de CEO's van grote bedrijven in 1980 een salaris hadden dat 20 keer hoger was dan dat van een gemiddelde werknemer. Ondertussen ligt het loon van de CEO 160 keer hoger. "Onaanvaardbaar in crisistijden", stelt de Britse econoom Simon Wren-Lewis. "Waarom geen maximumloon afdwingen via een belastingtarief dat zo hoog is dat niemand nog een exorbitant salaris wil betalen?" Een onderzoek van de economen Thomas Piketty, Emmanuel Saez en Stefanie Stantcheva uit 2011 komt tot dezelfde conclusie: de loonkloof moet omlaag, en dat kan enkel door de invoering van een loonplafond. Tijdens de Franse presidentscampagne van 2012 wou de radicaal-linkse presidentskandidaat Jean-Luc Mélenchon (Mouvement de Gauche) voortborduren op de oude uitspraken van Georges Marchais en de recente inzichten van bovenstaande economen. Mélenchon vindt dat het hoogste loon in een bedrijf 20 keer hoger mag liggen dan het minimumloon van 1700 euro bruto per maand. Dat zou betekenen dat een CEO maximaal 34.000 euro bruto per maand mag verdienen. Op jaarbasis is dat 408.000 euro. Veel managers van een kmo komen niet eens aan dat jaarsalaris. De socialist François Hollande pleitte voor een belasting van 75 procent op de hoogste inkomens. Als hij verkozen werd, wou Hollande die heffing invoeren. Dat lokte heel wat tegenstand uit en de regering besloot ze bij te sturen. Eind vorig jaar zette het Franse Grondwettelijk Hof het licht op groen voor een tarief van 50 procent op de inkomens boven 1 miljoen euro. Tellen we daar nog de sociale bijdragen bij, dan loopt de belasting op tot 75 procent. Het bedrag dat een bedrijf via die belasting moet afdragen, bedraagt maximaal 5 procent van de omzet. De belasting wordt geheven op de inkomens van 2013 en 2014, en zou zo'n 200 miljoen euro moeten opbrengen. Zo'n hoge belasting komt dus overeen met het plafonneren van het loon. Tekent zich hier een Europese trend af? Niet echt. In Zwitserland maakte de bevolking vorig jaar een andere keuze. Bij een referendum kregen de inwoners de vraag of het loon van een CEO moest worden beperkt tot 12 keer het salaris van de minst betaalde werknemer. 65 procent van de kiezers verwierp het voorstel. In België is het maximumloon vooralsnog geen hot item. Dries Buytaert, de chief technology officer van de informaticadienstverlener Acquia, wees in een tweet op de discussie die in de Verenigde Staten was ontstaan over de zin en onzin van het maximumloon. Buytaert verwees naar Harvard-alumnus Matthew Yglesias, die in een artikel op Vox.com stelde dat zo'n maximumsalaris al bestaat in de NBA-basketbalcompetitie. De salarisbeperking is efficiënt en rechtvaardig: ze doet de topbasketters niet slechter spelen en het leidde tot hogere lonen bij niet-topspelers. Dat is de filosofie die de voorstanders van een maximumloon hanteren: salarissen stijgen parallel met de toenemende productiviteit, maar op een bepaald moment is de limiet bereikt. "Dat werkt op termijn verstorend", stelt Yglesias. Een marginaal belastingtarief van 90 procent op de hoogste lonen betekent dat een loonsverhoging van 100 dollar op de bankrekening van een topmanager het bedrijf 1000 dollar kost. In plaats van 900 dollar naar de staatskas door te sluizen, zou het beter geweest zijn dat geld te verdelen onder vijf middelmanagers die niet in de hoogste belastingschijf terechtkomen, aldus Yglesias. Daarnaast is er onderzoek van andere Amerikaanse economen dat stelt dat een te lage belasting op toplonen de arbeidsmarkt en op termijn de hele economie ontwricht. Topwiskundigen gaan bijvoorbeeld liever aan de slag in de financiële sector, waar ze exorbitante salarissen kunnen verdienen dan zich te wijden aan onderzoek of onderwijs. De discussie over het maximumloon mag in de Angelsaksische wereld al op gang komen, in België is er amper iets van te merken. Zelfs ter linkerzijde staat het niet bovenaan op de prioriteitenlijst. Daar zijn verschillende redenen voor. Een eerste is dat er nog altijd veel economen zijn die wijzen op de onzin van een maximumloon. Dat komt omdat het pleidooi voor een maximumloon wordt gekoppeld aan het principe van de billijke loonspanning (het verschil tussen het laagste en het hoogste loon). Cijfers van Hay Group leren dat de loonspanning in België gemiddeld 1 op 16 is. De CEO verdient dus gemiddeld 16 keer meer dan de minst betaalde werknemer in het bedrijf. In Nederland is de loonspanning vergelijkbaar. In Frankrijk loopt die op tot 21 en in Groot-Brittannië tot 24. Een systeem waarbij de loonspanning wordt opgelegd aan bedrijven voert onrechtstreeks een maximumloon in. Volgens de Nederlandse onderzoeker Hugo Van Reijen is dat economisch inefficiënt, zeker in landen waar de gemiddelde loonspanning beperkt is. En daar onderscheidt een land als België zich van de Verenigde Staten, waar de loonspanning tot 400 of meer kan oplopen. Van Reijen: "Om te beginnen wordt het in landen met een lage loonspanning voor een bedrijf moeilijk om krachten weg te halen bij de concurrent die het maximumloon al betaalt." Hij geeft het voorbeeld van een ziekenhuis dat een wereldberoemde arts wil aantrekken. "Is het aanvaardbaar dat de overheid het ziekenhuis verbiedt die persoon in dienst te nemen, omdat het overeengekomen bedrag het maximumloon overschrijdt? Dat geldt voor een universiteit en een docent, voor een bedrijf en een manager en voor elke activiteit, waarvoor een salaris wordt toegekend. In feite begint de overheid zich nu al te bemoeien met het toe te kennen loon, zodra sprake is van een progressieve inkomstenbelasting. Dat is schadelijk." Van Reijen wijst er ook op dat een maximumloon slechts kan werken als het wereldwijd wordt ingevoerd. "Het is waarschijnlijk, dat wie meer waard is dan het maximumloon, zich aangemoedigd zal voelen te emigreren naar een land waar geen maximumloon bestaat. De negatieve gevolgen van een braindrain zijn bekend." Ook de voorstanders van een maximumloon geven toe dat er nog onderzoek nodig is om te kunnen vastleggen wat het juiste maximumloon, de gepaste loonspanning of de exacte maximale belastingvoet is. Wat meteen duidelijk maakt dat het nog een hele tijd zal duren vooraleer een land als de VS zo'n maximumloon invoert. Een andere reden waarom het maximumloon in België geen strijdpunt is, heeft te maken met de hoogte van de Belgische managementlonen. In vergelijking met andere EU-landen zijn die zeker niet exorbitant. Als we het volledige salarispakket bekijken (inclusief vast salaris, bonus en verloning in aandelen), dan is het Verenigd Koninkrijk duidelijk het gulst. De grootste bedrijven met een balanstotaal van meer dan 5 miljard euro betalen hun CEO 4,7 miljoen euro (mediaan). De tweede in de rij is Duitsland met 3,1 miljoen euro, op een afstand volgen Nederland (2,5 miljoen euro) en Frankrijk (2,3 miljoen euro). België sluit de rij van de onderzochte landen af met bijna 2 miljoen euro. In België is er dus zeker geen sprake van buitensporige topsalarissen. Daar komt nog bij dat de vorige Belgische regering heeft beslist dat het loon van een overheidsmanager in een bedrijf dat onderworpen is aan internationale competitie geplafonneerd is op 650.000 euro. De derde reden waarom het maximumloon hier niet hoog op de agenda staat, is dat de inkomens in België al sterk worden herverdeeld, zonder zo'n plafond in de privésector. Nergens in Europa is het beschikbare inkomen zo gelijk verdeeld als in België. De fiscus en de sociale zekerheid maken dat een flink deel van het inkomen van rijk naar armer wordt verschoven. De 10 procent rijkste Belgen betalen bijna 50 procent van de totale personenbelasting. Belgen komen al met een gemiddeld inkomen in de hoogste belastingschijf terecht. Waarmee we meteen bij het belangrijkste Belgische loonissue zijn: de loonkosten. Dat probleem wordt veel meer als een onrechtvaardigheid beschouwd dan de vraag of bepaalde lonen niet het beste worden afgetopt. Bart Steukers, general manager Europa van de ICT-dienstverlener Unisys, kan vanuit zijn internationale ervaring goed vergelijken. "De term maximumloon leeft nauwelijks in een Europese context. Maar het is duidelijk dat we het in Europa moeilijk hebben om met loonkosten om te gaan. De loonkosten zijn een statisch gegeven dat in het beste geval onder controle wordt gehouden. Terwijl je omgekeerd zou moeten werken. Welke business ben ik aan het veroveren en hoe kan ik mijn loonkosten daarop afstemmen? Maar dat is hier zeer moeilijk." "Ik heb een interessante oefening gemaakt. Ik vergeleek de verloning van honderd projectmanagers, IT-architecten en consultants in België en in Nederland. Kijk je enkel naar het salaris, dan is België 1 miljoen euro duurder. Kijk je ook naar de voordelen en de sociale lasten, dan heb je een verschil van 2,5 miljoen euro. Ik denk dat in het verloningsdebat de focus in België en Europa nog een tijd hierop zal liggen: hoe ga je met die zware loonlasten om?" Als er dan toch een debat moet worden gevoerd over het aftoppen van lonen, dan vindt Steukers dat moet worden gefocust op het anciënniteitsprobleem, waarbij oudere werknemers veel meer verdienen dan jongere. "We zouden voor een model moeten kunnen kiezen dat je wat minder verdient vanaf 50 jaar. Je wordt elk jaar goedkoper voor klanten en die maken gebruik van je ervaring. Je wordt interessanter voor het bedrijf en je zal langer mogen blijven." ALAIN MOUTON"Het is waarschijnlijk dat wie meer waard is dan het maximumloon, zich aangemoedigd zal voelen te emigreren naar een land waar geen maximumloon bestaat" Hugo Van Reijen Het maximumloon staat in België niet hoog op de agenda, omdat de inkomens al sterk worden herverdeeld. Er zijn nog altijd veel economen die wijzen op de onzin van een maximumloon.