Filip De Poorter begint het interview met een kleine bekentenis. Hij reist dit jaar niet af naar Cannes. Heeft Mipim tijdens de crisisjaren zijn status van niet te missen event misschien verloren?
...

Filip De Poorter begint het interview met een kleine bekentenis. Hij reist dit jaar niet af naar Cannes. Heeft Mipim tijdens de crisisjaren zijn status van niet te missen event misschien verloren? "Ik ga al dertien jaar naar Mipim, een jaartje passen kan geen kwaad. De timing - midden in de krokusvakantie - is voor veel Belgen niet zo gelukkig, maar dat doet niets af aan het belang van de Mipim. Het is en blijft voor de sector de ontmoetingsplaats bij uitstek. Ik verwacht ook dat het na twee erg sombere jaren een optimistische editie wordt. Er is weer veel geld op de markt en we voelen ook weer appetijt voor Belgisch vastgoed. Recente deals zoals de verkoop van het Re-naissancegebouw in Brussel en het Kamgebouw in Brugge bevestigen dat." In die twee jaar is er ook veel ver-anderd in de business, wat ook te zien is aan de sterk gewijzigde projectportefeuille van Kairos. Kairos bouwt voor het Antwerpse OCMW op drie locaties 500 serviceflats en drie dienstencentra. In Brussel heeft de projectontwikkelaar drie residentiële pro-jecten in verkoop en er staan er nog twee op stapel. Goed voor in totaal meer dan 300 appartementen. Het is even wennen, want we kennen Kairos, sinds 2007 een dochter van de Nederlandse Koninklijke BAM Groep, vooral van grootschalige kantoorcomplexen genre Corporate Village. FILIP DE POORTER (KAIROS). "De vraag zit nog niet op het niveau van voor de crisis. Er is in de crisispe-riode ook weinig nieuw aanbod ge-creëerd. Dat was een positief punt voor de markt. Maar aan de vraagkant is het niet alleen rozengeur en maneschijn, dat blijkt toch ook uit de rapporten van de makelaars. De take up mag dan in 2010 al wat hoger geweest zijn dan in 2009, het blijven moeilijke marktomstandigheden. "En toch ben ik gematigd optimistisch, want we stellen wel vast dat bedrijven weer bezig zijn met huisvestingsplannen. Dat is zonder meer een positieve tendens. Bedrijven hebben de beslissingen lang uitgesteld, maar zijn nu toch volop op zoek naar duurzame huisvestingsoplossingen. Het neemt allemaal wat meer tijd in beslag, bedrijven zijn ook zeer kostenbewust, maar het beweegt toch." DE POORTER. "Ik denk dat er structureel niet echt veel veranderd is. Maar vergeet niet dat de Brusselse kantoormarkt ook voor de crisis nog maar weinig nieuwe bedrijven aantrok. Je moet daar realistisch in zijn, het is vooral een verplaatsingsmarkt: bedrijven die van oude naar nieuwe gebouwen verhuizen, zorgen voor het belangrijkste deel van de activiteit. De gebouwen waar ze uit wegtrekken, worden grondig gerenoveerd of krijgen een nieuwe, meestal residentiële bestemming. De stad stimuleert dat trouwens en ik denk dat dit nuttig is." DE POORTER. "Dat denk ik wel, ja. Er is een structureel overaanbod, zeker in de periferie. Als je de take up op jaarbasis bekijkt en je legt die naast de leegstand, dan kom je tot de vaststelling dat je toch al enkele jaren nodig hebt om een en ander weg te werken. Er is nog een bijkomend probleem. De meeste grote internationale bedrijven hebben een duurzaamheidspolitiek waardoor ze strenge eisen stellen aan hun gebouwen. Wel, complexen die drie jaar geleden op de markt zijn gekomen, relatief jonge gebouwen dus, beantwoorden al niet meer aan die normen en vallen dus buiten hun scope." DE POORTER. "Groei is misschien veel gezegd. Want ook die regionale kantoorsteden zijn in sterke mate afhankelijk van interne verschuivingen. Maar dichter bij huis werken is onmiskenbaar een maatschappelijke trend. Het is een vorm van comfort die werkgevers willen geven aan hun medewerkers. En om mensen te kunnen aantrekken, is zo'n regionaal kantoor ook een troef. "De slinger is dus omgeslagen. Want begin jaren negentig hebben consultants bij al hun klanten grote concentratiebewegingen georganiseerd. Nu zien we, onder invloed van de mobiliteitsproblematiek, compleet de tegenovergestelde beweging. En dat is inderdaad een tendens die in het voordeel van de regionale kantoorsteden speelt. Komt daarbij dat je in de regionale steden met een heel oude stock zit. Er is dus een tekort aan nieuwe, moderne gebouwen." DE POORTER. "We zijn altijd actief gebleven op de kantoormarkt en dat verandert op korte termijn zeker niet. We zijn alleen veel voorzichtiger geworden. Onze residentiële activiteiten hebben we sterk kunnen uitbouwen met de overname begin 2010 van City Projects. Dat bedrijf had enkele mooie Brusselse projecten in de portefeuille. Voor ons was dat een geweldige opportuniteit. Maar de strategische beslissing om ook een speler op de residentiële markt te worden, dateert al van 2008 toen we samen met KVH het project Genève Park in Evere aankochten waar ook Skyline Europe mee is ingestapt. "Het is een beslissing die we zeker niet betreuren De residentiële portefeuille is een mooie aanvulling en zorgt inderdaad voor risicodiversificatie. Met onze stap in het zorgvastgoed spelen we in op de grote vraag in die sector en op een belangrijke maatschappelijke evolutie. Voor een deel sluit het ook aan bij onze residen-tiële expertise en activiteiten. Het is absoluut de bedoeling om ook met andere openbare besturen projecten op te starten in deze sector." LAURENZ VERLEDENS"De markt in Brussel is structureel niet veranderd" Filip De Poorter, Kairos