Markt en industrie
...

Markt en industrieIn de periode rond de Boekenbeurs duikt telkens weer de discussie op over de vaste boekenprijs. Een boek is een economisch product, maar ook een cultuurproduct ; de voorstanders van de vrije boekenprijs vragen respect voor het eerste, de tegenstanders voor het tweede. Economen moeten aanvaarden dat een boek geen overhemd is, cultuuradepten moeten inzien dat men niet straffeloos de economische wetmatigheden kan tarten. De oorzaak van de vaak bitsige discussie ligt in de verwarring tussen markt en industrie. Dat bibliofielen dit onderscheid niet zien, kunnen we hun moeilijk kwalijk nemen ; economen zouden echter beter moeten weten. WINST.We leven in een vrijemarkteconomie. Voor een economisch "beste" boekenprijs valt de vrije markt niet te kloppen. Alle argumenten in de andere richting zijn pseudo-argumenten. Het is bijvoorbeeld ontroerend te lezen dat de boekhandelaar, bij vaste prijzen, door zijn hogere winstmarge op de bestsellers een lagere winstmarge zou aanvaarden op het "moeilijke" boek. Dat zal wel zo zijn als die boekhandelaar ook een boekenliefhebber is. Een handige handelaar zal net het omgekeerde doen : alleen bestsellers verkopen en de winst incasseren.Er zijn uiteraard nog andere economische bezwaren. Waarom een vaste prijs voor kookboeken, strips en computerhandboeken ? En waarom geen vaste prijs voor cd's ? Door een vaste prijs voor Helmut Lotti zou men namelijk ook het "zwaardere" werk van Mahler of Bartók kunnen subsidiëren. En misschien kunnen we ook denken aan een vaste voedselprijs, zodat het (goedkopere) ongezonde voedsel het (duurdere) gezonde kan subsidiëren. WAARDEN.Toch verdedigen de voorstanders van de vaste boekenprijs een nobel doel. Cultuurverspreiding, diversiteit in het aanbod, steun aan het "moeilijke" boek en aan "jonge" auteurs zijn belangrijke waarden, die in een totaal vrije markt in de verdrukking kunnen komen.Ik kan de voorstanders van een vaste boekenprijs ook volgen in het argument dat (sommige) boeken geen producten zijn zoals een overhemd of een kilo worst. Het zijn cultuurproducten, en die worden maar beter niet overgeleverd aan de economische tempeesten van de vrije markt.Stel dat we beslissen het "betere" boek te onttrekken aan de markt. Hoe kan dat dan, zonder diezelfde markt te ontwrichten ?We kunnen de aanbodzijde subsidiëren : schrijvers, uitgevers en verkopers kunnen premies krijgen. Wat is er tegen het geven van een flinke beurs aan "moeilijke" of beloftevolle "jonge" schrijvers ? Zeker geen economische bezwaren of toch wel : de overheid heeft geen geld. Laten we dan een kat een kat noemen. Als de overheid geen geld heeft om cultuur te ondersteunen, laat ze dan tenminste haar financiële problemen niet afwentelen op de vrije markt.INKOMSTEN.We kunnen ook accijns heffen op het "slechtere" boek : een ietwat wereldvreemde maatregel. Hoewel, de overheid doet dat toch ook al voor het "slechtere" genotmiddel en de "slechtere" energie. Het zou een nieuwe bron van inkomsten kunnen zijn : accijns op stationsromannetjes en andere pulpverhalen. Op die manier verdwijnt een deel van het prijsverschil tussen het betere boek en het slechtere, en dat is toch wat men wil. Dwaas misschien, maar niet minder dwaas dan een vaste boekenprijs.Minder extreem is dat de overheid de lokale boekhandel kan helpen om wat professioneler te zijn, want daar is het in 80 % van de gevallen huilen met de pet op. Vraag eens in een lokale boekhandel naar de laatste Pulitzer-prijs. De vriendelijke mevrouw die gewoon is Libelle en Konsalik te verkopen, zal het in Keulen horen donderen. Een vaste boekenprijs zou wel eens een gebrek aan professionalisme kunnen beschermen, en daar wordt niemand echt beter van. De overheid kan uiteraard ook de kopers subsidiëren, door elke aanschaf van een "beter" boek aftrekbaar te maken van de belastingen. Of een jaarlijks kerstgeschenk, "U aangeboden door uw Vlaamse overheid". Toch jammer dat die overheid geen geld heeft...TOEVALLIG.Champagne, oesters en kristallen glazen behoren tot dezelfde (luxe)markt, maar ook tot sterk verschillende industrietakken. Een markt heeft te maken met soorten behoeften, een industrie met soorten kernbekwaamheden. Zitten uitgevers en boekhandelaars in de boekenindustrie of in de informatiemarkt ?Zitten ze in de boekenindustrie, dan zijn ze sterk in het drukken, inbinden en verspreiden van boeken. Er is geen enkele reden om deze industrie meer te steunen dan pakweg de zeepindustrie. Zitten ze in de informatiemarkt, dan zijn ze sterk in het opsporen van goede bronnen, in het omzetten van informatie in een relevante vorm (boek, cd, Internet,...) en het verspreiden van deze vorm op een rendabele manier.Hier kan de gemeenschap wél oordelen dat steun een hoger (cultureel) doel dient. Dan moet men echter niet in de eerste plaats de boeken subsidiëren of beschermen, maar wel een aantal processen zoals talentscouting, promotie en ontwikkeling van informatiedragers. Anders gezegd : het boek is een min of meer toevallige vormgeving die een industrie geworden is, en deze industrie zit in de problemen.MARGINAAL.Het boek als infomatiedrager is sterk bedreigd. In de Verenigde Staten bijvoorbeeld worden steeds meer romans verkocht op audiocassette. De meeste computerhandboeken staan al op schijf. In de informatiemaatschappij loopt de boekenindustrie op haar laatste benen. Volgens alle economische wetten zal deze verdwijning nog versneld worden door een vaste boekenprijs.Als toevallige drager van informatie zal het boek onwaarschijnlijk snel terrein verliezen tegenover andere dragers die geen vaste prijs kennen. Of moet er dan ook een vaste prijs komen voor audiocassette, videofilm, cd-rom, floppydisk en Internet-aansluiting ? Het stimuleren van auteurs, de vrijheid van mening en diversiteit in het aanbod worden beter gediend door Internet dan door boeken. De overheid kan dus beter Internet promoten dan boeken.De vaste boekenprijs beschermt geen markt, maar een industrie die op de koop toe marginaal dreigt te worden. Laten we dit onafwendbare proces maar niet bespoedigen, want ik hou echt te veel van boeken.MARC BUELENS Prof. dr. Marc Buelens is hoofddocent aan de Universiteit Gent en partner van de Vlerick School voor Management.