Vandaag zou Dan Brown (1964) gewoon de kans niet meer krijgen om zijn verpletterende bestseller De Da Vinci Code uit te geven. Eind 2001 bracht hij zijn derde thriller uit, De Delta Deceptie, en alweer was de verkoop een flop. Toch wilde de uitgever het nog eens proberen, in de overtuiging dat het talent gerijpt was. Succes van een nieuw boek zou ook de vorige thrillers doen verkopen. "Zo ging het vroeger tenminste, in de tijd dat de meeste uitgeverijen particuliere bedrijven waren die zich de luxe konden permitteren een onbekende schrijver een vaste lezerskring te laten opbo...

Vandaag zou Dan Brown (1964) gewoon de kans niet meer krijgen om zijn verpletterende bestseller De Da Vinci Code uit te geven. Eind 2001 bracht hij zijn derde thriller uit, De Delta Deceptie, en alweer was de verkoop een flop. Toch wilde de uitgever het nog eens proberen, in de overtuiging dat het talent gerijpt was. Succes van een nieuw boek zou ook de vorige thrillers doen verkopen. "Zo ging het vroeger tenminste, in de tijd dat de meeste uitgeverijen particuliere bedrijven waren die zich de luxe konden permitteren een onbekende schrijver een vaste lezerskring te laten opbouwen," schrijft Lisa Rogak in Dan Brown - De man achter De Da Vinci Code. Nauwelijks een paar jaar later blijkt die rijpingskans niet meer te bestaan. Machtige mediaconcerns en internationale investeringsmaatschappijen hebben de grote uitgevershuizen opgeslokt. Ze willen er drie vliegen in één klap slaan: prestige, synergie (met andere media) en geld. Dat wilden de traditionele uitgevers ook wel, maar zij hadden ook geduld. Nu moeten de aandeelhouders tevredengesteld worden en zij hebben anno 2006 geen geduld. Als een boek niet meteen scoort, mag de schrijver een volgend contract vergeten. Zelden is de impact van het aandeelhouderskapita- lisme duidelijker beschreven. Eind 2001 pakten zich nog meer onweerswolken samen. De thrillermarkt kende een enorme dip na de terreur van 11 september 2001. Bovendien vertrok Jason Kaufman, die zowel Het Bernini Mysterie als De Delta Deceptie geredigeerd had, bij Simon & Schuster. Gelukkig kon de redacteur zijn nieuwe werkgever, Doubleday, overtuigen om een contract aan te bieden aan Dan Brown. In de niet-geautoriseerde biografie vertelt Lisa Rogak in uptempo het wel en wee van Dan Brown. Ondanks een mislukte poging om het te maken als singer-songwriter en de bijna geflopte schrijverscarrière, is het geen van-goot-tot-kasteelsprookje, zoals de bio van dat andere bestsellerkanon, J.K. Rowling ( Harry Potter). Van de goot heeft Dan Brown nooit geproefd. Hij groeide op in een leraarsgezin, gaf les in Beverly Hills (onder meer aan kinderen van mediamagnaat Rupert Murdoch en voormalig Disneybaas Michael Eisner) en in een elitaire kostschool in New Hampshire (waar ook zijn vader lesgaf en waar hij zelf school liep). Misschien schuilt de grootste verrassing in zijn vrouw, Blythe Newlon, twaalf jaar ouder dan Brown. Ze leerde hem kennen toen ze zijn platen promootte. Later spoorde ze hem aan alles op het schrijven te zetten. Ze verrichtte een groot deel van de research en werkte alweer aan de promotie. Mannen kunnen niet zonder... Meer info over de zakelijke aanpak van De Da Vinci Code vindt u op blz. 72. Luc De Decker Lisa Rogak, Dan Brown - De man achter De Da Vinci Code. Kosmos/Z&K, 159 blz., 12,50 euro. Verkochte exemplaren van De Da Vinci code: Wereldwijd: 45 miljoen. In het Nederlands: 1,3 miljoen. Waarvan in Vlaanderen: 250.000. Verkochte exemplaren van de andere drie boeken van Dan Brown ( Het Juvenalis dilemma, Het Bernini mysterie en De Delta deceptie): In het Nederlands: 1,4 miljoen. Waarvan in Vlaanderen: 242.000. Luc De Decker