De gezondheid van een Belg kost gemiddeld 1983 dollar per jaar, terwijl in Nederland die factuur op 2138 dollar ligt. Duitsers geven 2412 dollar uit aan gezondheidszorg en in de VS is dat zelfs 4887 dollar. En toch sterven we niet vroeger dan onze noorderburen, terwijl we gemiddeld wel bijna twee jaar ouder worden dan de Duitsers en Amerikanen.
...

De gezondheid van een Belg kost gemiddeld 1983 dollar per jaar, terwijl in Nederland die factuur op 2138 dollar ligt. Duitsers geven 2412 dollar uit aan gezondheidszorg en in de VS is dat zelfs 4887 dollar. En toch sterven we niet vroeger dan onze noorderburen, terwijl we gemiddeld wel bijna twee jaar ouder worden dan de Duitsers en Amerikanen. België doet het dus goed. Te veel trots zou misplaatst zijn, want het huidige systeem is niet groeibestendig. Het grote probleem van de Belgische ziekteverzekering is de uitgavengroei. De jaarlijkse groeinorm van 4,5 % die we nu kennen ligt hoger dan de groei van het bruto binnenlands product (BBP). Oorzaken zijn de vergrijzing, duurdere medische technologie en de kwaliteitshonger van de patiënt. Dat is ook het geval bij onze buurlanden, maar die houden het bescheidener, met een groeivoet van 3 % tot 3,25 %. We besteden vandaag al 8,9 % van het BBP aan de gezondheidszorg. De Belgische overheid neemt daarvan zowat twee derde voor haar rekening en is daarmee genereuzer dan andere Europese landen. Juist daarom is het dalende aantal actieven in de bevolking een bedreiging - uiteindelijk betalen de loontrekkers de fabuleuze factuur van ondertussen 17,2 miljard euro. Er worden de jongste tijd ideetjes gelanceerd om een andere financiering van de gezondheidszorg mogelijk te maken. Meer ruimte voor privé-verzekeraars is een mogelijke piste, de uitbouw van een algemene sociale bijdrage (ASB) een andere. Beide kunnen misschien tijdelijk soelaas brengen, maar fundamenteel wijzigt dat niets aan de bureaucratische beslissingsstructuren in de ziekteverzekering. En daaraan moet dringend wat veranderen. Het budget wordt bijna op feodale wijze verdeeld onder de verschillende machtsblokken in de gezondheidszorg. Wanneer er meer budget is, kibbelen die als een roedel wolven om het toegeworpen been; wie het hardste blaft, krijgt het grootste stuk. Wanneer er moet bespaard worden, moet de kleinste keffer het meeste afstaan. Er is dringend meer visie nodig in de gezondheidszorg. Onderzoeker Lieven Annemans ( Universiteit Gent) stelt voor om gezondheid te beschouwen als het eindproduct van een goede gezondheidszorg. Concreet moet de overheid gezondheidsdoelstellingen opstellen en uitwerken hoe we die kunnen halen. Zo kan een antirookbeleid zorgen voor een daling van het aantal longkankers en hart-infarcten. Daarbij is het van belang om te budgetteren over de grenzen van de verschillende disciplines, zodat dubbele onderzoeken worden vermeden. Schuchtere pogingen in die richting bestaan al. Voor patiënten met chronische bronchitis (COPD) is een jaarbudget mogelijk dat zowel zuurstofbehandeling als medicamenten omvat. De sleutelvraag bij het bepalen van de doelstellingen is vooral of ze op een kostenefficiënte manier kunnen worden behaald? Indien niet, dan komt er geen terugbetaling. Concreet: is een dure chemokuur voor een levensverlenging van enkele weken te verantwoorden vanuit kostenoogpunt? Ethisch een harde noot om te kraken, maar op die manier legt de overheid prioriteiten vast. Als dan de kosten stijgen, weten we tenminste dat de centen wel besteed zijn. Roeland Byl