Een nieuwe wagen kost al gauw enkele tienduizenden euro's. In economischecrisistijden is dat voor veel consumenten een te zware investering. In november zagen de Belgische autodealers hun verkopen dalen met ruim 11 procent tegenover dezelfde periode een jaar geleden. Meer en meer particulieren begeven zich op de tweedehandsmarkt. Automerken spelen in op die trend door jonge tweedehandswagens uit hun stal aan te bieden. Zowat alle merken hebben een circuit voor eigen tweedehandswagens. Ze gebruiken dat om demonstratiemodellen, promotiewagens en ingeruilde leaseauto's aan de man te brengen. Ze hebben er baat bij om die voertuigen in hun netwerk te houden: wie vandaag een jonge tweedehandsauto koopt, schaft zich na de crisis misschien wel een nieuwe wagen van dat merk aan.
...

Een nieuwe wagen kost al gauw enkele tienduizenden euro's. In economischecrisistijden is dat voor veel consumenten een te zware investering. In november zagen de Belgische autodealers hun verkopen dalen met ruim 11 procent tegenover dezelfde periode een jaar geleden. Meer en meer particulieren begeven zich op de tweedehandsmarkt. Automerken spelen in op die trend door jonge tweedehandswagens uit hun stal aan te bieden. Zowat alle merken hebben een circuit voor eigen tweedehandswagens. Ze gebruiken dat om demonstratiemodellen, promotiewagens en ingeruilde leaseauto's aan de man te brengen. Ze hebben er baat bij om die voertuigen in hun netwerk te houden: wie vandaag een jonge tweedehandsauto koopt, schaft zich na de crisis misschien wel een nieuwe wagen van dat merk aan. "De potentiële kopers moeten beseffen dat zulke merkgebonden tweedehandslabels niet om humanitaire redenen werden opgezet", waarschuwt Brecht Vanhaelewyn, de hoofdredacteur van de website Auto55.be. "Met dat alternatieve circuit kunnen de autobouwers de tweedehandswaarde van hun merken beter controleren. Dat is vooral een wapen in de strijd om een groter marktaandeel op de fleetmarkt: als de leverancier weet dat een auto een hoge restwaarde heeft, kan hij scherpere tarieven aanbieden. Voor de consument kan dat ook interessant zijn. Via de fleetformules en het interne wagenpark hebben merkdealers toegang tot grote aantallen wagens met een interessante verhouding tussen de leeftijd en de kilometerstand. Dat is ideaal voor wie zich zo'n voormalige leasing- of directiewagen wil aanschaffen. Die types zijn minder gemakkelijk te vinden bij de traditionele tweedehandsverkopers." Als u een tweedehandswagen koopt via het merkdealerscircuit, betaalt u meestal meer dan aan een particulier of aan een traditionele tweedehandsverkoper. Maar die meerprijs is volgens Vanhaelewyn te verantwoorden. "De koper krijgt vaak uitgebreide garantievoorwaarden, omdat de autobouwer service nu eenmaal hoog in het vaandel draagt. Afhankelijk van de formule kan daar bijvoorbeeld ook nog een pechbijstand en een vervangingswagen bij komen. De merknetwerken hebben een schaalvoordeel, waardoor zulke formules voor hen gemakkelijker haalbaar zijn. Bovendien zijn ze gevoelig voor hun imago. Bij een schadeclaim kan dat in het voordeel van de consument spelen." "De uitgebreide garantie van die jonge tweedehandswagens is een troef", bevestigt Steve Mestdagh van Test-Aankoop. "De merkdealer onderwerpt zulke auto's aan een extra onderzoek, boven op de verplichte tweedehandskeuring. Op die manier is hij er zeker van dat de auto geen verborgen gebreken heeft, terwijl de klant een stuk gemoedsrust koopt. Maar daar betaal je natuurlijk wel voor." Toch weegt dat garantievoordeel minder door dan enkele jaren geleden. Toen Opel en Peugeot in de jaren negentig als eerste een eigen circuit opzetten, wilden ze het verschil maken op de tweedehandsmarkt, die in die tijd geen al te beste reputatie had. Intussen hebben zowat alle merken de succesformule gekopieerd. Bovendien bieden merken tegenwoordig uitgebreide garantievoorwaarden aan. "Sommige geven een fabriekswaarborg van vijf of zeven jaar", zegt Brecht Vanhaelewyn. "Als je weet dat die overdraagbaar is op de volgende eigenaar, is het duidelijk dat kopen via het merkdealerscircuit tegenwoordig minder voordelig is." Er zijn nog andere voordelen verbonden aan dat circuit. Een jonge tweedehandsauto van een merkdealer is doorgaans betrouwbaar. De selectiecriteria zijn streng, want de merkdealers, die bezorgd zijn om het imago van hun merk, kunnen zich geen fouten veroorloven. Bovendien hebben ze alle middelen om de auto op te lappen als dat nodig zou zijn. Op die manier kunnen kleine lakfoutjes of krasjes met de juiste verf worden bijgewerkt. De verkoper is altijd vertrouwd met zijn merk. De klant kan dus rekenen op goede informatie en op een behoorlijke service. "In het particuliere circuit zijn betere prijzen te vinden, maar hier krijg je meer zekerheid", stelt Steve Mestdagh van Test-Aankoop. Dat is ook het advies van Brecht Vanhaelewyn van Auto55.be: "De aankoop via een particulier is in principe altijd goedkoper. Maar die persoon moet wel kennis van zaken hebben. Een grondige controle, bijvoorbeeld via een onafhankelijke instantie zoals de VAB, is geen overbodige luxe."ROEL VAN ESPEN Merkdealers bieden vaak uitgebreide garantievoorwaarden.