Enige tijd geleden vroeg ik aan onze studenten wie van hen al een bedrijf had gestart of dat van plan was. Vijfenveertig van hen outten zich als student-ondernemers. Allemaal hadden ze een plan en een droom die ze willen waarmaken. Dromen die we moeten koesteren.
...

Enige tijd geleden vroeg ik aan onze studenten wie van hen al een bedrijf had gestart of dat van plan was. Vijfenveertig van hen outten zich als student-ondernemers. Allemaal hadden ze een plan en een droom die ze willen waarmaken. Dromen die we moeten koesteren. Niet alleen de drang om te ondernemen groeit, ook de omkadering krijgt vorm. KBC heeft in meerdere steden zijn Start-it-centres ingeplant. Deloitte steekt van wal met een Innovation Center. Voka richt zich op al wie 'bright & young' is. Telenet positioneert zijn Idealabs als een heuse accelerator. iMinds focust op de omzetting van onderzoek in een opstart. In Brussel zijn er de Solvay Entrepreneurs, terwijl KU Leuven haar Community for Innovation Driven Entrepreneurship uitbouwt. Het is een kleine steekproef uit een snelgroeiende sector. Maar waar succes is, volgen de criticasters. Er wordt getwijfeld aan de intenties, alsof het de banken en de consultants louter om het imago te doen is, en de universiteiten elkaar achternahollen in hun strijd om maximale attractiviteit. Er wordt ook gewezen op de wildgroei en de versnippering. In plaats van het ondernemerschap te prijzen, vrezen ze de teleurstelling. Anderen twijfelen aan het succes. Kent u veel bedrijven die uit een incubator zijn ontstaan en nu zelf de broek ophouden? Het klopt dat de incubatoren als paddenstoelen uit de grond schieten. Dat kan inderdaad leiden tot een overaanbod, en ongetwijfeld zijn er initiatieven die weinig waarde toevoegen. Het zij zo, dat is een logisch gevolg van de marktwerking. Ook incubatoren zijn veelal start-ups, en die durven weleens te falen. Dat is geen punt van zorg. Het is business as usual, eigen aan de natuurlijke selectie bij het ontstaan van een sector. De criticasters vergeten bovendien dat die veelheid ook diversiteit garandeert. Het gaat om een verzameling initiatieven die zich nu eens als ideation lab of technologiepark, dan weer als accelerator of investeringsfonds positioneren. De ene investeert, de andere adviseert. Elk in een eigen niche, van digitale innovatie over lifesciences tot marketing services. Sommige begeleiden starters op hun internationale odyssee, andere kijken lokaal. De universitaire platformen willen opleiden en bewust maken. Onze bedrijven varen daar wel bij. De kritiek gaat ook te makkelijk voorbij aan de cruciale rol die incubatoren spelen. Ontluikende ondernemers missen vaak het oriënteringsvermogen om hun schip door woelige wateren te loodsen. De family, friends en fools die hen omringen, zijn niet altijd goed geplaatst om de levensvatbaarheid correct in te schatten. Incubatoren kunnen dat manco compenseren. Niet zozeer door te voorzien in een locatie, een stopcontact, een tafel en stoelen, maar door jonge ondernemers onder te dompelen in de oorlogsverhalen van hun voorgangers, door hen hun plannen te laten pitchen en hen de weg te wijzen naar zaaikapitaal. Voorzien in externe financiering is daarbij zelden de eerste zorg. De meeste start-ups groeien organisch en verwerven hun middelen op een creatieve manier, via bootstrap en bricolage. Incubatoren moeten veeleer goede mentors aanbieden, netwerken openen, kansen helpen te herkennen, businessbasics bijbrengen, beginnende ondernemers gidsen door de complexe regels van de intellectuele eigendom, en van getalenteerde ingenieurs bekwame managers maken. Een starter heeft marktkansen nodig, en een product dat inspeelt op die kans. Een goede incubator helpt bij de realisatie van die twee doelen. Onze economie heeft behoefte aan ideeën. Ideeën die ontstaan uit de kennis, de dromen en de ambitie van jonge talenten. Aan talent is er geen gebrek."Talent is universal, opportunity is not", luidt het in de bestseller A Path Appears. De incubatoren, in al hun gedaantes, kunnen zulke kansen creëren. Laten we de wildgroei dus toejuichen. Jarenlang hebben we geklaagd over het tekort aan ondernemerschap. Nu dat ondernemerschap er is, moeten we het bejubelen. De auteur is decaan van de faculteit Economie en Bedrijfsweten- schappen aan de KU Leuven .LUC SELSJarenlang hebben we geklaagd over het tekort aan ondernemerschap. Nu dat ondernemerschap er is, moeten we het bejubelen.