Nederlanders hebben een mooie maar ietwat kille omschrijving voor schoonfamilie: 'de koude kant'. Die wil je liever niet in het familiebedrijf hebben, zo lijkt het wel. Maar het gebeurt natuurlijk wel.
...

Nederlanders hebben een mooie maar ietwat kille omschrijving voor schoonfamilie: 'de koude kant'. Die wil je liever niet in het familiebedrijf hebben, zo lijkt het wel. Maar het gebeurt natuurlijk wel. Veel studie naar de rol van schoonzonen of -dochters is er nooit gebeurd. Johan Lambrecht, professor aan de KU Leuven (Campus Brussel) en directeur van het Studiecentrum voor Ondernemerschap Odisee,waagde het wel. Zijn studie aan de hand van diepte-interviews peilt naar de rol die schoonkinderen kunnen opnemen als werknemer of directielid. "Aan een aangetrouwde zoon of dochter ook aandelen geven, ligt blijkbaar gevoelig en is bijna not done in Vlaanderen", zegt Lambrecht. Als schoonzonen of -dochters in het familiebedrijf werken, is dat meestal op uitdrukkelijk verzoek van de eigenaar. Dat kan meer dan één reden hebben. De eigenaar van het bedrijf ziet de expertise van de aangetrouwde zoon of dochter wel zitten. Of er wordt al een stapje verder gedacht. Als man en vrouw in hetzelfde bedrijf werken, kunnen ze hun werk beter op elkaar afstemmen en is er meer ruimte voor quality. Maar eigenaars van een bedrijf staan zelden te springen om de deuren zomaar open te zetten. De klassieke vragen zijn: wat is de nieuwe aanwinst van de familie echt waard, en zal het huwelijk op termijn standhouden? Daarom wordt vaak een 'snuffelperiode' ingelast, leert de studie van Johan Lambrecht: even wikken en wegen, en eerst een nevenactiviteit laten doen. Maar het werkt ook omgekeerd: de schoonkinderen vragen zich langer dan gebruikelijk af of instappen wel een goed idee is. De algemene relatie met de nieuwe familie is daarbij bepalend. Zoals: kan ik ook opschieten met de broers of de zussen van mijn bruid? Niemand kan om de vaststelling heen: het moet klikken, zowel in het bedrijf als in de familie. Vaak draait het om de vraag of de koude kant een warm gevoel geeft. Johan Lambrecht pleit dan ook voor zogenoemde 'smeermiddelen' die de relatie kunnen versoepelen. Een goed uitgangspunt is in tempore non suspecto al spelregels vast te leggen in een familiecharter. Objectieve criteria zijn altijd een meerwaarde. Dat kan ook door nauwkeurige opvolging via de raad van bestuur of de raad van advies. Wie familiebedrijf zegt, denkt ook familiewaarden en bedrijfswaarden. Het is een conditio sine qua non dat de schoonkinderen die waarden onderschrijven en er ook naar leven en handelen. "Klassiek zijn de voorbeelden van een schoonzoon die erop los leeft, een opschepper is of weinig boodschap heeft aan het zondagse onderonsje", zegt Johan Lambrecht. "Het laat zich raden dat de eigenaar van een bedrijf zo iemand liever kwijt dan rijk is." Een ideaal smeermiddel is wederzijds respect en erkenning. Maar uit de studie naar de rol van de schoonfamilie, blijkt dat ze in het beste geval ook een meerwaarde kunnen betekenen voor een bedrijf. Als zowel de competentie als de attitude goed is, heeft de ondernemer meteen ook de opvolgingsproblematiek opgelost. Maar zelfs als werknemer kan de schoonzoon of -dochter een meerwaarde betekenen, met name als contact tussen de eigenaarsfamilie en het personeel, dat zijn boodschap vaak liever indirect brengt. Ook open en directe communicatie moet de relatie voeden. "Maar net dat is wellicht het allermoeilijkste", denkt Johan Lambrecht. "Want het is gemakkelijker je mening te ventileren bij de eigen bloedverwanten dan bij aangetrouwden. Ook dat heeft uiteraard veel te maken met emotie. In de studie hebben we vastgesteld dat de communicatie nog te vaak indirect gebeurt. Via de dochter wordt de boodschap bezorgd aan de schoonzoon. Of in bepaalde gevallen zelfs nog via een grotere omweg. Dan blijven de eigenaars keurig buiten schot." Alle goede intenties ten spijt is het niet gemakkelijk als schoonfamilie een rol te spelen in het familiebedrijf. De barrières zijn nog hoog. Dé achilleshiel is de rolverwarring: welke rol kan de schoonfamilie spelen en welke niet? Welke wedde is de juiste? Schoonzonen en -dochters voelen soms onbegrip over de verloning of over de taak die hun is toebedeeld. De enen vinden dat ze te weinig aan bod komen, anderen vinden dan weer dat ze te veel of te pas en te onpas gevraagd worden. Een verstoorde relatie in de onderneming kan verregaande gevolgen hebben voor de persoonlijke relatie. Denk maar aan de schoonzoon die vindt dat hij onvoldoende erkenning of armslag krijgt in het bedrijf van zijn schoonouders. Of aan de schoondochter die wel hard wil werken maar niet wil uitgeperst worden. In beide gevallen kan het huwelijk daaronder lijden. Of het kan nog moeilijker worden: als de schoonzoon meer wil dan alleen maar een wedde, aandelen bijvoorbeeld. Johan Lambrecht: "Vaak zegt de eigenaar dan: mijn dochter heeft al een participatie, dat is al mooi genoeg." Karel CambienHet moet klikken, zowel in het bedrijf als in de familie.