Lovenswaardig, maar niet doelgericht. Zo kan je de wettelijke initiatieven van de federale regering om de schijnzelfstandigheid aan te pakken gerust noemen (zie blz. 83). Er zal bijvoorbeeld eindelijk werk gemaakt worden van een duidelijke wet om te bepalen wie als zelfstandige en wie als werknemer kan worden tewerkgesteld. Er was dringend nood aan, want op dat vlak bestaat er nog steeds een grote rechtsonzekerheid. Terwijl sommige inspecties een bepaalde samenwerkingsovereenkomst al snel als een vorm van schijnzelfstandigheid zullen bestempelen, zien andere er bijvoorbeeld geen graten in dat een zelfstandige slechts voor één werk...

Lovenswaardig, maar niet doelgericht. Zo kan je de wettelijke initiatieven van de federale regering om de schijnzelfstandigheid aan te pakken gerust noemen (zie blz. 83). Er zal bijvoorbeeld eindelijk werk gemaakt worden van een duidelijke wet om te bepalen wie als zelfstandige en wie als werknemer kan worden tewerkgesteld. Er was dringend nood aan, want op dat vlak bestaat er nog steeds een grote rechtsonzekerheid. Terwijl sommige inspecties een bepaalde samenwerkingsovereenkomst al snel als een vorm van schijnzelfstandigheid zullen bestempelen, zien andere er bijvoorbeeld geen graten in dat een zelfstandige slechts voor één werkgever werkt. Daarnaast besliste minister van Werk Frank Vandenbroucke ( SP.A) om het aantal inspecteurs te verhogen. Wie de maatregelen echter van naderbij bekijkt, komt al snel tot de vaststelling dat de regering met een kanon op een mug heeft geschoten. Ze wil zeer strenge voorwaarden opleggen aan een werkgever die iemand als zelfstandige in dienst wil nemen. In een aantal sectoren dreigen er zelfs zulke strenge criteria te worden vastgelegd, dat niemand nog voor het zelfstandigenstatuut wil kiezen. Ook een aantal vrije beroepen zoals advocaten, architecten of landmeters dreigen door de nieuwe wet hard te worden aangepakt. Het lijkt er sterk op dat het de regering om te doen is om zo veel mogelijk zelfstandigen in het werknemersstatuut te duwen. Dat zou de RSZ goed uitkomen. De RSZ kampt al een tijd met een tekort en elke financiële injectie is meer dan welkom. Een massale herkwalificatie van zelfstandigen naar het werkgeversstatuut zal de kassa doen rinkelen. Een nieuwe strenge wet is voor de RSZ trouwens meer dan welkom, want onlangs werd ze voor de arbeidsrechtbank in verschillende geschillen rond vermeende schijnzelfstandigheid in het ongelijk gesteld. De federale regering maakt er overigens evenmin een geheim van dat de strijd vooral dient om de staatskas te spijzen. Dit jaar moet de strijd tegen de sociale fraude in totaal 97 miljoen euro opbrengen. Het is natuurlijk niet meer dan normaal dat er naarstig gezocht wordt naar alle vormen van sociale fraude. Maar is het logisch dat de wet op zo'n manier wordt opgesteld dat het opvullen van het tekort in de sociale zekerheid de belangrijkste drijfveer is? Bovendien dreigt de overheid met zo'n uitgangspunt de kern van het probleem over het hoofd te zien. Schijnzelfstandigheid moet om principiële redenen hard worden aangepakt, omdat het een belangrijke factor van concurrentievervalsing tussen de ondernemingen is. Door het budgettaire aspect te laten primeren, wordt er evenmin discussie gevoerd over de reden waarom werkgevers zo graag met zelfstandigen werken: de hoge loonkosten. De werknemers- en werkgeversbijdragen mogen de voorbije jaren dan gedaald zijn, het blijft voor een werkgever interessanter om waar mogelijk met zelfstandigen te werken. Al werkt het natuurlijk in twee richtingen. Zelfstandigenorganisaties zullen het niet graag horen, maar de dag dat werknemers en zelfstandigen een even groot deel van hun loon of bedrijfsinkomen afdragen aan hun sociale zekerheid, verdwijnt het fenomeen van de schijnzelfstandigen als sneeuw voor de zon. Alain Mouton