Private equity roept nog altijd veel vragen op bij ondernemers. Wat heeft het mij te bieden? Wat is het doel van de investeerder? Hoe betrokken zal hij zijn? In welke toestand zal hij het bedrijf achterlaten bij zijn exit?
...

Private equity roept nog altijd veel vragen op bij ondernemers. Wat heeft het mij te bieden? Wat is het doel van de investeerder? Hoe betrokken zal hij zijn? In welke toestand zal hij het bedrijf achterlaten bij zijn exit? Dat wantrouwen heeft veel te maken met het imago van leveraged buy-outs of LBO's. Dat zijn met schuld gefinancierde overnames. Dat soort transacties wordt vaak in verband gebracht met een hoge schuldenlast en een verhoogd risico op een faillissement. Volgens een in 2009 gepubliceerde studie is die vrees niet ongegrond. De professoren Steven Kaplan en Per Strömberg vonden in de Verenigde Staten een gemiddeld wanbetalingspercentage van 2,3 procent bij LBO's, tegenover 0,6 procent voor ondernemingen die naar de beurs trokken, en 1,6 procent voor ondernemingen die geld ophaalden met de uitgifte van obligaties. Uit andere studies blijkt evenwel dat het wanbetalingspercentage van ondernemingen die betrokken zijn bij een LBO niet significant hoger ligt dan bij kmo's in het algemeen, terwijl kmo's het vaakst het doelwit zijn van LBO's. Dat neemt niet weg dat er fouten gemaakt zijn, vooral in de jaren voor de crisis van 2008. De golf van LBO's en het euforische klimaat in de financiële sector leidden toen tot excessen. Een reeks LBO's die tot doel hadden het hefboomeffect te maximaliseren, kwam toen in het nieuws. De met schuld gefinancierde overnames van TXU Energy (32 miljard dollar), First Data (26 miljard) en Alltel (25 miljard) van 2007 blijven tot op vandaag de grootste LBO's ooit. Het resultaat van die drie megadeals was evenwel pover: een faillissement, een diepe financiële put en een snelle doorverkoop tegen ongeveer dezelfde prijs als die bij de overname. Intussen is de sector gelukkig volwassener geworden. Volgens een McKinsey-studie investeren participatiemaatschappijen niet langer met een financiers-, maar met een ondernemersmentaliteit. Ze besteden meer tijd aan strategische aspecten en minder aan het louter opvolgen van financiële parameters. "Ze werken samen met het management, om een uitgebreid operationeel plan op te stellen en nog voor de overname strategische prioriteiten vast te stellen. Vervolgens injecteren ze voldoende middelen om een toegevoegde waarde te zijn voor de onderneming", stelt de studie. Uit een enquête die Aon voor BNP Paribas Wealth Management heeft uitgevoerd, blijkt dat succesvolle ondernemers voor hun investeringen bijzonder geïnteresseerd zijn in private equity, zowel rechtstreeks als via fondsen. Zij zijn geduldige ondernemers en investeerders, zoals de coronacrisis eens te meer heeft aangetoond. 85 procent van de ondervraagden heeft zijn investeringen in private equity op zijn minst gehandhaafd. Het aantal investeerders dat zijn private-equity-investeringen heeft verhoogd, lag zelfs twee keer zo hoog als zij die hun investeringen hebben verlaagd. McKinsey meent dat het essentieel is dat de private-equityspeler goed op de hoogte is van het reilen en zeilen van de onderneming waarin hij investeert, en dat hij een klimaat van vertrouwen weet te creeren. "Private equity is een toegevoegde waarde voor een onderneming", is ook de overtuiging van Els Degroote, partner bij EY België. "Die investeerders zijn deskundigen die niets anders doen dan constant bedrijven analyseren. Daardoor kennen ze de beste praktijken in diverse sectoren. Private-equityspelers stellen die kennis ter beschikking van de ondernemingen waarin ze investeren. Ze hebben er belang bij dat die ondernemingen het goed doen." Private equity voldoet ook aan een financieringsbehoefte, in een tijd waarin alle ondernemingen zich moeten aanpassen aan een veranderende omgeving: digitalisering, kunstmatige intelligentie, robotisering, enzovoort. Volgens McKinsey is transformatie de kern van de strategie van een private-equity-investeerder. Het is de enige manier om een verschil te maken en een aanzienlijk rendement te behalen over een investeringshorizon van vier tot zeven jaar. Steve Rousseau, de oprichter van House of Talents, noemt het een win-winsituatie. Hij kreeg financiële en structurele steun van Sofindev bij de externe ontwikkelingsprojecten van zijn bedrijf. De twee partners bespreken ook openlijk de exitstrategie van Sofindev op de lange termijn, om de ontwikkeling van House of Talents niet te hinderen. Michel Detheux, de CEO van iTeos Therapeutics, wijst erop dat private equity zowat de enige financieringsoplossing is in de biotechsector. "Private-equity-investeerders injecteren niet alleen geld. Ze hebben ook netwerken. Bovendien hebben ze vaak een veel diepere kennis van de markt dan je in eerste instantie zou denken. Dat mag je niet onderschatten. Ten slotte kun je op hen rekenen, zelfs in moeilijke omstandigheden." Didier Depreay, de oprichter van Hot Spot, heeft ervaring met private-equityfondsen. "Ze bieden in veel opzichten een toegevoegde waarde: niet alleen financieel, maar ook juridisch en organisatorisch." Deze drie ondernemers leiden snelgroeiende bedrijven, maar private equity is er niet alleen voor start-ups of scale-ups. De waaier van financieringsmogelijkheden is veel breder. Eén segment in het bijzonder beantwoordt aan de behoeften van veel ondernemers: buy-outkapitaal. Buy-outfondsen richten zich vooral op kmo's waaruit de meerderheidsaandeelhouders zich willen terugtrekken, bijvoorbeeld omdat ze aan het einde van hun loopbaan staan. Over het algemeen combineren die buy-outoperaties aandelenfinanciering en schuld, in de vorm van een LBO. Met zo'n transactie kunnen bijvoorbeeld de leidinggevenden een bedrijf overnemen, of kan een meerderheidsaandeelhouder de zeggenschap overdragen aan een kind. Els Degroote benadrukt ook het menselijke aspect. "Transacties hangen voor een groot deel af van de cijfers, maar je mag het belang van emotionele intelligentie ook niet onderschatten. Er moet wederzijds vertrouwen zijn. Voor de ondernemer is de keuze met welke private-equity-investeerder hij in zee gaat, dan ook van cruciaal belang."