"Geef me werk werk werk, 'k heb twee handen, 'k voel me sterk", zong opper- Kreuner Walter Grootaers begin jaren tachtig. Het was een strijdlied om de Jongerenmars voor Werk te ondersteunen, in volle crisistijd. Hij zou het vier decennia later opnieuw kunnen zingen, en misschien zelfs deels voor hetzelfde publiek. Want de jonge werkzoekenden van toen blijken ook op latere leeftijd nog te snakken naar een bezigheid. Heel wat 75-plussers vinden dat hun talenten en kennis onvoldoende naar waarde worden geschat. Het gaat hen niet om het geld, wel om de waardering - het gevoel nog van nut te kunnen zijn. "Ze zeggen mij weleens: geniet nu maar van uw pensioen. Maar wat is dat, genieten?" vraagt Nadia Vereecke, een voormalige verpleegster van 77 jaar, zich af. "Voor mij is dat: iets overbrengen op mensen. Dáár geniet ik van!"
...

"Geef me werk werk werk, 'k heb twee handen, 'k voel me sterk", zong opper- Kreuner Walter Grootaers begin jaren tachtig. Het was een strijdlied om de Jongerenmars voor Werk te ondersteunen, in volle crisistijd. Hij zou het vier decennia later opnieuw kunnen zingen, en misschien zelfs deels voor hetzelfde publiek. Want de jonge werkzoekenden van toen blijken ook op latere leeftijd nog te snakken naar een bezigheid. Heel wat 75-plussers vinden dat hun talenten en kennis onvoldoende naar waarde worden geschat. Het gaat hen niet om het geld, wel om de waardering - het gevoel nog van nut te kunnen zijn. "Ze zeggen mij weleens: geniet nu maar van uw pensioen. Maar wat is dat, genieten?" vraagt Nadia Vereecke, een voormalige verpleegster van 77 jaar, zich af. "Voor mij is dat: iets overbrengen op mensen. Dáár geniet ik van!" Nadia is een van de getuigen in de documentaire Rebels, die Knack-journaliste Ann Peuteman samen met regisseur Brecht Vanhoenacker maakte op verzoek van het theatergezelschap Victoria Deluxe. Peuteman schreef eerder al twee boeken over ouderen. Daardoor was ze al tot de vaststelling gekomen dat veel ouderen het moeilijk vinden om zichzelf te blijven. "Ons uitgangspunt voor de documentaire was hen te vragen hoe dat komt. En ook: kun je daar iets aan doen?" zegt Peuteman. Seksualiteit, niet meer thuis kunnen wonen en de beperkte mobiliteit. Dat waren de belangrijkste pijnpunten die Peuteman had verwacht toen ze bij ouderen peilde naar de grootste hinderpalen om de regie over hun leven te behouden. Maar toen ze een top drie samenstelde uit de honderden mails die ze ontving, bleek die helemaal anders in elkaar te zitten. Hun mening nog kunnen geven, het recht op werk en hun financiën zelfstandig te kunnen beheren bleken de belangrijkste verzuchtingen van ouderen. "Het recht op werk verbaasde me het meest in die top drie", zegt Peuteman. "Dat gaat vooral om het gevoel nog nuttig te kunnen zijn. Het is bijna een schreeuw, mensen die zeggen: laat mij alsjeblief iets doen, laat mij iets bijdragen! Daar zit een gigantisch potentieel dat we niet kennen, of niet willen benutten." De getuigenissen van 75-plussers die worden afgewimpeld op hun zoektocht naar een zinvolle tijdsbesteding zijn talrijk, en potentiële werkgevers vinden gemakkelijk excuses om hen te weren. Het mag niet van de verzekering. Of: het komt niet goed over bij de klanten als er een fragiel uitziende persoon de balie bemant of kinderen opvangt. "Wat me ook verbaasde, zeker na corona, is de enorme stugheid in onze arbeidsorganisatie", zegt Peuteman. "Als je niet afvalt door je geboortedatum, is er wel een andere reden. Bijvoorbeeld omdat iemand zich niet meer zo vlot kan verplaatsen. Terwijl er prachtige voorbeelden zijn van ouderen die bijvoorbeeld leesgroepjes voor studenten Nederlands houden bij hen thuis. Ja, je moet je soms wat aanpassen, maar uiteindelijk werkt dat niet minder goed." De essentie van het probleem is volgens Peuteman dat we 'ouderen' te vaak zien als een homogeen blok, terwijl er in die groep een enorme verscheidenheid is, ook in leeftijd. Iemand van 66 is anders dan iemand van 88. "We zitten vol vooroordelen, soms goedbedoeld. Bijvoorbeeld het vooroordeel van de winkelbediende die een klantenkaart met een QR-code meegeeft aan een oudere klant en zegt: 'Vraag maar aan uw kleinkinderen hoe dat werkt.' Dan zak je door de grond. Of een voormalige ICT-professional die een laptop koopt en wordt gevraagd of hij wel met de computer kan werken. Terwijl die man als vrijwilliger computerles geeft aan senioren." Die voorbeelden illustreren hoe we ouderen vaak zien als een probleem. Zo worden ze ook opgevoerd: als een kostenpost voor de sociale zekerheid, en niet als een groep die nog kan bijdragen aan de maatschappij. "En als je naar een grote groep kijkt als mensen die alleen maar zorgbehoevend zijn, die de moderne wereld niet kennen, dan ben je natuurlijk ook niet geneigd hun een deeltijdse baan of een vrijwilligerstaak te geven", stelt Peuteman.Het negatieve beeld dat we van ouderen hebben, wordt nog versterkt door de media, reclame en marketing. "Als ouderen worden opgevoerd in de media, is het vaak ter illustratie van het probleem", weet Peuteman. "Zo mag een oudere aan het einde van een reportage over woon-zorgcentra nog eens zorgen voor de grappige afsluiter. Eenmaal de tachtig voorbij komen ouderen bijna niet meer op tv omwille van hun kennis of expertise, een uitzondering daargelaten. En in reclame worden ouderen van boven de 75 jaar niet getoond, zelfs niet als de reclame voor hen bedoeld is. Een vrouw van 85 stuurde me een reclame voor trapliften, met op de foto een kwieke zestiger die die lift zeker nog niet nodig had. 'Blijkbaar mogen wij niet getoond worden', was de conclusie van die vrouw. Bedrijven laten daar een heleboel geld liggen. Neem de banken: ouderen werken niet digitaal, dus we beschouwen hen als een kostenpost. Terwijl die mensen kennis, tijd en vaak geld hebben. Wij zijn als maatschappij dom dat we daar allemaal geen gebruik van maken."Toch ziet Ann Peuteman dat het ook anders kan. "De slimste vrouw in mijn boek is de directrice van de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience in Antwerpen. Die kreeg op een dag een verzoek van Monika Triest of ze niet wat mocht helpen met boeken uit de rekken halen voor bezoekers. Gelukkig herkende ze die naam, wist ze dat Triest ooit in de Verenigde Staten doceerde en daar actief was in de burgerrechtenbeweging, dat ze de eerste leerstoel vrouwenrechten aan de Universiteit Amsterdam bekleedde, dat ze voorzitter van het Vrouwen Overleg Komitee was. Triest is een icoon van de feministische beweging en schreef enkele jaren geleden nog een boek over het Amerika van Trump. Gelukkig bood de bibliotheek haar een opdracht aan als onderzoeker. Eén dag in de week inventariseert ze boeken die interessant kunnen zijn voor vrouwenstudies. Dat ze gewaardeerd wordt om wat ze kan en zich op die manier nog kan inzetten, vindt ze fantastisch. " Dat ondervond Peuteman ook toen ze Nadia Vereecke betrok bij een onlineles over de omgang met oudere patiënten voor studenten verpleegkunde van Odisee. "De studenten hingen aan haar lippen. Normaal krijg je na een onlineles nooit extra vragen, nu ging dat tientallen minuten door. Ik zag Nadia helemaal opleven, het gaf haar weer meer moed om andere baantjes te zoeken. Dan denk ik: als zo'n klein beetje aandacht zo'n groot verschil kan maken, moeten we dat met z'n allen veel meer doen."