Eergisteren stond de goedkeuring van de Scheldeverdragen - met als onderdeel het uitbaggeren van de Scheldevaargeul tot 13,5 meter diep - eindelijk op de agenda van de Nederlandse Tweede Kamer. Het akkoord was al twee jaar geleden door het Nederlandse kabinet ondertekend en op 4 november 2006 naar het parlement verzonden. Al die tijd bleef het in de lade zitten.
...

Eergisteren stond de goedkeuring van de Scheldeverdragen - met als onderdeel het uitbaggeren van de Scheldevaargeul tot 13,5 meter diep - eindelijk op de agenda van de Nederlandse Tweede Kamer. Het akkoord was al twee jaar geleden door het Nederlandse kabinet ondertekend en op 4 november 2006 naar het parlement verzonden. Al die tijd bleef het in de lade zitten. De verdragen waren nochtans een historische mijlpaal. Vier verdragen samengevoegd in één pakket, die ecologie (ontpoldering), economie (verdieping vaargeul) en veiligheid (indijken tegen overstroming) met elkaar verenigen. En dit alles met Hollandse zuinigheid op een apothekersschaaltje afgewogen: Vlaanderen betaalt 60 % (640 miljoen euro) en Nederland de rest. Dit was echter buiten de Nederlandse 'ziel' gerekend. De ontpoldering zorgde voor een Zeeuwse revolte in Den Haag. Vruchtbare polders teruggeven aan het water bleek net iets te veel gevraagd van een generatie die de overstromingsramp van 1953 nog heeft meegemaakt. Tot overmaat van ramp weigerde één Belg - een telg van de vroegere baggersfamilie De Cloedt - 290 hectare van de in het verdrag vermelde landbouwgrond van de hand te doen. Even leek het politieke akkoord als een kaartenhuisje in elkaar te zakken. Intens en discreet overleg volgde vanuit het kabinet van minister-president Kris Peeters (CD&V). Een compromis viel uit de bus: Nederland keurt de verdragen goed en krijgt anderhalf jaar méér tijd om de ontwikkeling van het natuurgebied in de Scheldemonding te realiseren. Hoe? Dat moet nog blijken. Als gevolg hiervan kunnen de baggerwerken in Vlaanderen starten. In september 2008 zou dit ook in Nederland het geval moeten zijn. Maar de natuurlobby dreigt de verdieping juridisch te blokkeren als tegen dan de procedure voor de ontpoldering niet effectief in gang is gezet (zie blz. 20). Het lijkt er veel op dat Vlaanderen met dit 'uitstel' een Pyrrusoverwinning heeft geboekt. De Antwerpse haven blijft gegijzeld en dit zal er niet beter op worden. Het verbreden en uitdiepen van de vaargeul is een conditio sine qua non. Het is de enige manier voor Antwerpen om grotere containerschepen de haven binnen te loodsen en de strijd met concurrenten zoals Rotterdam, Hamburg of Felixstowe aan te kunnen. Hoe mooi het politieke akkoord over de derde verdieping ook oogt, van een vierde willen onze bovenburen niet meer weten. "Is al met de Belgen afgesproken dat daar geen sprake van kan zijn?", vroeg de PvdA-fractie in de Tweede Kamer. De bevoegde minister Gerda Verburg (CDA) maakte duidelijk dat Nederland op dat vlak geen enkele historische plichten meer heeft. Hoewel Vlaamse juristen brandhout maken van die stelling, kan Vlaanderen zich maar beter goed voorbereiden op deze nieuwe realiteit. Er zullen nog kunstiger akkoorden uit de bus moeten komen en er zal nog meer politiek vakmanschap nodig zijn om de Vlaamse havenbelangen te vrijwaren. En Antwerpen doet er goed aan, ondersteund door het Flanders Port Area-initiatief van de Vlaamse regering, zijn toenadering tot Zeebrugge en Gent te versnellen. Door Piet Depuydt