Beste restaurants van België

"De helft van onze lezers gaat privé minstens één keer per week uit eten. Voor zaken is dat iets meer: 60 %," lees ik in uw gastronomie-enquête (Trends, 24 maart 2005, blz. 88). Ik probeer ook enkele malen per jaar met mijn gezin in het weekend te gaan tafelen in een gastronomisch restaurant. Het stoort me dat ik geregeld aan aangrenzende tafels hoor vragen om de factuur maandag maar op te sturen. Het is leuk met vrienden in het weekend te gaan dineren en dat gedeeltelijk door de belastingbetaler te laten financieren. Tijdens de week kan dat restaurantbezoe...

"De helft van onze lezers gaat privé minstens één keer per week uit eten. Voor zaken is dat iets meer: 60 %," lees ik in uw gastronomie-enquête (Trends, 24 maart 2005, blz. 88). Ik probeer ook enkele malen per jaar met mijn gezin in het weekend te gaan tafelen in een gastronomisch restaurant. Het stoort me dat ik geregeld aan aangrenzende tafels hoor vragen om de factuur maandag maar op te sturen. Het is leuk met vrienden in het weekend te gaan dineren en dat gedeeltelijk door de belastingbetaler te laten financieren. Tijdens de week kan dat restaurantbezoek namelijk ingebracht worden als onkosten. Ik, als loontrekker, kan mijn restaurantbezoek niet fiscaal aftrekken en betaal de volle pot, plus - langs fiscale weg - ook nog een gedeelte van wat de 'topmanager' aan de tafel naast mij uitgeeft. Mijn voorstel: maak het restaurantbezoek voor iedereen aftrekbaar. Het restaurantbezoek zou stijgen, het zwartwerk in de sector zou fel verminderen, de staatskas zou er wel bij varen en iedereen zou weer wat meer gelijk voor de wet zijn.Jos Lehaen Mol Met bijzondere belangstelling heb ik uw artikel 'Veilingen maken grote sier met geld van de Europese burger' (Trends, 17 maart 2005, blz. 60) gelezen. Ik herken in uw rake artikel mijn eigen ervaring in de tuinbouwsector. Een sector waarin én de teler én de binnenlandse handelaar én de exporteur de dupe zijn van het misbruik van gemeenschapsgeld door sommige veilingen. Subsidies dienen niet om veilingen ongetemperd te verrijken. Om veilingbesturen met geld te laten morsen. Om elkaar gouden en platina horloges cadeau te doen. Om gronden van collega-bestuurders aan te kopen tegen ontroerende prijzen. De directeur van een veiling vertrouwde me in 2000 toe dat hij niet wist hoe de gelden op te krijgen. De veilingen hebben een specifieke taak als draaischijf voor de aanvoer. Ze zijn er echter niet om lichtzinnig om te springen met subsidies die de telers toekomen. In uw artikel 'Belgische patiënten betalen steeds groter deel van hun gezondheidsfactuur' (Trends, 10 maart 2005, blz. 48) beschrijft u wat er misgaat in de financiering van de gezondheidszorg. Als ik vanuit mijn woonplaats een cirkel beschrijf met een straal van 20 kilometer, tel ik op dat grondgebied meer dan dertig ziekenhuiscampussen, waaronder twee universitaire ziekenhuizen. Al die instellingen hebben 'zware medische infrastructuur'. De voorbije jaren werden daar economen aangetrokken om een rendabeler beleid te voeren. Dure investeringen moeten immers opbrengen. Dát primeert in het huidige systeem en dát is de dieperliggende oorzaak van het tekort in onze gezondheidszorg. Als huisarts pleit ik voor een kwaliteitsvolle en laagdrempelige zorg. De huisartsen hebben de capaciteiten om op een goedkope, kwalitatief goede manier 95 % van de gezondheidsproblemen aan te pakken.