Een woning verbouwen kost al gauw een klein fortuin. Gelukkig kunt u voor de financiering ervan terugvallen op een lening. Voor grote bedragen en lange looptijden wordt doorgaans een klassiek woonkrediet aangeraden, waarbij de woning als onderpand fungeert. Mogelijk kunt u de verbouwingswerken zelfs bekostigen door een deel van het terugbetaalde kapitaal van uw lopende hypothecaire krediet weer op te nemen. U hoeft dan geen nieuwe lening af te sluiten, waardoor u administratie- en notariskosten vermijdt.
...

Een woning verbouwen kost al gauw een klein fortuin. Gelukkig kunt u voor de financiering ervan terugvallen op een lening. Voor grote bedragen en lange looptijden wordt doorgaans een klassiek woonkrediet aangeraden, waarbij de woning als onderpand fungeert. Mogelijk kunt u de verbouwingswerken zelfs bekostigen door een deel van het terugbetaalde kapitaal van uw lopende hypothecaire krediet weer op te nemen. U hoeft dan geen nieuwe lening af te sluiten, waardoor u administratie- en notariskosten vermijdt. Voor bescheiden renovatiewerken kunt u bij de meeste banken aankloppen voor een renovatiekrediet. Dat is een flexibele lening op afbetaling die doorgaans gemakkelijker wordt toegekend dan een traditioneel woonkrediet. De administratieve formaliteiten zijn miniem en er worden geen extra waarborgen gevraagd. Dossierkosten zijn er niet of nauwelijks, en er komt geen notaris aan te pas. In ruil voor die flexibiliteit betaalt u wel hogere intresten dan bij een hypothecair krediet. Wilt u met uw verbouwingswerken energie besparen, bijvoorbeeld door uw oude ramen te vervangen door dubbelglas, uw dak te isoleren of uw stookketel in te ruilen voor een zuiniger model? Dan kunt u bij zowat alle banken terecht voor een speciaal renovatiekrediet: de energielening of het groene krediet. In het verleden heeft de federale overheid leningen voor energiebesparende investeringen aangemoedigd met de zogenoemde intrestbonificatie: een directe rentekorting van 1,5 procent op het tarief dat de bank aanrekende. De overheid betaalde het verschil rechtstreeks aan de kredietgever. Sinds begin 2012 bestaat die intrestbonificatie niet meer. Bovendien werd ook de belastingvermindering voor de intresten van groene leningen afgeschaft. Energiekredieten zijn dus heel wat minder interessant dan in het verleden -- zowel financieel als fiscaal. Nogal wat kandidaat-verbouwers vragen zich dan ook af of een energiekrediet anno 2014 nog wel nut heeft. Het antwoord is ondubbelzinnig: ja. Allereerst is er het onmiddellijke effect van de energiebesparende investeringen zelf. Binnen enkele maanden staat de winter weer voor de deur. Dubbele beglazing of een nieuwe stookketel kunnen uw energiefactuur dan aanzienlijk terugdringen. Maar ook in de zomer werpen groene investeringen -- zoals de installatie van zonnepanelen of een zonneboiler -- vruchten af. Daarnaast komt u voor sommige investeringen in aanmerking voor een financiële of fiscale tegemoetkoming van de overheid, de gemeente of uw netbeheerder. De tarieven voor een energiekrediet liggen bij de meeste banken lager dan voor een gewoon renovatiekrediet. Op die manier willen ze hun klanten aanzetten om energiebesparende investeringen te doen. De tarieven van beide kredieten kunnen echter aanzienlijk variëren van de ene instelling tot andere (zie tabel Renovatie- en energieleningen: de vergelijking). Leent u 15.000 euro bij KBC -- de goedkoopste bank in onze vergelijking -- dan bedraagt uw maandelijkse aflossing net geen 335 euro. In totaal betaalt u een bedrag van bijna 16.080 euro terug. Sluit u een energiekrediet af bij BNP Paribas Fortis -- de minst voordelige instelling -- dan betaalt u elke maand iets meer dan 343 euro. Dat komt overeen met een totaalbedrag van 16.482 euro. Weet wel dat u als goede klant met uw bankier kunt onderhandelen over betere tarieven. De rentevoeten van energiekredieten zijn afhankelijk van de looptijd en het geleende bedrag. Goed om te weten, is dat de terugbetalingstermijnen -- net zoals bij andere leningen op afbetaling -- onderhevig zijn aan wettelijke beperkingen. De maximale periode waarover u de terugbetaling van de lening kunt spreiden, hangt af van het geleende bedrag. Een krediet van bijvoorbeeld 15.000 euro mag volgens de wet over hoogstens vijf jaar worden gespreid. In de praktijk beperken heel wat banken het maximale leenbedrag bij energiekredieten, waardoor de looptijden korter zijn dan de wettelijke limiet van twintig jaar. De minimumbedragen variëren van 1250 euro (Beobank, BNP Paribas Fortis en KBC) tot 2500 euro (Axa en Belfius), terwijl de maximumbedragen tussen 15.000 euro (Beobank) en 75.000 euro (Axa) liggen. Belfius heeft de kortst mogelijke looptijd voor beperkte sommen (vier maanden), bij Axa en ING kunt u de terugbetaling van grote leenbedragen spreiden over een periode tot vijftien jaar (zie tabel Maximale looptijd voor energieleningen). Een voorwaarde om een energiekrediet te krijgen, is uiteraard dat u investeert in verbouwingswerken die ervoor zorgen dat u op termijn minder energie verbruikt. Elke bank heeft zijn eigen lijstje opgemaakt, maar doorgaans komt de plaatsing van isolatie, nieuwe ramen, thermostaatkranen, een nieuwe condensatieketel en een waterverwarmingssysteem op zonne-energie daarvoor in aanmerking. Welk percentage van het totale renovatiebudget u moet spenderen aan energiebesparende investeringen, hangt af van bank tot bank. Vaak geldt een minimumpercentage van 50 procent. Sinds 1 januari 2012 geeft een energiekrediet geen recht meer op fiscale voordelen. Hebt u een groene lening afgesloten voor die datum, dan kunt u wel nog aanspraak maken op een belastingvermindering. Voor het aanslagjaar 2014 bedraagt die 30 procent van de intresten die u in 2013 hebt betaald, na aftrek van de intrestkorting. Weet wel dat dat fiscale voordeel niet geldt voor de intresten die u als werkelijke beroepskosten hebt afgetrokken en waarvoor een intrestaftrek, een vermindering voor uw enige en eigen woning of een bijkomende intrestaftrek werd gevraagd. ROEL VAN ESPENGroene leningen zijn voordeliger dan gewone renovatiekredieten.