5496 ondernemingen op een rij, met een minimumomzet die van 280 naar 300 miljoen werd gebracht.
...

5496 ondernemingen op een rij, met een minimumomzet die van 280 naar 300 miljoen werd gebracht.De rangschikking is qua struktuur haast ongewijzigd gebleven ten opzichte van vorig jaar : omzet, bedrijfsresultaat, winst (of verlies), cash flow, schuldgraad, likwiditeit, rendabiliteit en rotatie van de activa, enzovoorts. Als naar gewoonte ontmoeten we in het koppeloton een aantal overheidsbedrijven : Belgacom (5), De Post (13) en de NMBS (14). Belgacom wint twee plaatsen t.o.v. vorig jaar, De Post is over de NMBS gesprongen.DE TABELLEN EN HUN GEHEIMEN.In deze rangschikking op basis van de omzetcijfers vindt u voor elke onderneming van links naar rechts in de tabellen volgende gegevens :Plaats : geeft de plaats van de onderneming in de rangschikking naar omzet. Naam : geeft de maatschappelijke benaming van de onderneming, eventueel de gebruikelijke afkorting of de algemeen bekende benaming van de maatschappij ; op de tweede lijn vindt u de gemeente waar de maatschappelijke zetel gevestigd is, voorafgegaan door de postkode.Sektor : duidt aan in welke sektor de onderneming hoofdzakelijk aktief is ; voor welke sektor een afkorting staat, kan u lezen op pagina 28. Plaats in de sektor : geeft de plaats aan die een maatschappij binnen haar sektor bekleedt en vormt in feite de schakel tussen de rangschikking volgens omzet en die volgens toegevoegde waarde, die voor de sektoriële onderverdeling geldt.Vanaf deze plaats gaan onze tabellen voort op twee lijnen. De bovenste lijn vermeldt de gegevens van het boekjaar 1994, de onderste die van het daaraan voorafgaande boekjaar. Indien de afsluitdatum van het boekjaar verschillend is van het burgerlijk jaar, of indien het boekjaar langer of korter is dan twaalf maanden vindt u onder de afkorting van de sektor twee cijfers waarmee u, in het kaderstuk hiernaast ("Voetnoten") de afsluitdatum en de duur van het boekjaar kunt terugvinden.Voor alle boekjaren met een duurtijd verschillend van 12 maanden, werden de gegevens voor de berekening van het resultaat systematisch herberekend tot twaalf maanden, teneinde de vergelijking tussen de bedrijven te vergemakkelijken.De rekeningen afgesloten tussen 30/06/94 en 29/06/95 maken deel uit van het boekjaar 1994, en deze die afgesloten werden tussen 30/06/93 en 29/06/94 maken deel uit van het boekjaar 1993.OC 94/OC 93 (omzetcijfer)De omzet is uitgedrukt in miljoen frank. Op de eerste lijn komt het omzetcijfer van 1994, op de tweede dat van 1993.De omzet is samengesteld uit de verkoop en de dienstverlening aan derden die onder de gebruikelijke aktiviteit van de onderneming vallen. Het bedrag is exclusief BTW en andere vormen van direkte omzetbelastingen.In bepaalde gevallen evenwel kan deze rubriek niet geïsoleerd in beschouwing worden genomen. Met name in de bouwsektor waar men de omzet (kode 70) verminderd of vermeerderd heeft met de verschillen van de lopende bestellingen in produktie, de afgewerkte produkten en de bestellingen in uitvoering (kode 71). Dit principe werd uitgebreid tot bepaalde andere sektoren waarvan de fabrikatie of aktiviteiten zich over meer dan één boekjaar kunnen uitstrekken : scheepsbouw, engineering en installatiebedrijven.EXR 94/EXR 93Exploitatieresultaat van het boekjaar. Kan nuttig gekoppeld worden aan de verkoop, en biedt in vergelijking met winst (of verlies) van het boekjaar het voordeel onafhankelijk te zijn van het financiële en het buitengewone resultaat. Met andere woorden, het drukt het courant exploitatieresultaat van de onderneming uit, welke ook haar financiële struktuur mag zijn.NW 94/NW 93 (nettowinst)Steeds na belastingen. Op de bovenste lijn van de winsten of verliezen van 1994, op de onderste lijn de overeenkomstige gegevens voor 1993. Verliezen worden aangeduid door het teken "-" vlak na het cijfer.CF 94/CF 93 (cash flow)Onze pagina's kunnen helaas niet uitgerokken worden. Daarom verkozen we u de cash flow te geven eerder dan de afschrijvingen van het boekjaar, vermits deze gemakkelijker door aftrekking kunnen worden bekomen.De cash flow is een koncept dat sommige bedrijven graag op de voorgrond stellen, vooral wanneer het boekjaar met verlies werd afgesloten.Men mag zich niet vergissen : de cash flow is op geen enkele manier een verfraaid resultaat. Het koncept verschilt grondig. Het nettoresultaat meet de rentabiliteit van een onderneming ; de cash flow haar zelffinanciering.Op de bovenste lijn de cash flow met betrekking tot het boekjaar 1994, op de onderste lijn die met betrekking tot het boekjaar 1993.EM/VM 94 / EM/VM 93 (eigen middelen/vreemde middelen)Deze ratio geeft de verhouding tussen de eigen middelen en de vreemde middelen. Daaruit kan de mate van financiële onafhankelijkheid van een onderneming worden afgeleid. Hoe kleiner de ratio, hoe groter het financiële risico wordt. Het bestaan van schulden heeft de verplichting van vaste terugbetalingen tot gevolg, ongeacht de resultaten van de onderneming. In geval van moeilijkheden moeten de eigen middelen de rol van buffer spelen, het zijn in feite de enige kapitalen die (voorlopig) niet moeten bezoldigd worden.CR 94/CR 93 (current ratio)Met de current ratio pakken we het likwiditeitsprobleem van de onderneming aan. Deze ratio wordt gewoonlijk gebruikt door financiële instellingen. Het is mogelijk aan de hand daarvan de kapaciteit van een onderneming te meten om te voldoen aan verplichtingen op korte termijn door de netto vlottende activa over te dragen naar middelen van derden op korte termijn. Wanneer de vlottende activa precies de middelen van derden dekken, is deze ratio gelijk aan één en het netto-bedrijfskapitaal het verschil tussen de teller en de noemer gelijk aan nul. Gevolg : een current ratio die kleiner is dan één betekent dat het netto-bedrijfskapitaal negatief is ; een current ratio die groter is dan één betekent dat het netto-bedrijfskapitaal positief is, d.w.z. dat de onderneming over liquide middelen beschikt. Dit verklaart de biezondere voorliefde van financiële instellingen voor deze ratio.NW/EM 94 / NW/EM 93 (nettowinst/eigen middelen)De rendabiliteit van de eigen middelen is vooral belangrijk voor de aandeelhouders. Deze ratio vertegenwoordigt de verhouding tussen de nettowinst en de (boekhoudelijke) eigen middelen van de onderneming.RT/TA 94 / RT/TA 93 (rendabiliteit totale activa)De rendabiliteit van een onderneming kan ook uitgedrukt worden in funktie van het geheel van de geïnvesteerde middelen, d.w.z. in funktie van de totale activa. Deze activa werden gefinancierd door eigen middelen én door middelen van derden, uiteraard in variabele proporties. Het resultaat van het boekjaar kan dus niet meer geïsoleerd beschouwd worden. Ook de financiële lasten en belastingen moeten in de berekening voorzien worden. Deze ratio meet het resultaat per 100 frank geïnvesteerde middelen. Hij is onafhankelijk van de financieringswijze van de ondernemingen en vergemakkelijkt dus onderlinge vergelijkingen.ROTA 94 / ROTA 93 (rotatie totale activa)Deze ratio geeft de verhouding van de verkoop tot de totale activa. Hij geeft de intensiteitsgraad aan in het gebruik van de activa, m.a.w. de rotatie van de activa. Hoe groter de rotatie, hoe hoger de produktiviteit van deze activa.