Naast haar befaamde reisgidsen, pakt uitgeverij Lonely Planet ook uit met verzorgde themaboeken. Zowel onverbeterlijke trekkers als liefhebbers van archeologie vinden hun gading in Buddhist Stupas in Asia (Lonely Planet, 176 blz., 44,99 euro). De delicieuze uitgave toont aan hoe met weinig tekst en schitterende fotografie dan toch een veelzeggende eenheid gesmeed kan worden. Auteur Joe Cummings en fotograaf Bill Wassman gaan onder meer op zoek naar de archite...

Naast haar befaamde reisgidsen, pakt uitgeverij Lonely Planet ook uit met verzorgde themaboeken. Zowel onverbeterlijke trekkers als liefhebbers van archeologie vinden hun gading in Buddhist Stupas in Asia (Lonely Planet, 176 blz., 44,99 euro). De delicieuze uitgave toont aan hoe met weinig tekst en schitterende fotografie dan toch een veelzeggende eenheid gesmeed kan worden. Auteur Joe Cummings en fotograaf Bill Wassman gaan onder meer op zoek naar de architecturale geheimen van stoepa's. Er bestaan nog honderden van deze boeddhistische heiligdommen in Azië, variërend in grootte en afwerking, gebouwd als religieus gedenkteken of om een relikwie te bewaren. Wie archeologische belangstelling en reizen wil combineren, kan sinds kort zijn plannen uittekenen met de Wereldatlas van de archeologie (Davidsfonds, 208 blz., 46,95 euro). Op meer dan 75 kaarten worden ruim duizend vindplaatsen beknopt beschreven, van sporen van prehistorische nomadische bizonjagers rond de Missouri tot de oorsprong van de rijstbouw in Azië en de ijstijdvolkeren van Australië. De Britse archeoloog Paul Bahn en veertien coauteurs benaderen hun onderwerp wat schools, tijdsbalken incluis, maar die aanpak levert alvast een duidelijk, bevattelijk en overzichtelijk werk op. Hun Amerikaanse collega Brian Fagan en zijn gerenommeerde equipe concentreren zich op De zeventig beroemdste mysteries van de oudheid (Lannoo, 304 blz., 32,50 euro). Met eigentijdse onderzoeksmethoden trachten ze een tip van de sluier op te lichten over mythen en legenden. Uiteraard komen ook de zondvloed, Stonehenge en de beelden op Paaseiland aan bod. Alvast een aangename werkwijze om historische gebeurtenissen te benaderen vanuit eeuwenoude raadsels, ook al blijft her en der nog ruimte voor speculatie. Om zich te verdiepen in een bepaald aspect van de geschiedenis, zijn we beter af met boeken die zich toespitsen op één thema. Zoals Tempels van het Oude Egypte (B&K, 256 blz., 36 euro). Egyptoloog Richard Wilkinson heeft zich na Het dal der koningen (dat zo'n vijf jaar geleden bij dezelfde uitgever in vertaling verscheen) nu gestort op een zalig gedetailleerd, maar voldoende toegankelijk werk over de ontwikkeling, bouw en functies van de tempels aan de oevers van de Nijl. Ook de tempelfeesten, rituelen en symbolen worden toegelicht. Een heel andere gefocuste terugblik op de geschiedenis levert Arlene Hirschfelder in Indianen van Noord-Amerika (THB, 192 blz., 31,50 euro): een verdienstelijke historische rechtzetting, grotendeels ontdaan van de westernheroïek, al wordt er te karig ingegaan op zowel de oorsprong van de vele indianenvolkeren als hun hedendaagse problemen. Luc De Decker [{ssquf}]