In de jaren zestig werden vaste waarden aan het wankelen gebracht en de breuklijnen liepen vrij eenvoudig tussen de generaties. Vandaag lossen ouders en kinderen de meningsverschillen op in overleg en redelijkheid. Vele kinderen lijken het zelfs zo naar hun zin te hebben bij de ouders, dat ze er niet weg willen. Ze werden nestklevers. "Dit overwegend harmonieuze beeld dat oprijst uit de surveys, kan op zichzelf tot tevredenheid stemmen, maar het kan ook het zicht ontnemen op mogelijk onderhuidse spanningen en fricties ...

In de jaren zestig werden vaste waarden aan het wankelen gebracht en de breuklijnen liepen vrij eenvoudig tussen de generaties. Vandaag lossen ouders en kinderen de meningsverschillen op in overleg en redelijkheid. Vele kinderen lijken het zelfs zo naar hun zin te hebben bij de ouders, dat ze er niet weg willen. Ze werden nestklevers. "Dit overwegend harmonieuze beeld dat oprijst uit de surveys, kan op zichzelf tot tevredenheid stemmen, maar het kan ook het zicht ontnemen op mogelijk onderhuidse spanningen en fricties tussen ouders en kinderen," waarschuwt sociologe Christien Brinkgreve ( Universiteit Utrecht) in Generatiemix - Leeftijdsgroepen en cultuur, een bundel met essays van negen Nederlandse auteurs. De historici Paul Luykx en Hans Righart namen de redactie op zich. In haar zoektocht naar het gewoel onder de rimpelloze oppervlakte, stuit Brinkgreve vooral op ingeslikte kritiek. In de onderhandelingshuishouding zijn de ouders niet meer de gedoodverfde winnaar van disputen. Vaak binden moeder en vader zwijgend in om ruzies te vermijden. Hun adolescenten trekken zich terug in peergroups, waarop de ouders niet eens zicht hebben. Ze persen de lippen dan maar opeen om geen huis vol met herrie te krijgen. "Kortom, liberalisering als zwaktebod." "Vergeleken met vroegere generaties, zijn de adolescenten van nu eerder mondig, maar later volwassen," constateert Brinkgreve. Veelal blijken ze niet eens zin te hebben in het volwassen leven met al zijn verplichtingen. Ze willen ook niet beoordeeld worden met maatstaven uit de jaren '60. Brinkgreve (zelf 49 j.) nuanceert de harmonie. Ze ziet ook "ergernissen over de zelfgenoegzaamheid van de zittende generatie, die van zichzelf graag een rebels en vernieuwend beeld schept, maar in de sceptische ogen van de jongeren vooral goed voor zichzelf gezorgd heeft. In elk geval vormen deze ergernissen een bindend element tussen jongeren die zichzelf nauwelijks deel voelen van een generatie."Marketeers jammeren over een heterogene jongerengeneratie. Vroeger was alles duidelijker. De labels lagen klaar. Zo werd wie na de mythische protestgeneratie geboren is, gerangschikt onder het label verloren, pragmatisch of nix. In de bundel Generatiemix blijken de jongere generaties bonter dan gedacht. Naast maatschappelijke thema's, peilen enkele essays ook naar generaties in kunst en cultuur. Voor vele auteurs gaat wel het verwijt op dat ze de jaren '60 te zeer als ijkpunt gebruiken. Sommige jongeren hebben gelijk. Sommige. Hans Righart & Paul Luykx (red), Generatiemix - Leeftijdsgroepen en cultuur. Arbeiderspers, 226 blz., 799 fr. ISBN 90295 35083.LDD