Socialisten verloren zwaar terrein bij de jongste parlementsverkiezingen. Sommigen wijten dat aan de schandalen in Charleroi waardoor de PS de SP.A zou hebben meegesleurd. Anderen vinden dat de boodschap van de socialisten te professoraal werd uitgedragen of dat het babegehalte van socialistische politici zijn uitwerking heeft gehad.
...

Socialisten verloren zwaar terrein bij de jongste parlementsverkiezingen. Sommigen wijten dat aan de schandalen in Charleroi waardoor de PS de SP.A zou hebben meegesleurd. Anderen vinden dat de boodschap van de socialisten te professoraal werd uitgedragen of dat het babegehalte van socialistische politici zijn uitwerking heeft gehad. Al deze elementen kunnen bijdragen tot de grootte van het verlies van de socialisten. Maar als we onze eigen communautaire uitdagingen even in een ruimer perspectief plaatsen, dan stellen we vast dat er een desocialismegolf door Europa trekt. Frankrijk en Duitsland, om maar die te noemen, stuk voor stuk zijn het landen waar de socialisten niet langer de scepter zwaaien. En wat overbleef van communistische partijen werd in de EU-15 bijna helemaal van de kaart geveegd. Het verschil tussen socialisme en liberalisme (ideologisch bedoeld en niet partijpolitiek), is dat dit laatste vertrekt vanuit het individu terwijl de eerstgenoemde vertrekt vanuit de gemeenschap. Het liberalisme legt de vrijheid en de verantwoordelijkheid bij het individu. Door die vrijheid zo weinig mogelijk te fnuiken, moet het individu gemotiveerd zijn te ondernemen en te werken. De promotie van vorming en opleiding moet de kansen van de individuen tot ontplooiing vergroten. Dat die ontplooiing kan leiden tot hogere inkomsten maakt deel uit van de dynamiek van de economie. Waar het individu op basis van objectieve redenen niet meekan in de ratrace, dienen sociale voorzieningen te worden getroffen om hem of haar in de noodzakelijke primaire behoeften te voorzien. Sociaal liberalisme is dus een pleonasme. Socialistische denkers vertrekken vanuit de gemeenschap. Het hoogste te realiseren goed is daarbij gelijkheid. Ze trekken van leer tegen de hoge wedden van de chief executive officers, ook van privé- bedrijven, en pleiten voor sterk progressieve belastingen. Wat werkenden overhouden, mag niet in schril contrast staan met wat niet-werkenden verdienen. Daardoor creëren we een grassprietmaatschappij waarbij zodra iemand de kop opsteekt, hij of zij netjes terug tot de orde wordt geroepen. Innovatie en creativiteit, bronnen van welvaart, worden zo gefnuikt. Socialistische denkers wijzen werklozen op hun recht om niet te werken en bieden hen alsmaar meer voordelen aan. Na bijkomende kindertoelagen, sociale woningen en gratis openbaar vervoer, wijst men er hen op dat "niemand kan worden verplicht om te werken", zoals de website van de socialistische vakbond FGTB het stelt. Sommige denkers gaan nog verder en stellen dat we moeten oppassen de werklozen niet te stigmatiseren door hen voortdurend jobs of opleidingen aan te bieden. Een maatschappij waar gelijkheid voorrang heeft op vrijheid zal noch gelijkheid noch vrijheid realiseren, stelde Nobelprijswinnaar Milton Friedman. In deze context wordt ook prioriteit gegeven aan werk- en werkloosheidsbeleid, boven economisch- en ondernemerschapsbeleid. Jongeren die afstuderen, wordt aangeleerd hoe zij hun werkloosheidsfiche tijdig moeten invullen om zeker te zijn van hun uitkering, die ze automatisch krijgen na een wachtperiode. Zouden we ze niet beter leren hoe een curriculum vitae op te stellen of hoe een bedrijf op te richten? Nee, daarvoor moeten ze eerst werkloos zijn en dan zullen ze een speciale sessie hebben met andere werklozen om samen hun curriculum op te stellen. Hoe kan het ook anders in een land waar 66 % van de ambtenaren en onderwijzers tegen het ondernemerschap is (enquête Delta Lloyd)? Het kan anders. We moeten focussen op economisch beleid. We moeten vaststellen dat we niet tegen ondernemers en voor werkgelegenheid kunnen zijn. Ondernemers creëren werk; een werkgelegenheidsbeleid niet. Dat moet dan ook niet bepaalde doelgroepen om de haverklap bevoordelen - premies voor oudere werklozen of voor pas afgestudeerden - om hun handelswaarde te verhogen. Laat ons dat geld beter gebruiken om een context te creëren waarbij ondernemers rapper aanwerven. Dit omhelst het verlagen van de fiscale en parafiscale druk en maatregelen die het ontslaan van werknemers vlotter kunnen maken. Bij dat laatste zullen socialisten schermen met verworven rechten. Iedereen heeft inderdaad recht op werk, maar moet daarvoor de nodige inspanningen doen. Men kan zich echter niet beroepen op het behoud van de job. Mensen, zeker de jongeren, moeten leren leven in een maatschappij waarbij men vaak van arbeidsplaats wijzigt. Dit geldt overigens ook voor mensen die bij de openbare sector werken. Vaste benoemingen, kind van eenzelfde ideologie, staan haaks op de flexibiliteit die vandaag noodzakelijk is. Ze maken het moeilijk, quasi onmogelijk, om een efficiënte overheid uit te bouwen. Socialisme en syndicalisme waren vooral nodig in tijden waar ondernemers arbeiders exploiteerden, zoals Marx dat noemde. Tijden zijn veranderd. De sociale zekerheid werd mede dankzij ondernemers uitgebouwd zodat eenieder een menswaardig bestaan kan hebben. Socialisten moeten zich nu de vraag stellen hoe zij een belangrijke bijdrage kunnen bieden aan een kennismaatschappij. Dit doe je niet door werklozen te helpen hun "arbeidsrecht" te ontlopen, maar integendeel door hen te motiveren kansen te grijpen om zich volop te ontplooien in de kenniseconomie. Socialisten hebben nog een zeer belangrijke rol in de Europese Unie, op voorwaarde dat ze zich duidelijk herbronnen over hun rol en toegevoegde waarde, niet alleen voor hun leden, maar ook voor de gehele maatschappij. Ze moeten daarbij anachronismen durven in vraag stellen, zoals vaste benoemingen voor ambtenaren, betalingen van werkloosheidsvergoedingen via de vakbond (in deze geïnformatiseerde maatschappij) en werkloosheidsvergoedingen onbeperkt in de tijd. Ze zouden er op termijn de ambtenaar, de werkende en de werkloze een goede dienst mee bewijzen conform de Verlichtingsgedachte. De auteur is secretaris-generaal van het Vlaamse Departement Economie, Wetenschappen en Innovatie. Hij schrijft deze column in persoonlijke naam. Reacties: blikvanaernaoudt@trends.be Rudy Aernoudt