Dat terroristen in naam van Islamitische Staat (IS) al verschillende aanslagen hebben gepleegd, is enkel mogelijk omdat ze over voldoende financiële middelen beschikken om hun bloedige operaties voor te bereiden. En geld, dat heeft IS in overvloed. Verschillende rapporten van geheime diensten en denktanks in Europa en de VS wijzen op de zeer verscheiden financieringsbronnen van Islamitische Staat. Voor 2015 wordt het budget op 2 miljard dollar geschat. Waar komt dat manna vandaan?
...

Dat terroristen in naam van Islamitische Staat (IS) al verschillende aanslagen hebben gepleegd, is enkel mogelijk omdat ze over voldoende financiële middelen beschikken om hun bloedige operaties voor te bereiden. En geld, dat heeft IS in overvloed. Verschillende rapporten van geheime diensten en denktanks in Europa en de VS wijzen op de zeer verscheiden financieringsbronnen van Islamitische Staat. Voor 2015 wordt het budget op 2 miljard dollar geschat. Waar komt dat manna vandaan? Op 29 juni 2014 riep IS in delen van Syrië en Irak het Islamitisch Kalifaat uit waar de strenge islamitische sharia geldt. Gebruikmakend van een machtsvacuüm in Irak en opstanden tegen het regime van Bashar Al-Assad in Syrië, kon IS zich in de regio verankeren en zelfs taken van een klassieke overheid op zich nemen. Wie een overheid zegt, zegt belastingen en die int IS ook effectief in de gecontroleerde gebieden. Er zijn belastingen tot 50 procent op de lonen van Iraakse en Syrische ambtenaren en werknemers. Vrachtwagens die in de regio passeren, moeten een vervoersbelasting betalen. De bevolking -- zo'n 10 miljoen mensen wonen in de door IS gecontroleerde gebieden -- moet een soort revolutiebelasting betalen. Het geld wordt deels gebruikt om een aantal overheidstaken te vervullen, zoals watervoorziening en gezondheidszorg. Het is een ideale manier om de lokale bevolking aan zich te binden. Maar het gros van de belastinginkomsten gaat naar de betaling van IS-strijders. De rol van de overheid overnemen, betekent ook toegang hebben tot de reserves van een nationale bank. IS beschikt over 400 miljoen dollar aan deviezenreserves na de inname van de Noord-Iraakse stad Mosul, waar zich een lokaal kantoor van de Iraakse Nationale Bank bevindt. Met dat geld kan IS 60.000 strijders een jaar lang 600 dollar per maand betalen, twitterde de Britse islamkenner Eliot Higgins. IS controleert vanuit zijn officieuze hoofdstad Raqqa de belangrijkste landbouwgebieden van Syrië, waar graan maar vooral katoen wordt verbouwd. Graan en katoen zijn goed voor 7 procent van de IS-inkomsten (zie tabel Olie en gas zijn belangrijkste geldbronnen). Voor de oorlog was Syrië een van de belangrijkste katoenproducenten ter wereld en IS controleert nu 90 procent van de katoenvelden van het land. Het katoen wordt naar Turkije getransporteerd, waar het tegen dumpingprijzen wordt doorverkocht. De Turkse regering, officieel een tegenstander van IS, knijpt een oogje dicht. IS verdient per jaar 180 miljoen euro aan de verkoop van katoen, graan en andere gewassen. Een landbouwer moet belasting betalen op een deel van de opbrengst. De smokkelroutes tussen Syrië en Turkije worden ook gebruik voor de export van olie. IS controleert belangrijke oliebronnen in Syrië (60 % van het totaal) en Irak (10 % van het totaal), ontgint die en verkoopt de opbrengst. De olie-inkomsten zouden goed zijn voor meer dan 700 miljoen dollar per jaar, zo'n 38 procent van de inkomsten van IS. De terreurorganisatie zou per dag tienduizenden vaten produceren, die verkocht worden tegen amper 20 tot 25 dollar per vat. De prijs op de internationale oliemarkten schommelt dezer dagen rond 44 dollar. IS is een goed draaiende oliemaatschappij geworden, schreef de Financial Times een maand geleden. De verkoop van olie gebeurt in onvervalste maffiastijl, waarbij de koper met moord en geweld onder druk wordt gezet om een voor IS lucratieve deal af te sluiten. Voor het beheer van de olievelden trekt IS met hoge lonen technici en ingenieurs aan. En de olieproductie blijft draaien, ondanks de bombardementen van de sites door de internationale coalitie tegen IS. Een groter probleem voor IS lijkt dat de infrastructuur om olie op te pompen hopeloos verouderd is en nieuwe investeringen vergt. De belangrijkste afnemer van de IS-olie is buurland Turkije, nochtans een NAVO-lid en lid van de internationale coalitie tegen de terreurorganisatie. Turkije wordt voor die handel niet bestraft door de Verenigde Staten. Voor experts in internationale politiek een bewijs van de dubbelzinnige rol die Turkije en de VS in de regio spelen (zie kader Een geopolitieke en geo-economische oorlog). Een andere absurde situatie: IS controleert verschillende elektriciteitscentrales die cruciaal zijn voor de bevoorrading van die delen van Syrië die nog onder controle staan van het regime. De regering van Assad betaalt IS voor die elektriciteit, terwijl ze een meedogenloze oorlog voeren tegen elkaar. De ontginning van andere grondstoffen, zoals cement en fosfaat, is goed voor nog eens 20 procent van de inkomsten. De musea en archeologische sites van Syrië en Irak herbergen eeuwenoude kunstwerken. De IS-strijders, die deze oude kunstwerken als een vorm van afgoderij beschouwen, posten met de regelmaat van een klok filmpjes waarop te zien is hoe ze oude beelden aan gruzelementen slaan. Maar daarnaast vormen deze kunstvoorwerpen een belangrijke bron van inkomsten. Sommige zijn 8000 jaar oud. Het leegroven van musea in de Syrische streek van Al-Nabuk alleen al zou meer dan 36 miljoen dollar hebben opgebracht. Afpersing en ontvoeringen zorgen ook voor het nodige manna. Tegenstanders van de terreurorganisatie of religieuze minderheden zien hun eigendommen aangeslagen en verkocht door IS. Ook de eigendommen van vluchtelingen worden aangeslagen. En dan is er nog de slavenhandel van vrouwen uit minderheidsgroepen. Waar zelden over gesproken wordt, zijn de financiële aanvoerlijnen vanuit Golfstaten als Saudi-Arabië en Qatar. Het gaat niet langer om directe staatssteun, maar wel financiering van rijke mecenassen die sympathie hebben voor het moslimfundamentalisme. Zo'n internationale financiering maakt van IS een terroristische multinational. Al neemt het belang van die inkomstenbron af, tot amper 2 procent van de inkomsten. Lange tijd was Koeweit een draaischijf om die fondsen naar jihadistische organisaties door te sluizen, maar sinds kort worden zulke geldstromen strenger gecontroleerd. Een belangrijke 'fundraiser' was de Tunesiër Tariq Bin-Al-Tahar Bin Al Falih Al-'Awni, die in Qatar 2 miljoen ophaalde voor IS. Hij werd in juni door een Amerikaanse drone gedood. IS is eigenlijk een huurlingenleger dat rekruteert over de hele wereld. De Syriëstrijders komen uit liefst 110 landen. Het gros komt misschien wat verrassend niet uit Europa maar uit Saudi-Arabië (2500) en Tunesië (3000), tegenover een 400-tal uit België en 800 uit Frankrijk. Ze zorgen voor inkomsten omdat ze onder andere geld meebrengen van een consumentenkrediet dat in België werd aangegaan en nooit wordt terugbetaald. Ook het feit dat sommige strijders hun uitkering gaan afhalen in een bankautomaat net over de grens met Turkije zorgt voor -- weliswaar beperkte -- inkomsten. Volgens de Franse criminoloog Xavier Raufer zijn tal van Syriëstrijders uit bijvoorbeeld Frankrijk en België verbonden aan criminele netwerken in hun thuisland. Ze houden zich bezig met wapen- en drugshandel. Als ze naar Syrië trekken, nemen ze ook de nodige financiële middelen mee. Eigen aan huurlingen is dat ze zich ter beschikking stellen van diegene die hen het meest betaalt. Dat gebeurt ook in Irak en Syrië. Voor huurlingen die actief zijn in de zogenoemde gematigde rebellengroeperingen die nog altijd gefinancierd worden door de Golfstaten maar ook de Verenigde Staten (die strijden tegen IS én tegen Assad), is de verleiding groot om de stap te zetten naar de betere betalers van IS. Bij hun overstap nemen ze ook militair materiaal mee, dat hen ironisch genoeg geleverd is door landen die IS bestrijden. ALAIN MOUTONDe olie die IS produceert, wordt verkocht tegen amper 20 tot 25 dollar per vat.