Een Franse bakker in Koekelberg doet de Japanners van Belgische pasteitjes smullen.
...

Een Franse bakker in Koekelberg doet de Japanners van Belgische pasteitjes smullen.Vorige week vloog een lading kersttaarten bij banketbakkerij NV Debailleul de deur uit. Niet dat de Belgische kerst vervroegd intreedt, maar de lading wordt verscheept naar Japan. En dat duurt een maand. Zaakvoerder Marc Debailleul, een ingeweken Fransman uit Le Nord, opende precies een jaar geleden in Tokyo een winkel met taarten, gebakjes, ijs en chocolade. Met sukses, want Japan maakt inmiddels een tiende van de omzet (76 miljoen frank in 1994). "De Japanners zijn het me zelf komen vragen. Via een agent worden mijn produkten verdeeld. Hij importeert, verkoopt en leidt de winkel in de grootste Japanse winkelketen Mutshokoshi. " De verscheping gebeurt in diepvriescontainers. Problemen met versheid zijn er niet, want Japan krijgt alleen lekkers uit zanddeeg (vooral citroen- en chocoladegebak). Verschillen in smaak zijn er nauwelijks. De Japanner lust enkel gebakjes van klein formaat, aan suiker hebben onze gele vrienden een broertje dood.Niet dat alles zo rimpelloos verliep. "De Japanse markt is heel moeilijk, zeer protektionistisch. De ingevoerde produkten worden tot op het bot geanalyzeerd. De Japanse hygiënenormen zijn hoger dan de Europese. Ze stellen alles in het werk om je zo veel mogelijk te ontmoedigen. " Marc Debailleul merkt bovendien op dat de overheid hem op geen enkele manier heeft bijgestaan. Na een jaar werking moet vooral het vervoer nog worden geoptimalizeerd. En het bedrijf werkt hard om de Europese hygiënenorm HACCP te behalen.Marc Debailleul begon zijn eigen zaak in 1983. Voordien verdiende hij zijn sporen als chef bij de exclusieve zaak Wittamer. Ook zijn huidige produkten van de 100 % familiezaak horen tot het hoogste kwaliteitsgamma. Hij levert onder meer de pasteitjes aan de voedingszaak Rob. Tot 1992 maakte de dochter van de GIB-Groep de helft van zijn omzet. Maar door de recessie ging de verkoop bij Rob "in vrije val". De keten sloot inmiddels haar winkel op de Elsensesteenweg. Debailleul ving de problemen van zijn belangrijkste klant goed op : zijn omzet daalde slechts van 83 miljoen in 1992 naar 76 miljoen in 1994. Rob is nog goed voor een kwart van de aktiviteiten. Een eigen winkel in Ganshoren maakt eveneens een kwart, delikatessenwinkels 15 %, de horeca een kwart. Maar Debailleul denkt vooral aan export. "Mijn dertig werknemers zorgen voor 48 % van de totale kost. Dat brengt de rendabiliteit in gevaar. Ik wil een grootschalige, seriematige produktie. Dat kan alleen door grote orders. Nieuwe afzetmarkten liggen in het buitenland".MARC DEBAILLEUL (DEBAILLEUL) Grote, buitenlandse orders moeten de rendabiliteit verzekeren.