William L. Silber, Volcker: The Triumph of Persistence, Bloomsbury, 2012, 464 blz., 30 euro
...

William L. Silber, Volcker: The Triumph of Persistence, Bloomsbury, 2012, 464 blz., 30 euroHij stond jaren in de schaduw van zijn opvolger, Alan Greenspan, maar anno 2012 kunnen we zeggen dat Paul Volcker (85) de invloedrijkste Amerikaanse centrale bankier was van de voorbije decennia. Hij stond aan het hoofd van de Fed tussen tussen 1979 en 1987. Volcker: The Triumph of Persistence toont haarfijn aan hoe de Verenigde Staten aan het einde van de jaren zeventig uit de negatieve spiraal van oplopende werkloosheid en stijgende inflatie wisten te ontsnappen. Dat was te danken aan één man: Paul Volcker. Toen president Jimmy Carter hem in juli 1979 aanstelde als hoofd van de Federal Reserve lag de Amerikaanse economie op apegapen. De stagflatie - inflatie in combinatie met hoge werkloosheid - was een ernstig probleem, het vertrouwen in de Amerikaanse economie was zoek en de dollar ging kopje-onder. Voor Volcker was er dringend nood aan een stringent monetair beleid om de inflatie te bestrijden en de Amerikaanse economie weer gezond te maken. De voorzitter haalde zijn slag thuis, ondanks zware tegenstand, ook bij de Amerikaanse centrale bank zelf. In de herfst van 1979 slaagde hij erin slechts een minieme meerderheid achter zich te krijgen om de intrestvoet met 50 basispunten te doen toenemen. Toen hem in een tv-interview gevraagd werd wanneer hij eindelijk eens aandacht zou besteden aan werkgelegenheid in plaats van aan de inflatie, antwoordde Volcker dat de hoge inflatie zijn belangrijkste vijand bleef. Ook nadat Ronald Reagan in 1980 de verkiezingen had gewonnen, ging Volcker op hetzelfde pad voort. De Amerikaanse economie raakte er uiteindelijk bovenop en kende jaren van stabiele groei. Maar Volcker kreeg er aanvankelijk niet veel applaus voor. Om te beginnen, stond hij in zijn Federal Reserve voortdurend onder druk. In 1983 scheelde het niet veel of hij werd niet opnieuw benoemd, in 1986 overwoog hij ontslag na aanhoudende interne kritiek. Volcker kreeg voorts veel kritiek van econoom Milton Friedman, die hem te weinig een monetarist vond. Ook de politieke wereld bekeek hem met een wantrouwig oog. De Democraten beschouwden het stringente monetaire beleid van Volcker als oorzaak van de verkiezingsnederlaag van Carter in 1980. Ronald Reagan wantrouwde de centrale bankier evenzeer en vond dat Volcker te dicht bij de Democraten stond. Auteur William Silber brengt ook een minder bekend verhaal over de centrale bankier. Zo was Volcker als medewerker van het Amerikaanse ministerie van Financiën betrokken bij de opdoeking van het Bretton Woods-systeem van vaste wisselkoersen en de loskoppeling van de dollar van de goedkoers in 1971. Volcker was een overtuigde tegenstander van de goudstandaard. Zijn steun aan president Nixon die tegelijk een blokkering van de lonen en prijzen aankondigde, was ook opvallend, want hierover bestond bij economen geen eensgezindheid. De biografie leert ons ook dat Volcker meermaals de kans had om in Wall Street te werken en daar een veelvoud kon verdienen van zijn wedde als centraal bankier. Hij deed het niet. Daardoor was zijn vrouw verplicht om ook te gaan werken. Volcker zelf rookte altijd sigaren die maximum 2 dollar per stuk kostten. ALAIN MOUTON