(1) Uit: 'De financiële toestand van de Belgische ondernemingen 2003, sleutelratio's en risico-indicatoren', Hubert Ooghe, Pieter Vandermoere, Nick Waeyaert, Intersentia 2003.
...

(1) Uit: 'De financiële toestand van de Belgische ondernemingen 2003, sleutelratio's en risico-indicatoren', Hubert Ooghe, Pieter Vandermoere, Nick Waeyaert, Intersentia 2003.Jobs, jobs, jobs. Graag 200.000 extra stuks en snel als het even kan. Dat is toch de ambitie van de regering- Verhofstadt II. Een makkie wordt dat niet, want de Belgische economie groeit dit jaar in het beste geval met 2 % en dat is meteen de beste prestatie van de jongste vier jaar. De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso) en de Europese Commissie ramen trouwens dat de Belgische economie de komende jaren niet veel sneller kan groeien dan die 2 %. Een economie die geen hoger groeitempo aankan, is echter nauwelijks in staat om de werkgelegenheid fors op te krikken, laat staan om liefst 200.000 extra jobs op enkele jaren tijd te creëren. Gelukkig zijn er snelgroeiende bedrijven, die aan de zuigende modder van het Belgische economische klimaat weten te ontsnappen en zich uit het grijze bedrijvenpeloton hijsen. Trends bedacht ze met de titel Gazellen en de jongste jaren droegen ze bijvoorbeeld meer dan hun steentje bij tot de creatie van werkgelegenheid. De 200 laureaten in Oost-Vlaanderen - 100 Gazellen bij de grote bedrijven, 75 bij de middelgrote bedrijven en 25 bij de kleine (zie kader: Hoe gingen we te werk?) hebben hun personeelsbestand uitgebouwd van dik 17.000 jobs in 1998 naar net geen 24.000 in 2002. Dat is een toename met 7000 arbeidsplaatsen of 40,95 %. (zie grafiek: 7000 jobs op vijf jaar tijd). Het zijn cijfers die in schril contrast staan met de amechtige jobdynamiek die de rest van de economie teistert. Vooral de kleine Gazellen spuien vacatures, want op die vijf jaar tijd verdrievoudigden ze bijna hun personeelsbestand: van 237 banen in 1998 ging het naar 846 in 2002. Kabellegger Elgeka, de Trends Gazellen Ambassadeur bij de kleine bedrijven (zie blz. 66 en 69) telde in 2002 al 54 personeelsleden, terwijl het bedrijf in 1998 amper zes werknemers telde. Bodemsaneringsbedrijf Envisan, de Trends Gazellen Ambassadeur bij de middelgrote bedrijven (zie blz. 62 en 68) dikte zijn personeelsbestand aan van 13 in 1998 naar 35 in 2002. De eigenlijke winnaar in deze categorie is Medisch Labo Medina, maar Frederica Verheyden weigerde om persoonlijke redenen de ambassadeurstitel. Het bedrijf werd opgericht door Wim De Marez, zoon van de Roeselaarse hormonenkeizer, maar die verkocht zijn aandelen in 2000 aan Verheyden. De verdeler van voorschriftvrije gezondheidsproducten Omega Pharma, de Trends Gazellen Ambassadeur bij de grote bedrijven (zie blz. 59 en 68) gaf in 1998 werk aan 68 mensen en in 2002 aan 165 mensen. En die toename wijst alleen op de personeelsgroei van de NV Omega Pharma, die de Belgische activiteiten overkoepelt. De Europese multinational die Omega Pharma is, telt intussen 2121 personeelsleden. Nog een paar opvallende Gazellen met een sterke jobcreatie op de palmares zijn Ontex, dat op vijf jaar tijd 300 extra mensen aanwierf zodat het totaal op 1001 arbeidsplaatsen kwam, en ATS, de winnaar bij de grote bedrijven van vorig jaar, waarvan het personeelsbestand tussen 1998 en 2002 groeide met 266 % (van 71 naar 260). De Gazellen springen niet alleen op het gebied van de creatie van jobs uit de band. De doorsnee Gazelle heeft een heel eigen financieel profiel: ze is een stuk rendabeler dan haar doorsnee Belgische collega, maar oogt wel iets minder solvabel. Dat is niet meer dan normaal, aangezien groeien geld opslorpt. De Gazellen hebben daarbij niet alleen het lef om meer vreemd vermogen te verzamelen, hun rentabiliteit toont aan dat ze dat extra geld verstandig weten te investeren in bijkomende groei. Of hoe het vreemd vermogen bij de Gazellen doet waarvoor het dient: een hefboom voor groei zijn. De omzet bijvoorbeeld van de 175 Gazellen (exclusief de kleine Gazellen) steeg met 75 %: van 5,1 miljard euro in 1998 naar ruim 9 miljard euro in 2002. De Gazellen zijn ook rendabeler. De mediaan van de 100 grote Gazellen haalt een rentabiliteit van 13 % (dat betekent dat de helft beter scoort en de helft slechter scoort dan 13 %.) De mediaan van alle Belgische grote ondernemingen haalde in 2001 een rentabiliteit van een goede 6 %. (1) Driekwart van de 100 grote Gazellen scoort beter dan die 6 %. Het verhaal van de rentabiliteit van de middelgrote en kleine Gazellen verschilt alleen in de punten en komma's, maar wel is het zo dat hoe kleiner de Gazelle, hoe groter de rentabiliteit is. De mediaan van de kleine Gazellen haalt een rentabiliteit van 19,2 %. Wel stellen de Ambassadeurs teleur qua rentabiliteit. Omega Pharma haalde in 2002 een rentabiliteit van 6,06 %, Envisan van 0,3 % en Elgeka van 1,17 %. Maar in het algemeen doen de Gazellen meer dan hun duit in het zakje van de schatkist. Tussen 1998 en 2002 steeg de nettowinst van de 200 Gazellen met 352 %: van 51 naar ongeveer 232 miljoen euro. De betere rentabiliteit is het logische gevolg van een hogere toegevoegde waarde. Tussen 1998 en 2002 steeg de toegevoegde waarde met 72 %: van 1,1 naar 1,9 miljard euro. De toegevoegde waarde steeg dus sneller dan de personeelstoename, wat wijst op productiviteitsstijgingen bij de Gazellen. De toegevoegde waarde per personeelslid bij de Gazellen is dan ook een stuk hoger dan bij de collega's. De mediaan van de grote Gazellen haalt een toegevoegde waarde van 76.700 euro per werknemer in 2002. De doorsnee Belgische onderneming moet tevreden zijn met 51.000 euro per werknemer. De Gazellen zijn wel iets minder solvabel. De mediaan van de 100 grote Gazellen bereikt een solvabiliteit van 28,22 %; de doorsnee Belgische onderneming haalt 30 %. Daan Killemaes Dirk Van ThuyneTussen 1998 en 2002 creëerden de 200 Oost-Vlaamse Gazellen ongeveer 7000 bijkomende jobs.