Ook voor de provincie Oost-Vlaanderen lezen de economische vooruitzichten als een winters weerbericht: de groei schommelt rond of iets boven nul, en dichte en hardnekkige mist belemmert het zicht. Het sinds lang aangekondigde herstel laat op zich wachten, en niemand weet wanneer er beterschap komt. De conjunctuurindicator voor Oost-Vlaanderen bijvoorbeeld veerde met de jaarwisseling helemaal niét op, terwijl de Belgische indicator toch nog een opwaarts knikje toonde.
...

Ook voor de provincie Oost-Vlaanderen lezen de economische vooruitzichten als een winters weerbericht: de groei schommelt rond of iets boven nul, en dichte en hardnekkige mist belemmert het zicht. Het sinds lang aangekondigde herstel laat op zich wachten, en niemand weet wanneer er beterschap komt. De conjunctuurindicator voor Oost-Vlaanderen bijvoorbeeld veerde met de jaarwisseling helemaal niét op, terwijl de Belgische indicator toch nog een opwaarts knikje toonde. Gelukkig maakte het forse investeringsdossier bij Volvo Cars Europe wat goed voor de Oost-Vlaamse economie in 2002. Een investering van 350 miljoen euro schept er 2200 directe en indirecte arbeidsplaatsen en trekt de productie op van 150.000 naar 270.000 auto's. Ook de haven van Gent publiceerde meer dan behoorlijke cijfers, maar daar tegenover stond dan weer de sluiting van bijvoorbeeld de Gentse vestiging van Alcatel. "Al bij al staat de Oost-Vlaamse economie er niet slecht voor," zegt Daniël De Steur, directeur van de Economische Raad voor Oost-Vlaanderen (Erov). "De Oost-Vlaamse bedrijven zijn nooit zo solvabel geweest, kunnen dus tegen een stootje, en zijn er op uit om door te groeien. De KMO van 20 tot 150 werknemers is sterk geprofessionaliseerd." Het aantal ondernemingen met minder goede cijfers laat een relatieve verbetering optekenen, zo blijkt ook uit de jaarlijkse studie De financiële toestand van de Oost-Vlaamse ondernemingen, editie 2002. Het aantal Oost-Vlaamse bedrijven met een negatief resultaat daalde van 38% in 1995 naar 31% in 2001. Voor Vlaanderen als geheel kromp dat cijfer van 38% naar 32%. Het risico van een faillissement zakte van 14% in 1995 naar 8,6% in 2001. Kortom, al maakt nog steeds één op de drie ondernemingen verlies, toch kan de Oost-Vlaamse economie teren op een batterij sterke en groeiende KMO's. Marc Ulens, directeur bij de GOM Oost-Vlaanderen, merkt daarbij op dat: "De Oost-Vlaamse economie nog altijd op een industriële sokkel steunt. De industrie is de voornaamste klant van de dienstensector. Brussel kan zich permitteren louter op diensten te draaien, Gent kan dat niet." Maar een sluipend gif voor de Oost-Vlaamse economie is de dalende instroom van sterke ondernemingen. De dynamiek vertraagt. Vorig jaar veroorzaakte een studie van de Universiteit Gent en de Vlerick Leuven Gent Management School over de Vlaamse ondernemingszin voor ongemakkelijk geschuif op nogal wat beleidsstoelen. De cijfers: in België is slechts 3% van de bevolking actief betrokken bij het opzetten van een eigen onderneming of werkzaam in een eigen start-up (een onderneming jonger dan 42 maanden). Het Europees gemiddelde bedraagt 5% en Vlaanderen scoort nog slechter dan Brussel en Wallonië. Startmotor hapertDeze verontrustende cijfers lijken zich in Oost-Vlaanderen te vertalen in een dalend aantal starters. Erov telde na dat het aantal oprichtingen van NV's, BVBA's, CV's en eenmanszaken de jongste vijf jaar onafgebroken is gedaald, ondanks de positieve conjunctuur tot en met 2000. Voor elke 100 oprichtingen in 1995 waren er dat in 2002 nog 58.Die afname is zorgwekkend omdat starters een bron van nieuwe welvaart en tewerkstelling zijn. Ruim een kwart van de nieuwe jobs in Vlaanderen in de periode 1986-1995 is gegenereerd door starters. Starters zijn ook dé vernieuwers van producten en processen, en scherpen op die manier het concurrentievermogen van een sector aan. Het aantal starters is met andere woorden een indicator van de dynamiek van de industriële en commerciële omgeving. De Oost-Vlaamse Gazellen zijn ook als starters begonnen: de industriële dienstengroep ATS, de op drie na snelst groeiende Gazelle bij de grote bedrijven en in die categorie onze Trends Gazellen Ambassadeur, werd opgericht in 1984. De verdeler van gezondheidsproducten Omega Pharma, laureaat bij de middelgrote bedrijven, zag het levenslicht in 1987, en transportbedrijf Tailormade Logistics, de Gazellen Ambassadeur bij de kleine bedrijven, werd opgericht in 1996. De laureaten vanaf 2010 trekken dus vandaag naar het handelsregister om een akte van oprichting te tekenen. Gelukkig is de geboorteratio van de ondernemingen, niettegenstaande een fikse stijging van het aantal faillissementen en schrappingen, nog altijd positief in Oost-Vlaanderen, al zit die geboorteratio uiteraard ook in een dalende lijn. In 2001 was er een aangroei van 1% of 984 stuks, een vierde minder dan in 2000, toen er 1215 ondernemingen bijkwamen. In de arrondissementen Aalst en Dendermonde was er wel al sprake van een negatieve nettogroei. Toch is nog een stevige nuance te maken bij het afnemende aantal starters. Het dalende aantal oprichtingen in de periode 1996-2001 is ook een rechtstreeks gevolg van de goede conjunctuur in die periode. Anders gezegd: bij een zwakke conjunctuur stijgt de ondernemingszin om den brode, wat een fundament legt onder een volgende heropleving.Vooral het aantal nieuwe eenmanszaken daalt snel bij een goed draaiende arbeidsmarkt. Werknemers zijn niet snel geneigd om een vaste job in te ruilen voor het meer risicovolle bestaan van de zelfstandige. Dit hangt in Vlaanderen samen met het sterke sociale vangnet binnen het werknemersstatuut, dat soms in schril contrast staat met de risico's verbonden aan het ondernemerschap. Potentiële ondernemers kiezen soms ook voor meer zekerheid omdat er een stevige hypotheeklening moet worden afbetaald, die diende om de dure bouwgrond te financieren. Of hoe in de economie alles met alles samenhangt.De conjunctuurgevoeligheid van vooral de eenmanszaken - in 2002 is er opnieuw een stijging te noteren - wijst er op dat te veel starters vertrekken vanuit een noodzaak: het is de beste en misschien enige oplossing op dit ogenblik om een inkomen op te bouwen. Dat extra regiment starters in tijden van laagconjunctuur zoekt vooral zijn weg in de sectoren horeca en kleinhandel, precies sectoren waar het risico van een faillissement groot is. Te weinig starters vertrekken vanuit de idee om een marktopportuniteit te ontwikkelen. Gemiddeld genomen haalt slechts een derde van de starters het vijfde levensjaar. Er zijn dus heel wat oprichtingen nodig om een stevig aantal nieuwe ondernemingen te laten doorgroeien.Meer structureel wijzend op de afnemende vernieuwing van het KMO-weefsel in Oost-Vlaanderen is de gestage daling van het aantal NV's. Al valt hierbij op te merken dat de achteruitgang van het aantal nieuwe NV's ook te maken heeft met de wetswijziging van 1 juli 1996 die het minimumkapitaal van een NV naar 62.000 euro optrok. Heel wat NV's worden nu opgericht als een BVBA, en er zijn heel wat omvormingen van NV's naar BVBA's. Het aantal nieuwe BVBA's hield daarom lang stand, ook dankzij een toevloed aan managementvennootschappen de jongste jaren. Het gaat dus lang niet alleen om nieuwe bedrijven. Starters van een heel ander kaliber zijn nieuwe buitenlandse investeringen. Marc Ulens: "Kan men zich de Oost-Vlaamse economie voorstellen zonder de historische buitenlandse investeringen - Volvo, Sidmar, Honda, Stora Enso enzovoort? Voor de meeste van die bedrijven is het klimaat gunstig genoeg om te blijven en aan expansie te doen, maar zijn we nog sterk genoeg om nieuwe projecten aan te trekken? Zijn we nog de primus in een concurrentieslag met twintig andere regio's? De conjunctuur herstelt misschien, maar een Alcatel komt niet meer terug." Het lijstje nieuwe buitenlandse investeringen in Oost-Vlaanderen in 2002 is kort en bijna volledig gerelateerd aan Volvo. Marc Ulens "Sinds vorig jaar is het aantal aanvragen gedaald naar een veertigtal, terwijl honderd het gemiddelde was de vorige jaren." Het initiatief van premier Guy Verhofstadt om een roadshow te organiseren en België aan te prijzen bij buitenlandse investeerders is dan ook zeker geen slecht idee. Marc Ulens: "Ook de verlaging van de vennootschapsbelasting is psychologisch een goede zaak. Studiebureaus schrappen bijvoorbeeld meteen de regio's waar het tarief van de vennootschapsbelasting te hoog ligt. Nu kunnen we een eerste selectie overleven, en krijgen we de kans om ons te verkopen." De oorzaken en remediesMaar terug naar de starters van eigen bodem. Waarom onderneemt de (Oost-)Vlaming minder? En wat kan er aan worden gedaan? Wat goed is voor de eigen starters is meestal ook goed voor de buitenlandse ondernemers en vice versa - ze opereren tenslotte in hetzelfde economische klimaat.Een eerste element dat vooral op langere termijn zijn tol kan eisen, is de bevolkingsevolutie in Oost-Vlaanderen: er is nog groei, maar die is met 1,7 per duizend per jaar (2,1 voor het Vlaamse Gewest) heel traag en bijna intergraal te danken aan de positieve migratiesaldi. Het natuurlijke aangroeisaldo is in slechts twee arrondissementen positief: Gent en Sint-Niklaas, ook dankzij de inbreng van de allochtone bevolking die er sterk is vertegenwoordigd. Op termijn verhogen de veroudering van de bevolking en de schaarste aan nieuw bloed de druk op de arbeidsmarkt, en de belastingdruk op de actieve bevolking en ondernemingen. Dat impliceert dus hogere kosten en lagere winstmarges, wat het ondernemen onvermijdelijk minder aantrekkelijk maakt. Een ander structureel probleem is en blijft het tekort aan bedrijventerreinen in Oost-Vlaanderen. Een recentelijk in gebruik genomen terrein in Wetteren was op enkele weken uitverkocht, tegen prijzen van 75 euro per vierkante meter - in Limburg vallen ze van hun stoel als ze dit lezen. Marc Ulens: "De schaarste betekent een verlies aan nieuwe investeringen en vertraagt sommige projecten met drie tot vijf jaar. We zijn een rijk land dat zich dit soort luxe kan permitteren."En dan is er de beeldvorming van de ondernemer: hij lijkt wel de schurk van onze tijd. Erov ontwikkelde een origineel project om die beeldvorming bij de jeugd te ontkrachten. Het Antwerpse gezelschap De Nieuwe Horizon heeft een 45 minuten durend programma samengesteld, vanaf maart in te boeken door scholen. Het gezelschap speelt na hoe een zelfstandige ondernemer voor de rechtbank wordt gesleept, en wordt beschuldigd van uitbuiting, winstbejag, milieuverontreiniging enzovoort. Maar na uitgebreide argumentatie wordt de ondernemer in ere hersteld. "De boodschap is dat ondernemen evenwaardig is aan een job in dienstverband," zegt Daniël De Steur. Het project wordt gefinancierd door de provincie en de kamer voor ambachten en neringen. Ondernemen is totnogtoe een zo goed als onbekende discipline in het onderwijs, van de lagere school tot de universiteit. Jongeren die de arbeidsmarkt optrekken, zoeken op de eerste plaats werk, zonder er bij stil te staan dat ze misschien ook zelf werk zouden kunnen scheppen. Hoe ondernemend is de Vlaamse student, was het thema van een onderzoek van professor Dirk Deschoolmeester en Olivier Braet, verbonden aan de faculteit economie van de Universiteit Gent. Heel opvallend: het aantal studenten van diezelfde universiteit dat een zaak wil beginnen, daalt drastisch naarmate de academische opleiding vordert. De universiteit leidt blijkbaar op tot wetenschappers en bedienden, maar zeker niet tot ondernemers. En vergeten we ook niet de administratieve rompslomp, wereldberoemd in België. Karel Uyttersprot, directeur van de Kamer van Koophandel Oost-Vlaanderen: "De bureaucratie ontneemt de lust om te ondernemen. En voor buitenlandse investeerders is het een lijdensweg om aan alle nodige vergunningen en attesten te geraken." Beleidsvoerders reageren met administratieve vereenvoudiging en het éénloketprincipe. De overheid ontwikkelde de Kruispuntbank als enig aanspreekpunt voor bedrijven en voor haar inzameling van de bedrijfsgegevens, zodat startende ondernemers bijvoorbeeld niet langer naar acht verschillende loketten moeten voor twaalf diverse aangiftes. Maar ook de startende ondernemer heeft al te vaak zijn huiswerk nog niet klaar. De overlevingskansen van heel wat starters is en blijft laag door slecht beheer, onervarenheid en onbekwaamheid. De opstartkosten en de concurrentie worden onderschat, en de marktmogelijkheden en de omzetgroei overschat. Voorts is de familiefactor een onderschat fenomeen. Spaak gelopen relaties of tweespalt in de familie achter het bedrijf bezegelen soms tot lot van een onderneming. Begeleiding is er in wezen genoeg op de markt, "maar het blijft een immens probleem om de starters te motiveren van die hulp gebruik te maken," zegt Daniël De Steur.Ten slotte is er het financieringsvraagstuk van de starter. Zowel het federale, Vlaamse als Oost-Vlaamse beleidsniveau hebben diverse subsidiepakketten klaar. Een greep uit het aanbod: de instaplening, de startlening, de solidaire lening, het behoud van het recht op werkloosheid voor beginnende zelfstandigen, een onderbrekingsuitkering bij loopbaanonderbreking. Waar wacht u nog op om te starten? Het zijn evenveel druppels op een hete plaat. Door de huidige risicoaversie bij durfkapitalisten, bankiers en beleggers, is startkapitaal een schaars goed. Maar ook omgekeerd zijn starters niet altijd bereid om kapitaal te openen voor externen. Een te grote hang naar controle is soms een blok aan het been van de Gazellen.Daan Killemaes [{ssquf}]daan.killemaes@trends.beDe Trends Gazellen Awards voor de provincie Oost-Vlaanderen werden gisteren in Gent uitgereikt. De volgende Trends Gazellenevenementen vinden plaats op woensdag 12 februari in Brugge (West-Vlaanderen), woensdag 26 februari in Hasselt (Limburg), woensdag 12 maart in Leuven (Vlaams-Brabant), woensdag 26 maart in Antwerpen en donderdag 3 april in Rijsel (Euro Gazelle 2003).Voor meer informatie kunt u bellen naar 051 26 64 13 of mailen naar trendsgazellen@roularta.beDe groepercentages (omzet, personeel en cashflow) van de 200 snelst groeiende Oost-Vlaamse bedrijven.Het risico om failliet te gaan in Oost-Vlaanderen zakte van 14% in 1995 naar 8,6% in 2001. Het aantal startende bedrijven in Oost-Vlaanderen is de jongste vijf jaar onafgebroken gedaald.Eén op de drie ondernemingen in Oost-Vlaanderen maakt verlies.