Je zou het niet meteen verwachten, maar de Chinezen hebben het seizoen van de Oost-Vlaamse azaleatelers goedgemaakt. Dat seizoen loopt van augustus tot april. Maar tegen het najaar van 1997 was de Chinese invoer zo groot dat er op een bepaald ogenblik geen azalea's meer op onze markt te vinden waren. Reden: steeds meer Chinezen zien in de azalea het perfecte nieuwjaarscadeau. "Timing is enorm belangrijk," zegt azaleateler Tom Hesters uit Zaffelare, deelgemeente van Lochristi. "Het Chinese nieuwjaar valt steeds ergens in januari of februari. Het komt erop aan de azalea's tegen dat moment in de bloei te krijgen. De verscheping met luchtgekoelde containers en de ontknoppingsperiode ter plekke in China nemen weken in beslag. Vandaar dat de uitvoer naar China hier al in het najaar begint. De Chinezen zijn vooral verslingerd op rode azalea's. Rood geldt ginder als gelukssymbool. In vergelijking met vorig jaar zijn de Chinese orders bij ons met 30% gestegen."
...

Je zou het niet meteen verwachten, maar de Chinezen hebben het seizoen van de Oost-Vlaamse azaleatelers goedgemaakt. Dat seizoen loopt van augustus tot april. Maar tegen het najaar van 1997 was de Chinese invoer zo groot dat er op een bepaald ogenblik geen azalea's meer op onze markt te vinden waren. Reden: steeds meer Chinezen zien in de azalea het perfecte nieuwjaarscadeau. "Timing is enorm belangrijk," zegt azaleateler Tom Hesters uit Zaffelare, deelgemeente van Lochristi. "Het Chinese nieuwjaar valt steeds ergens in januari of februari. Het komt erop aan de azalea's tegen dat moment in de bloei te krijgen. De verscheping met luchtgekoelde containers en de ontknoppingsperiode ter plekke in China nemen weken in beslag. Vandaar dat de uitvoer naar China hier al in het najaar begint. De Chinezen zijn vooral verslingerd op rode azalea's. Rood geldt ginder als gelukssymbool. In vergelijking met vorig jaar zijn de Chinese orders bij ons met 30% gestegen." Dat de export naar China openbloeit, blijkt ook uit de cijfers van Eurostat: tussen 1995 en 1997 is die in waarde meer dan verviervoudigd. Met de uitvoer naar Hongkong en Taiwan erbij, bedroeg de stijging 70%. De totale export daarentegen ging licht achteruit. De deelname vorig jaar van Vlaamse azaleatelers - waaronder Tom Hesters - aan een sierteeltvakbeurs in Shanghai heeft de export naar China doen versnellen. Vandaag opent dezelfde vakbeurs - Florexpo China '98 - opnieuw haar deuren, met alweer een deelname van Oost-Vlaamse azaleatelers onder de hoede van het Vlam (Vlaams Promotiecentrum voor Agro- en Visserijmarketing) en Export Vlaanderen. Zal de Chinese markt,met naar schatting 1,3 miljard consumenten tegen 2000, van Tom Hesters een rijk man maken, en van de Oost-Vlaamse azaleateelt een blakende groeipool in onze landbouw? "Van onze omzet - nu ongeveer 100 miljoen frank groot - gaat 10% naar China en Hongkong," aldus Hesters. "Veel mag dat niet meer stijgen, omwille van het risico. We verkopen slechts één product - weliswaar in verschillende variëteiten - en dan moet je je afzet spreiden. Een devaluatie van de Chinese munt zit er nu niet in, maar in Azië kan het vlug gaan, zoals bleek." Bovendien is export naar China niet eenvoudig. Aanvankelijk diende Hesters in te voeren via traders in Hongkong die alleen kochten tegen het Chinese nieuwjaar. Intussen verkoopt hij ook al rechtstreeks aan Chinese bloemisten die het hele seizoen lang invoeren per luchtvracht, maar dat is duur. "En zij geraken niet gemakkelijk aan een invoervergunning. Voor zoiets moet je in China de weg kennen." Er is veel vraag van Chinezen naar joint ventures, maar volgens Hesters zijn dat vaak pogingen om het onderste uit de kan te halen. "Investeren in China is niet haalbaar voor de familiale Vlaamse azaleateelt. Je moet iemand kunnen vrijmaken die ginder enkele jaren woont en werkt. Het is niet hetzelfde als het opstarten van een fabriek: je bent bezig met een levend product dat elke dag zorg vereist. Er kan zoveel mis gaan."Een Vlaamse azaleateler in China zou de navelstreng met zijn kenniscentrum missen. De 400 Belgische azaleatelers zitten voor 99% geconcentreerd in het Gentse, een unieke microcosmos compleet met gespecialiseerde toelevering - zelfs de potten voor azalea's zijn anders dan voor andere planten - tot en met plantendokters, landbouwingenieurs die de telers adviseren. "De informatieuitwisseling gaat dus heel snel, 's zondags na de mis als het ware," zegt Patrick Dieleman, secretaris van het AVBS (Algemeen Verbond van de Belgische Siertelers. "Binnen onze vereniging beschouwen de azaleatelers zich trouwens als een aparte beroepsgroep." Komt daarbij de ondersteuning van het Destelbergense PCS (Proefcentrum voor de Sierteelt) voor teelttechnisch onderzoek, en van het Merelbeekse CLO (Centrum voor Landbouwkundig Onderzoek) voor plantengenetica- en veredeling. Het CLO heeft de grootste azaleagenenbank ter wereld. Dat alles maakt dat de 400 telers in elk uitvoerland 75% tot 100% van de markt in handen hebben, en samen goed zijn voor meer dan de helft van de Europese productie, op grote afstand gevolgd door Duitsland, Nederland en Zwitserland. "In de VS worden tuinazalea's geteeld, dat is een heel andere plant," zegt Tom Hesters. Vreest hij niet dat zijn Chinese klanten op een mooie dag zelf azalea's beginnen telen? Tom Hesters glimlacht. "Een Turkse klant heeft het vier jaar lang vergeefs geprobeerd. Ook de Chinezen zie ik niet in staat om de eerste tien jaar een plant te telen zoals wij die kennen, zeker niet in aantallen groot genoeg voor hun markt. En door permanente vernieuwing blijft onze voorsprong intact."Curiosum werd oma-productVorig jaar bedroeg de export van azalea's naar China, Hongkong en Taiwan slechts 91,3 miljoen, een schijntje in totale uitvoer van 1,6 miljard. Als de uitvoer naar het Verre Oosten vorig najaar aanbodtekorten veroorzaakte, zullen die zeer kortstondig geweest zijn. Voornaamste klant blijft Frankrijk (510 miljoen), gevolgd door Italië (242 miljoen), en voorts Nederland (vaak bestemd voor doorvoer), Groot-Brittannië en Duitsland. Omdat niet alle uitvoer aangegeven wordt bij Eurostat, wordt de echte totale export op 2 miljard geschat, toch een mooie 57% van de productie. Die laatste bedraagt 3,5 miljard, en is fors gestegen sinds 1980, toen de productie op 1,1 miljard lag.Ogenschijnlijk goed nieuws, in werkelijkheid is de Oost-Vlaamse azalea, na de boom van vorig decennium, op de teruggang. De export topt al enkele jaren af, en sinds 1990 is de teelt virtueel verlieslatend. Volgens cijfers van het federale CLE (Centrum voor Landbouweconomie), haalt de azaleateler slechts 900 frank opbrengsten op iedere 1000 frank aan kosten. In die kosten zijn zowel meststoffen, bestrijdingsmiddelen en dergelijke inbegrepen, maar ook de intresten op omlopend kapitaal - een azalea heeft al gauw een teeltduur van meer dan een jaar - en het aangerekend loon van de bedrijfsleider en meewerkende familieleden. Weliswaar zijn de meeste sierteeltsectoren traditioneel verlieslatend, maar tot 1990 was de azalea een winstgevende kampioen. "Vroeger was de azalea iets speciaals: zij bloeit in de winter. Een bloemist kon zich niet veroorloven haar uit zijn assortiment weg te laten," zegt Suzy Van Gansbeke, coördinator sierteeltmarketing van de Economische Raad voor Oost-Vlaanderen. "Intussen zijn er andere winterbloeiende planten op de markt met een jonger imago: hortensia, kerstroos... De azalea is ietwat een oubollig product geworden. Bovendien vervagen de seizoenen. Je hebt nu al chrysanten van augustus tot Allerheiligen, wat de verkoop van azalea's voor een deel overlapt. Geen enkel product is nog onvervangbaar. De markt wordt grilliger, je moet kort op de bal spelen." Structureel is het aanbodgroter dan de vraag, volgens Adrien Saverwyns van de Dienst Ontwikkeling Plantaardige Productie van het federale ministerie van Landbouw: "Uiteindelijk raakt al het aanbod wel verkocht, maar niet zelden tegen ondermaatse prijzen. Vroeger was dat omgekeerd. De azalea's werden al opgekocht toen ze nog in het veld stonden. De klant overwinterde de planten en nam dus zelf het risico. Nu zijn er zoveel alternatieven op de markt dat de klant azalea's koopt wanneer hij ze nodig heeft. De teler blijft met het risico zitten, en moest heel wat investeren in overwinteringsruimte, zoals serres en koelcellen." Alles bijeen zijn Van Gansbeke en Saverwyns optimistisch. "Alleen telers met onvoldoende kwaliteit geraken in de problemen," zegt Saverwyns. "Ik kan je zo twintig namen van telers geven van wie de planten nog steeds, zoals vroeger, op voorhand verkocht zijn." Volgens het tweetal neigt de trend naar grotere, gespecialiseerde bedrijven. Zo heb je nu al azalea's met hoge stam, of in piramidevorm, of met natuurlijke look, weg van het oma-product. Kortom, de azalea blijft een monumentje in de Vlaamse tuinbouw. JOZEF VANGELDER