Niets illustreert het Braziliaanse probleem beter dan de auto. De overheid deed er de voorbije jaren alles aan om de lokale autoproductie en -verkoop te stimuleren, maar liet na te investeren in aangepaste infrastructuur, met monsterfiles als gevolg. São Paulo, de economische hoofdstad van Brazilië, telt 20 miljoen inwoners en heeft nog altijd geen volledige ringweg. De bussen zitten overvol, en het netwerkje van de metro is amper 74 km lang. Dat is niet eens het dubbele van de metro in het veel kleinere Brussel.
...

Niets illustreert het Braziliaanse probleem beter dan de auto. De overheid deed er de voorbije jaren alles aan om de lokale autoproductie en -verkoop te stimuleren, maar liet na te investeren in aangepaste infrastructuur, met monsterfiles als gevolg. São Paulo, de economische hoofdstad van Brazilië, telt 20 miljoen inwoners en heeft nog altijd geen volledige ringweg. De bussen zitten overvol, en het netwerkje van de metro is amper 74 km lang. Dat is niet eens het dubbele van de metro in het veel kleinere Brussel. De kar voor het paard spannen, het is een Braziliaanse trek. De armen kregen geld, maar geen beter onderwijs. Dankzij uitkeringsprogramma's voor de minderbedeelden, zoals de Bolsa Familia, zakte de maatschappelijke ongelijkheid tot een vijftigjarig dieptepunt in 2011. Maar met een onderwijs van derdewereldniveau hebben de armen geen betere perspectieven. Het privéonderwijs is goed, maar duur. Ook kwalitatieve gezondheidszorg is alleen voor de happy few. Geld is het probleem niet. Brazilië boerde goed in het voorbije decennium, vooral dankzij de grondstoffenuitvoer. Het land hoefde geen banken te redden, en de overheidskassa doet het niet slecht. Vorig jaar bedroeg het begrotingstekort 2,5 procent en de overheidsschuld 58,6 procent van het bruto binnenlands pproduct -- cijfers waar veel westerse landen alleen maar van kunnen dromen. Om al dat moois te vieren, trakteerde de politiek met de Wereldbeker Voetbal in 2014 en de Olympische Spelen in 2016. Maar de Brazilianen pikken het brood en spelen niet meer. Meer dan een miljoen betogers kwamen op straat. Ze krijgen gelijk van Vlaamse ondernemers ter plekke. "Wat nu gebeurt, is fantastisch", zegt Ann Vanden Avenne. In 1999 richtten zij en haar Vlaamse man in Brazilië een bedrijf op dat kleefverband maakt voor allerlei toepassingen, van luiers tot zetelbekleding. "De politici hebben geen belang bij verandering", vervolgt ze. "Ze behoren tot de heersende klasse en bedienen hun familie met functies. Zolang het volk voetbal heeft, blijft het kalm, dachten ze. Wij vroegen ons vaak af hoever de Brazilianen het zouden laten komen. Maar nu zijn ze het echt beu." Ook Benoît Somers is nauwelijks verrast. "Het begon de spuigaten uit te lopen", zegt de directeur van het Braziliaanse filiaal van Frisomat, een Wijnegems bedrijf voor industriële loodsen. "Onder druk van de betogingen verwierp het parlement uiteindelijk een wetsvoorstel dat de macht van het openbaar ministerie beperkt bij onderzoeken naar corruptie, onder meer bij politici. In beschaafde landen zijn zulke wetsvoorstellen gewoon niet mogelijk. Het gebrekkige onderwijs houdt de mensen dom en manipuleerbaar. De Bolsa Familia dient om hun stemmen te kopen. Maar het volk wordt wakker. Ik woon al sinds 1998 in Brazilië, en heb nog nooit zulke grote betogingen gezien." President Dilma Rousseff heeft miljardeninvesteringen beloofd in het openbaar vervoer. De royalty's uit de ontginning van nieuwe olievelden zullen naar gezondheidszorgen en onderwijs gaan. Dat laatste komt rechtstreeks ten goede aan de economie, die in een aantal sectoren kampt met een tekort aan geschoold personeel en snel stijgende lonen. De zwakke productiviteit en de stroeve arbeidsmarktregulering komen daar bovenop. Voor de armtierige transportinfrastructuur is er beterschap op komst. De regering heeft plannen om de aanleg en het onderhoud van 17.500 kilometer aan wegen en spoorwegen in concessie te geven. Een pas aangenomen wet laat privé-investeringen toe in de verouderde en overvolle havens. "Brazilië is de grootste sojaproducent ter wereld, maar dat schaalvoordeel wordt tenietgedaan door het hopeloos inefficiënte transportsysteem", zegt de Vlaming Yves Lapere in São Paulo. Als vertegenwoordiger van de overheidsorganisatie Flanders Investment & Trade helpt hij Vlaamse bedrijven bij het zakendoen in Brazilië. "De vrachtwagens met soja moeten duizenden kilometers afleggen over een ondermaats wegennet. Om hun vracht te lossen in de haven staan ze in een file van twintig kilometer. Het zijn enorme meerkosten." Er zijn nog meer blokken aan het been van de Braziliaanse economie. Volgens een rapport van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) behoren de energiekosten van de Braziliaanse industrie tot de hoogste ter wereld. Braziliaanse bedrijven keren gemiddeld 67 procent van hun winst uit aan belastingen en taksen. Het berekenen en betalen van alle belastingen neemt 2600 uur in beslag, tegen een Zuid-Amerikaans gemiddelde van 392 uur. De overheid probeert het belastingsysteem te vereenvoudigen. Goedkope kredieten moeten de torenhoge commerciële intrestvoeten van meer dan 20 procent verlichten. Het blijven druppels op een hete plaat. De vele flessenhalzen hebben de concurrentiepositie van de Braziliaanse industrie de voorbije jaren fors uitgehold, met een verzwakkende export en een groeiende import als resultaat. Het handelsdeficit in industriële goederen bereikte vorig jaar een recordpeil. Daartegenover staat het groeiende handelsoverschot in landbouwproducten en delfstoffen. Zij maakten vorig jaar 63 procent van de Braziliaanse goederenexport uit, tegenover 34 procent voor industriële producten. De afhankelijkheid van grondstoffen heeft een prijs. De wereldwijde groeivertraging en de dalende grondstoffenvraag, vooral vanuit China, deden de Braziliaanse groei vorig jaar terugvallen tot een magere 0,9 procent. Weg zijn de groeivoeten van meer dan 5 procent uit het vorige decennium. Het einde van de grondstoffenbonanza legt ook de vele blokkeringen in de economie bloot. Brazilië zal die moeten aanpakken, en werken aan een innovatieve, conjunctuurbestendige industrie als nieuwe economische motor. Dan staat het paard eindelijk voor de kar. JOZEF VANGELDER"Wat nu gebeurt, is fantastisch. Wij vroegen ons vaak af hoever de Brazilianen het zouden laten komen. Maar nu zijn ze het echt beu" Ann Vanden Avenne (ondernemer in Brazilië)