"Kennis, een hoge efficiëntie en goed opgeleid personeel." "Geweldig goede ingenieurs in een extreem vriendelijk ondernemingsklimaat." Duffel wordt "het wereldwijde innovatiecentrum voor de activiteiten van Aleris in de autosector". Het regende complimentjes de voorbije week, toen de top van de Amerikaanse aluminiumproducent Aleris in Duffel neerstreek om een investering van 53 miljoen euro in een nieuwe koudwalserij aan te kondigen. Aleris mikt daarmee vooral op de autosector. Verwacht wordt dat de vraag van de autobouwers zal groeien, want om te voldoen aan de strengere uitstootnormen worden wagens steeds lichter. Een auto uit aluminium is 40 procent lichter dan een uit staal.
...

"Kennis, een hoge efficiëntie en goed opgeleid personeel." "Geweldig goede ingenieurs in een extreem vriendelijk ondernemingsklimaat." Duffel wordt "het wereldwijde innovatiecentrum voor de activiteiten van Aleris in de autosector". Het regende complimentjes de voorbije week, toen de top van de Amerikaanse aluminiumproducent Aleris in Duffel neerstreek om een investering van 53 miljoen euro in een nieuwe koudwalserij aan te kondigen. Aleris mikt daarmee vooral op de autosector. Verwacht wordt dat de vraag van de autobouwers zal groeien, want om te voldoen aan de strengere uitstootnormen worden wagens steeds lichter. Een auto uit aluminium is 40 procent lichter dan een uit staal. De man achter dat investeringsmanna is Jeroen Baan, de wereldwijde CEO van de afdeling wals- en extrusieproducten van Aleris. Sinds hij in 1980 zijn economiediploma behaalde, heeft de Nederlander vooral in het buitenland gewerkt. Hij was nauwelijks 23 toen hij aan het hoofd van het Shell-filiaal in Oeganda kwam. Hij bleef tot in 1996 werken voor de Nederlandse oliemaatschappij en bekleedde functies in onder meer Argentinië, Duitsland en Frankrijk. Mark Van der Geest, een vriend, ging met hem squashen in de brandende hitte van Oeganda. "Hij verloor. Hij kan heel goed tegen zijn verlies, zolang hij maar wint", liet Van der Geest optekenen in een portret in NRC Handelsblad. "Baan heeft een geweldige competitiedrang. Hij is heel erg gedreven en geeft nooit op. Zo'n instelling heb je ook nodig voor een baan op zijn niveau. Je moet niet tegen je verlies kunnen." Squashen is niet de enige sport die Baan heeft beoefend. "Hockeyen deed ik heel fanatiek en op hoog niveau", vertelt hij. "We trainden altijd in het Amsterdamse bos. Daar trainde ook de Ajax-selectie. Als die zaten uit te puffen, deden wij nog een extra rondje." In het zakenleven speelt Jeroen Baan al decennia aan de top. Hij fietste van de ene toppositie naar de andere. In 1996 trok hij naar SHV, een trader in energie en grondstoffen in de schoot van het Nederlandse familiale concern Fentener van Vlissingen. Die overstap maakte hij deels om privéredenen. Na zestien jaar internationale activiteiten wou hij zijn kinderen wat meer zien. Hij was inmiddels gescheiden van zijn echtgenote. Hij wou het zelfs wat kalmer aan doen. "In dat opzicht ben ik bijna religieus. In het weekend werk ik in principe niet. Ook als ik 's avonds thuiskom, kruip ik na het eten niet meer achter de computer." Toch duurde het niet lang voordat het buitenland weer lonkte. Bij SHV leidde hij al gauw de filialen in Duitsland en Frankrijk. In 2004 werd Baan directeur Europa van het toenmalige Mittal Steel van de Indiase staalmagnaat Lakshmi Mittal. Hij maakte vanuit een bevoorrechte positie de overnamestrijd om Arcelor mee. Mittal lanceerde in januari 2006 een vijandig bod op de Europese staalreus en won de strijd uiteindelijk in juni. Dat de weerstand zo heftig was, kwam volgens Baan onder meer doordat de Indiase staalonderneming relatief onbekend was. Maar er was meer, liet hij in een uitgebreide babbel met het Nederlandse ondernemingsblad Forum optekenen. "Waarom zouden wij westerlingen wel bedrijven in China en India mogen kopen en omgekeerd niet? Het is geen keuze, we moeten mee. In Nederland zijn we vooral bezig met het verdedigen van onze verworvenheden: er is veel negatieve energie. Voor velen is het een schok dat er mensen zijn met zo veel energie, zo'n wil tot opoffering en zo'n arbeidsethos. Dat wordt hier allemaal als bedreigend ervaren. Maar wij moeten daar deel van worden. Niet veranderen, is het licht van de zon ontkennen." Toch blijft Jeroen Baan geloven in Europa. Dat bewijst hij bij Aleris, waar hij in 2008 begon. In Duffel noemde hij Europa vorige week "nog altijd de grootste industriële macht van de wereld". WOLFGANG RIEPL, ILLUSTRATIE JENS CLAESSENS"Jeroen Baan kan heel goed tegen zijn verlies, zolang hij maar wint"