Econoom John Crombez (35), de West-Vlaamse lijsttrekker voor de socialisten op 7 juni, was jaren topmedewerker van de opeenvolgende sp.a-ministers van Begroting - Johan Vande Lanotte en Freya Van den Bossche. Hij is een coming man van de Vlaamse so-cialisten, debatteert met grote gretigheid en onderbreekt zijn opponent herhaaldelijk. Jurist Melchior Wathelet (31), die al iets verder staat in zijn politieke carrière maar eigenlijk ook nog wat groen achter zijn oren is, straalt meer de rust uit van de man die aan de macht is. Professor economie Wim Moesen, die uitgerekend op verkiezingsdag 7 juni 65 wordt, spreekt de sp.a'er vaderlijk met 'John' aan. Ook Wathelets kabinetschef Marc Schiepers noemt hij bij de voornaam. Het is duidelijk: Moesen is iemand met naam en faam, die geregeld contact heeft met de hoogste politieke kringen.
...

Econoom John Crombez (35), de West-Vlaamse lijsttrekker voor de socialisten op 7 juni, was jaren topmedewerker van de opeenvolgende sp.a-ministers van Begroting - Johan Vande Lanotte en Freya Van den Bossche. Hij is een coming man van de Vlaamse so-cialisten, debatteert met grote gretigheid en onderbreekt zijn opponent herhaaldelijk. Jurist Melchior Wathelet (31), die al iets verder staat in zijn politieke carrière maar eigenlijk ook nog wat groen achter zijn oren is, straalt meer de rust uit van de man die aan de macht is. Professor economie Wim Moesen, die uitgerekend op verkiezingsdag 7 juni 65 wordt, spreekt de sp.a'er vaderlijk met 'John' aan. Ook Wathelets kabinetschef Marc Schiepers noemt hij bij de voornaam. Het is duidelijk: Moesen is iemand met naam en faam, die geregeld contact heeft met de hoogste politieke kringen. MELCHIOR WATHELET (STAATSSECRETARIS BEGROTING, CDH). "De Hoge Raad voor Financiën stelde drie scenario's voorop: 2013, 2015 en 2019. Het middelste beschouw ik als de beste oplossing. Sneller gaan, is gewoon onmogelijk vanwege de gigantische economische crisis, die we niet nog meer mogen verergeren door meteen een grotere budgettaire inspanning te doen. Eind 2008 was extreem slecht. Het allergrootste deel van het tekort in 2008 kwam door de gigantische economische crisis." JOHN CROMBEZ (BEGROTINGSSPECIALIST SP.A). "Mikken op een evenwicht tegen 2015 betekent dat de volgende regering het zal moeten doen." WATHELET. "Indien we John Crombez hadden gevolgd, dan hadden we een nog groter tekort dit jaar. Wat vooral de volgende generatie zou treffen." CROMBEZ. "Onjuist. Het tekort zal voort oplopen als er niets gebeurt." WATHELET. "Tijdens de goede jaren (de jaren van de paarse regeringen waar de sp.a deel van uitmaakte, nvdr) hebben jullie niet de nodige maatregelen genomen. Dat zegt de Hoge Raad ook." WIM MOESEN (PROFESSOR ECONOMIE KU LEUVEN). "Het is de enige haalbare optie. Het stabiliteitsprogramma van de regering is een leidraad voor Europa. De EU zegt dat het tekort op de begroting groter mag zijn dan 3 procent van het bbp. Redenen zijn: de weerslag van de economische crisis en van de financiële hulpoperaties. "Europa kijkt ook naar de prestaties uit het verleden: landen met een schuld die minder bedraagt dan 60 procent van het bbp, mogen een extra impuls geven en hun tekort nog meer laten oplopen. Voor dat laatste komt België, dat ver boven die 60 procent zit, niet in aanmerking. De facto betekent het dat de deelstaten wat meer mogen doen. Hoe dan ook, 2009 zit op een lijn met wat Europa van ons verwacht." CROMBEZ. "Dit en volgend jaar zijn de belangrijkste om weer op het budgettaire stabiliteitsspoor te geraken dat Europa ons oplegt en in 2015 een evenwicht te bereiken. Het relanceplan dat is uitgedokterd, houdt echter structurele uitgaven in zoals de lastenverlaging van het interprofessioneel akkoord (IPA)." WATHELET. "Dat hadden we niet moeten doen?" CROMBEZ. "Ik heb een probleem met die structurele lastenverlaging omdat er geen enkele voorwaarde aan is verbonden voor investeringen en jobcreatie. Ze verhoogt enkel de reserves van bedrijven en heeft dit en volgend jaar geen impact op de economie. Nu moeten er tijdelijke en gerichte maatregelen met een multiplicatoreffect komen die de impact van de crisis op de begroting dempen. We zitten nu al met een tekort van 4 tot 5 procent - we weten het niet exact - omdat de terugval van de economie groter zal zijn dan wat is vooropgesteld." MOESEN. "De krimp is op 1,9 procent geraamd." CROMBEZ. "Inderdaad, maar het wordt meer. De jongste ramingen spreken van 3 tot 3,5 procent terugval van de economie. Voor mij doet het zogenaamde relanceplan niet wat moet." WATHELET. "Het interprofessioneel akkoord behelst een groot deel van het relanceplan - 800 miljoen van de 2 miljard - en ja, er zitten enkele structurele maatregelen in. Maar dat akkoord is in deze bijzonder moeilijke tijden een gigantisch stabiliserend element dat het vertrouwen opkrikt, wat broodnodig is. In het relanceplan zitten ook 400 miljoen voor het vroeger terugbetalen van de btw aan bedrijven, wat de liquiditeit van de ondernemingen ten goede komt. 400 miljoen besteden we aan het wegwerken van het ankerprincipe, dat de overheid haar facturen laattijdig deed uitbetalen. Dat is allemaal eenmalig en kost niets meer volgend jaar. De btw-verlagingen in de bouw en energiemaatregelen voor meer koopkracht idem dito." CROMBEZ. "De lastenverlaging in het IPA betaalt u gedeeltelijk door de afschaffing van lastenverlagingen voor jonge en oudere werknemers. Als econoom snap ik het niet dat u de twee zwakste groepen op de arbeidsmarkt duurder maakt in periode van crisis." MOESEN. "Het is een politiek compromis. Als econoom had ik veel liever allemaal eenmalige maatregelen gezien. En wat je doet, moet nuttig zijn. Het ideale schema was allerhande projecten in voorraad hebben. Europa gunt ons echter niet veel ruimte. En de politici moesten roeien met de riemen die ze hadden." CROMBEZ. "Ik ben het daar grotendeels mee eens, maar niet als het over Europa gaat. We mogen maatregelen nemen van Europa als we er onze begroting niet meer mee belasten. Het budget op orde brengen en daarmee ruimte creëren voor nieuwe maatregelen kan wel. Het tekort is niet alleen een gevolg van de crisis, maar is ook structureel." MOESEN. "Neen. Er komen geen concrete uitspraken over 2009 en 2010 omdat de toestand zo onzeker is. Er is het stabiliteitspact. Maar stel dat we de rentebonus vanaf 2000 hadden opgespaard, dan hadden we in 2007 een overschot van 2 procent. Het had ons enorm veel ruimte gegeven." CROMBEZ. "Klopt. En daar gaat de discussie in feite over als we het over de paarse jaren hebben. Vanaf 1993 zijn we, en dat is niet alleen paars, erin geslaagd de openbare schuld fors te verminderen. In de paarse jaren bedroeg de daling 30 procent en wij hebben ervoor gekozen om de intrestlasten die we zo uitspaarden, uit te geven aan lastenverlagingen voor bedrijven en personen, aan hogere uitkeringen, de verbetering van het zelfstandigenstatuut, enzovoort. Dat gaf een hogere economische groei en 200.000 nieuwe jobs. Dat is ook de begroting ten goede gekomen." WATHELET. (schakelt even over naar het Frans) "Uiteraard waren er ook goede maatregelen bij, maar die gaven geen hogere groei. België is een open economie en de invloed van het politieke beleid op de economische groei is marginaal. Wij hebben de logica omgedraaid met ons budgettair stabiliteitsprogramma. Ik heb veel liever een nominaal deficit van 0,5 procent en een structureel evenwicht. Dat verwijt ik aan paars: ze creëerde ogenschijnlijk een begrotingsevenwicht, maar in werkelijkheid was er een structureel deficit." MOESEN. "Niet het paarse beleid heeft de goede tijden veroorzaakt. De onderliggende tendens was goed. Het beleid deed er een tikkeltje bij. Hadden we niet iets beters kunnen doen met die rentebonus? Dan zaten we nu iets comfortabeler. En we mogen niet vergeten dat de begrotingsevenwichten van paars op het einde van het jaar werden bereikt door middel van kunstgrepen. We waren toen toch niet echt goed bezig." WATHELET. (prompt) "Met het overal nemen van maatregelen: ontvangsten, uitgaven, financieringswet, alternatieve financiering van de sociale zekerheid, staatsapparaat en dat op alle niveaus." MOESEN. "De verbetering van de ambtenarij heeft veel meer te maken met cultuur - de DNA van de ambtenaren - dan met budgettaire middelen. We moeten werken met meerjarenramingen. We moeten de kostprijs van grote beleidsinitiatieven op langere termijn, eens die maatregelen op kruissnelheid, meenemen in de begroting. Dat zal nieuwe uitgaven ontmoedigen. Nu begroot men vaak bij de start maatregelen voor de neus van de kameel, terwijl de rest van de kameel de volgende jaren tevoorschijn komt." MOESEN. "Dat heeft te maken met de kortzichtigheid van de politici." WATHELET. "Die aanpak van de begroting over meerdere jaren moet er komen. Een budgettair meerjarenperspectief zou ook een ondoordachte verkoop van gebouwen voorkomen. Ik ben in principe niet tegen de verkoop van gebouwen, maar finaal mag het de staat niet meer kosten." WATHELET. "Daarvoor moet u bij de Hoge Raad en de vergrijzingscommissie zijn. Wie ben ik om hun cijfers in twijfel te trekken?" MOESEN. (haalt een tabel boven) "Ik kom uit op een stijging van de kosten - 4 procent van het bbp tegen 2030 - die hoger is dan wat de hoge raad vooropstelt." WATHELET. "We moeten de vergrijzingskosten budgettair anticiperen, maar we kunnen niet voorbij aan wat vandaag haalbaar is. Een evenwicht in 2015 zal al bloed, zweet en tranen kosten." MOESEN. "De efficiëntste maatregel is meer mensen aan het werk krijgen." (T) Door Boudewijn Vanpeteghem en Daan Killemaes/ foto's Michel Wiegandt