Met stijgende verbazing kijken de Duitse christendemocraten naar elke nieuwe peiling in de aanloop naar de Bondsdag-verkiezingen van 26 september. Aanvankelijk leek de Union, het verbond van de CDU en de Beierse CSU, met kandidaat-kanselier Armin Laschet af te stevenen op een riante overwinning met meer dan 30 procent van de stemmen. De CDU/CSU zou de coalitiepartners voor het uitkiezen hebben. Maar nu steken de sociaaldemocraten van de SPD hen met 22 procent van ...

Met stijgende verbazing kijken de Duitse christendemocraten naar elke nieuwe peiling in de aanloop naar de Bondsdag-verkiezingen van 26 september. Aanvankelijk leek de Union, het verbond van de CDU en de Beierse CSU, met kandidaat-kanselier Armin Laschet af te stevenen op een riante overwinning met meer dan 30 procent van de stemmen. De CDU/CSU zou de coalitiepartners voor het uitkiezen hebben. Maar nu steken de sociaaldemocraten van de SPD hen met 22 procent van de stemmen in de peilingen voorbij. De CDU/CSU zou verschrompelen tot 20 procent. Zelfs de Groenen (17%) bedreigen hen. De oorzaak? De eigengereide manier waarop Angela Merkel haar opvolging probeerde voor te bereiden, schrijft Die Welt-journalist Robin Alexander in Machtverfall. Ze was zestien jaar bondskanselier en in haar partij zo goed als onaantastbaar. Haar zakelijke en kleurloze manier van beleid voeren werd een referentie, en Merkel zou zelf de opvolger aanwijzen die daar het dichtst bij aansloot. Annegret Kramp-Karrenbauer, de minister-president van de deelstaat Saarland, leek de voorbestemde nieuwe bondskanselier en werd daarom tot partijvoorzitter verkozen. Ze stapelde echter de flaters op. Kramp-Karrenbauer had een auto-ongeval, toen ze zich enkel en alleen voor een nieuwjaarsreceptie van Berlijn naar Saarbrücken liet rijden, 1400 kilometer heen en terug. En vooral: in 2020 maakte de CDU-afdeling in Thüringen haar belachelijk. Tegen de wil van de partijtop steunde die een deelstaatcoalitie met de liberale FDP, die gesteund werd door de rechts-radicale AfD. De coalitie hield maar een dag stand, maar Kramp-Karrenbauer moest aftreden. Merkel, die volgens Alexander altijd een specialist was in controle en micromanagement, raakte de regie kwijt. Er barstte een pijnlijke opvolgingsstrijd los. De centrale rol daarin speelden de conservatief Friedrich Merz, die Merkel haat, en de in de peilingen populaire Markus Söder, de minister-president van Beieren. Zij probeerden het de nieuwe favoriet van Merkel, de wat kleurloze Armin Laschet uit Noordrijn-Westfalen, het zo moeilijk mogelijk te maken. Laschet werd toch op het schild gehesen als kandidaat-kanselier, maar Merz eiste per direct een cruciale rol op in de regering. Söder maakte duidelijk dat hij vanuit Beieren druk zou zetten op het beleid. De Duitsers vinden dat geruzie maar niets.